Japanners breken schaatsrecords op drie afstanden

CALGARY, 4 MAART. Drie Japanse schaatsers hebben dit weekeinde een wereldrecord gereden bij wedstrijden in het Canadese Calgary. Hiroyasu Shimizu verbeterde het record van Dan Jansen op de 500 meter met 0,37 seconde. Hij kwam uit op een tijd van 35,39. Manabu Horii reed op de 1.000 meter een tijd van 1.11,67. En Hiroyuki Noake brak het record van Johann Olav Koss op de 1.500 meter in een tijd van 1.50,61.

Sprintnatie Japan faalt doorgaans op de grote toernooien en werd vorige maand op het WK nog verslagen door de Rus Klevsjenja. Maar met het oog op de Olympische Spelen over twee jaar in Nagano heeft Japan zich op het schaatsen gestort. Shimizu, die zich ondanks astma ontwikkelde tot een topsprinter, heeft nu al een startbewijs en kan zich volledig richten op de Spelen. De kleinste rijder van de wereld (1,62 meter) was bij het WK op de 500 meter al de vierde schaatser ooit onder de 36 seconden. Met het wereldrecord in Calgary maakte Shimizu zijn reputatie waar. “De race was nog niet eens perfect.”

Op de 1500 meter voltooide Noake de Japanse trilogie. Zijn race tegen de Canadees Marshall bracht het publiek in de Olympic Oval in extase. Noake versloeg zijn tegenstander met slechts éénhonderste van een seconde. Ook de Rus Anoefrijenko en de Amerikaan Boutiette reden onder de oude toptijd. “Ik wilde Marshall verslaan voor het klassement”, zei Noake. “Pas na de finish realiseerde ik mij welke tijd ik had gereden.”

De Japanse records hebben de Nederlandse schaatswereld wakkergeschud. Vooral de nederlaag op de 1.500 meter kwam hard aan. De eerste Nederlander werd zevende. “We moeten het roer omgooien”, zei Wopke de Vegt, coach van Ritsma. “Anders staan we straks bij de Olympische Spelen in Nagano met lege handen.”

Nederland worstelt met een all-roud-cultuur. De schaatsbond verdubbelde aan het begin van het seizoen met het oog op de WK afstanden en de Olympische Spelen over twee jaar in Nagano het aantal kernploegen om specialisatie te bevorderen. De 'specialisten' op de middenlange afstanden bleven zich echter wel richten op de EK en WK allround. “Nederland is nog niet toe aan specialisatie”, meende bondscoach Henk Gemser. “De schaatsers die bovenaan eindigden op de 1500 meter zijn alleen maar met die afstand bezig. Wij zijn beginners, dat is het verschil.” De Vegt rekende zichzelf het falen van Ritsma op de schaatsmijl aan. “In Nederland hanteren we denk ik de verkeerde trainingsschema's”, aldus De Vegt.

Ritsma had geen verklaring voor de nederlaag van de Nederlanders op de schaatsmijl. Hij noemde het heel triest. “Ik weet alleen dat ik zelf slecht heb gereden”, zei de Europees en wereldkampioen allround. “Ik had de 5000 meter van zaterdag nog in mijn benen. Bovendien heb ik de afgelopen week nog hard doorgetraind in Calgary. Ik wil pieken op de WK afstanden.” Hij richt zich op de 5000 en 10.000 meter, twee afstanden die hij in Calgary won. “Op de 1.500 meter is de concurrentie heel groot. Op de lange afstanden heb ik kans op een medaille.”

Ritsma won de 10.000 meter in een tijd van 13.51,14. De Haagse Belg Bart Veldkamp eindigde als zesde (14.01,56). Met zijn overwinning stelde Ritsma de eindzege in het wereldbekerklassement op de 5.000 en 10.000 meter veilig. Ritsma verdiende met een klassementszege op de 5.000/10.000 meter en de resultaten op de 1.500 meter bijna 30.000 gulden in het wereldbekercircuit.

Annamarie Thomas en Gerard van Velde verbeterden in Calgary de Nederlandse records op de 1.000 meter. Thomas reed 1.19,37, Van Velde 1.12,36. (ANP)