De vrijheid van Markus Wolf

We zitten te praten in zijn stamcafé in het Nikolai Viertel, het gerestaureerde stadsdeel van Oost-Berlijn, dat vroeger de etalage van de DDR was. In rustige zinnen, waaruit verbazing èn bitterheid spreekt, vertelt Markus Wolf over zijn leven in het nieuwe Duitsland. De legendarische chef van de DDR-spionagedienst heeft zo zijn redenen om met wantrouwen naar zijn huidige vaderland te kijken. De voornaamste is wel dat hem nog steeds een veroordeling wegens landverraad boven het hoofd hangt.

Het proces tegen Wolf, dat nu al jaren voortsleept, dreigt een voorbeeld van Siegerjustiz te worden, rechtspraak met terugwerkende kracht door de 'winnaars'. De verbeten pogingen om Wolf te veroordelen, zijn een symbool voor de grondige poging om af te rekenen met de erfenis van de DDR. Misschien wordt de spionage-chef van de DDR wel zo vervolgd, omdat het inlichtingenwerk één van de weinigen terreinen was waarop het 'andere' Duitsland het Westen aftroefde. Je proeft de jalousie de métier.

Markus Wolf, die aan de andere kant van de tafel eerder een timide indruk maakt, stamt uit een joodse familie met sterke communistische overtuigingen. Zijn vader, Friedrich Wolf, was een bekende schrijver en arts in het vooroorlogse Duitsland. In 1933 publiceert hij het beroemde toneelstuk Professor Mamlock, dat de jodenvervolging in Hitler-Duitsland voor het eerst onder de aandacht van de wereld brengt. Vlak na de brand van de Reichstag slaat het gezin Wolf op de vlucht. Op mijn vraag of zo'n inbreuk op de huisvrede voor een tienjarige geen blijvend wantrouwen jegens de buitenwereld heeft opgeleverd, antwoordt hij ontkennend. Nee, eigenlijk heeft hij de twaalf jaren als emigrant in Moskou zich altijd geborgen en veilig gevoeld. Daaraan heeft hij naar eigen zeggen een tamelijk naïef gevoel van onkwetsbaarheid overgehouden.

Als Wolf in 1945 terugkeert in Duitsland voelt hij zich als een vreemdeling in eigen land. Hij veroordeelt de hoogmoed van de Duitsers die Hitler tot het laatste moment hebben gesteund en nu van geen schuld willen weten. Als zijn broer, die het uniform van het Rode Leger draagt, in Halle een toespraak houdt staat er op een bord 'landverrader' geschreven. Een woord dat later in zijn leven weer op zal duiken.

Op jonge leeftijd wordt Markus Wolf gevraagd om de buitenlandse inlichtingendienst van de DDR op te bouwen. Zijn bindingen met Moskou spelen daarbij een rol. Langzaam wordt de herinnering aan zijn jeugd overwoekerd door medeplichtigheid aan het staatssocialisme van de DDR. Hij maakt mee hoe het antifascisme steeds meer wordt vervalst tot een autoritair wereldbeeld. Treurig hoogtepunt is de naam die de Muur meekrijgt die dwars door Berlijn wordt gebouwd: Antifaschistischer Schutzwall. De DDR belichaamt de Duitse hoogmoed die van geen schuld wil weten.

Vanaf 1986, het moment dat hij uit de actieve dienst vertrekt, heeft Markus Wolf zich toegelegd op het beschrijven van zijn leven. Hij wil het verhaal van zijn familie redden vanonder de puinhopen van de twee landen die hij zijn levenlang heeft gediend en die nu niet meer bestaan: de DDR en de Sovjet-Unie. Die geschiedenis is meer dan enkel dienstbaarheid aan een dictatoriaal regime, hoezeer hij ook in algemene zin zijn verantwoordelijkheid aanvaardt. Wolf vraagt zich af: 'Haben wir umsonst gelebt?'. In zijn autobiografische boeken probeert hij die vraag te beantwoorden.

In Die Troika beschrijft Wolf drie jeugdvrienden in het emigranten-milieu van Moskou. Na de oorlog komen ze elkaar weer tegen in het verwoeste Berlijn: de een als officier van het Amerikaanse leger, de ander in het uniform van het Rode Leger en de derde tenslotte, als piloot van de verslagen Luftwaffe. Ze zullen elkaar niet meer uit het oog verliezen. Het is een verhaal over vriendschap over de scheidslijnen van de Koude Oorlog heen.

Het boek dat voor de val van de Muur verscheen en Wolf kortstondig de titel van Oostduitse Gorbatsjow oplevert, veroorzaakte in de DDR veel rumoer. Vooral vanwege de beschrijvingen van de terreur die hij meemaakte in het Moskou van de jaren dertig. Zo lezen we hoe de vader van één van zijn jeugdvrienden van de ene op de andere dag verdwijnt. Later constateert hij droog dat Duitse communisten hun leven in Moskou minder zeker waren dan in Berlijn, ook nadat Hitler de macht had veroverd.

Daarna heeft hij zijn indrukken van het jaar van de Wende, 1989, opgeschreven in In eigenem Auftrag. Met die titel worden op een slimme manier twee dingen tegelijk gezegd: hij handelde in 'eigen opdracht' en neemt zo alle verantwoordelijkheid op zijn schouders. Maar tegelijk zegt hij zo dat de inlichtingendienst die hij vijfendertig jaar leidde een aanzienlijke zelfstandigheid genoot. Gezien het gecentraliseerde

staatsapparaat van de DDR is dat moeilijk te geloven. De scheiding van extern inlichtingenwerk en de interne repressie in de DDR, waar Wolf voortdurend op hamert, is om dezelfde reden weinig overtuigend.

Wie zijn boeken leest, komt een man tegen die zich vastklampt aan zijn jeugd of beter zijn familiegeschiedenis. Uiteindelijk is zijn socialisme meer een loyaliteit jegens zijn vader en broer, dan de vereenzelviging met een idee. De behoefte aan continuïteit heeft het gewonnen van een geloof in omwenteling. Het is geen toeval dat twijfel pas echt de doorslag geeft na de dood van zijn broer Konrad, die filmmaker was en president van de Akademie der Künste in de DDR. Het communisme van Markus Wolf begint en eindigt als een familie-aangelegenheid.

De uren zijn snel verstreken. In het leven van Markus Wolf wisselen op een welhaast klassieke manier slachtoffer en dader van plaats: van communistische emigrant uit een joodse familie, via een voorbeeldige carrière onder het communisme, tot misschien wel landverrader in het verenigde Duitsland.

Niet alleen het proces heeft hem sceptisch gemaakt over zijn vrijheid in het nieuwe Duitsland. Wolf vertelt hoe hij, om in één keer een einde te maken aan de financiële onzekerheid van een heel klein pensioen, zijn autobiografie heeft verkocht aan de grote Amerikaanse uitgever Random House. Het boek is al twee jaar geleden ingeleverd, maar is vervolgens uitgekleed tot een spionageverhaal. Bij Random House zit niemand te wachten op subtiele beschouwingen over de verhoudingen in de DDR of literaire uitwijdingen over het werk van zijn vader. Wat ze willen is kort en goed The Memoirs of A Master-Spy. Momenteel probeert hij nog iets van de oorspronkelijke tekst overeind te houden.

Zo heeft de vrijheid van Markus Wolf een wel heel ironische wending genomen. Vijf jaar na de val van de Muur heeft hij zich verstrikt in het web van de vrije markt. Juist voor Wolf die zoveel belang hecht aan het redden van zijn levensverhaal, moet dat een pijnlijke ontdekking zijn. Men zou kunnen zeggen: wat Markus Wolf deze jaren overkomt is een koekje van eigen deeg. Hij die zoveel mensen aan een lijntje had, probeert de greep op zijn leven terug te winnen. Waarom zou men deze schaker, die zijn lopers kwijt is, al te sentimenteel bejegenen? En toch doet de roep om vergelding geen recht aan dit paradoxale leven tussen Duitsland en Rusland.