HARRY LAMMERTINK 1932-1996; Hard cartoonist

Harry Lammertink alias Yrrah, die zaterdag op 63-jarige leeftijd is overleden, maakte cartoons zoals Nederland die nadien niet meer heeft gehad: hard en meedogenloos vaak, en opgebouwd uit lijnen die diep in het witte papier leken te kerven. Steeds moeizamer kwamen zijn tekeningen tot stand, vaak pas na langdurig aandringen van Vrij Nederland dat meer dan dertig jaar lang zijn podium was. De laatste prent van zijn hand dateert van precies een jaar geleden: een nasmeulend ruïnelandschap, waar een man met zijn zoontje staat te kijken naar een speelgoedtankje, dat bij inworp van een gulden als mechanisch hobbelpaard dienst kan doen.

Zijn jongensjaren bracht Harry Lammertink in Apeldoorn door, waar astmatische bronchitis hem langdurig van school hield en waar hij privé-tekenlessen kreeg van een onderwijzer die zijn talent herkende. Op zijn achttiende kwam hij naar Amsterdam. Zijn eerste tekeningen verschenen vijf jaar later, in 1955, in Het Parool. Goedmoedige grapjes waren dat nog, maar zijn karakteristieke stijl was er al wel: schokkerige contouren, veel wit en opvallende buitenmodel-voeten voor de personages. Ze trokken de aandacht van internationale bladen als Esquire, Playboy, Punch, Lui en Stern, die in de jaren '50 regelmatig Yrrah-cartoons publiceerden.

Maar gaandeweg maakte hij zich los van de vriendelijke oubolligheid en sneed onderwerpen aan, die op de cartoon-pagina's van de grote familiebladen niet meer pasten. Zijn prenten gingen over ziekte en dood, religie, invaliditeit, verval en eenzaamheid. Hij tekende een naakte vrouw in een slagerij, wier lichaam op dezelfde manier was onderverdeeld en genummerd als de plaat van het varken aan de muur. Hij toonde het moderne landschap als een onherbergzaam oord vol injectienaalden en spuitbussen. Hij tekende blinden en kreupelen, gebouwen als afschuwwekkende monumenten van levenloosheid en monsterlijke vrouwen met dijen als vleesmassa's. Adriaan Morriën typeerde hem het best: “Harry is iemand die van zijn moordkuil een hart heeft gemaakt.”

In 1976 diende de toenmalige minister Van Agt van justitie een strafklacht in tegen een tekening van een zwangere non, met op de achtergrond een Jezus aan het kruis. De suggestie schokte het katholieke volksdeel, maar een rechtzaak is er niet van gekomen.

Het laatste jaar heeft Yrrah geen tekeningen meer gemaakt. Hij was al ernstig ziek.