De gesmoorde lusten van een Victoriaan

Hoewel de waardering voor de ooit zo verguisde Victoriaanse schilderkunst de laatste decennia is toegenomen, probeerden de Engels critici elkaar toch te overtreffen in het kraken van de grote Leighton-tentoonstelling in Londen. “Ze hebben geen oog voor de zinderende sensualiteit van zijn vrouwenfiguren.”

Frederic Leighton 1830-1896. T/m 21 april, Royal Academy of Arts, Piccadilly, Londen. Openingstijden, dagelijks van 10-18 uur.

Ze zeggen dat Frederic Leighton (1830-1896) een mooie-plaatjesschilder was, een aangepaste fondant-kunstenaar wiens steriele doeken op cinemaformaat alleen de gaaplust wekken. Ze zeggen dat Leighton een Victoriaanse vunzerik was die zijn pin-ups met een mythologisch decor de schijn van verheven kunstzinnigheid gaf.

Ze vergeten dat het de mores van zijn tijd was om zijn passies te reven. Tenminste in het openbaar. In de gegoede Britse kringen waarin hij vanaf zijn geboorte verkeerde, golden vormelijkheid en onbewogenheid als hoogste waarden. Leighton zag zich dus gedwongen om zijn zinnelijkheid en hartstocht te verhullen, misschien ook voor zichzelf.

Maar het genot van het schilderen en het plezier in kleuren en vormen spetteren voortdurend van zijn doeken, ondanks een sluier van gestileerde onaanraakbaarheid. Dat geldt met name voor de landschappen en de vrouwenfiguren. Wat zijn meedogenloze critici beschouwen als zijn kille leegheid, is niets anders gesmoorde lust.

Leighton had de pech dat hij te vroeg succes had en dat hij door het establishment vervolgens werd doodgeknuffeld. Zijn debuut op 25-jarige leeftijd in de Londense Royal Academy was meteen een sensatie. Het formaat van het doek - 231,7 bij 520,9 centimeter - werd nog overtroffen door de pompeuze pretenties en de titel van het werk: Cimabue's Celebrated Madopnna is carried in Procession through the Streets of Florence; in front of the Madonna, and crowned with laurels, walks Cimabue himself, with his pupil Giotto; behind it Arnolfo di Lapo, Gaddo Gaddi, Andrea Tafi, Niccola Pisano, Buffalmaccom and Simone Memmi; in the corner Dante. Leighton hield nu eenmaal van technische volmaaktheid en feitelijke volledigheid. Zowel doek als titel imponeerden koningin Victoria die het neo-klassieke tafereel onmiddellijk kocht. Leightons naam was gevestigd.

De schrijver Henry James heeft zich in een van zijn korte verhalen door de figuur van Leighton laten inspireren. Dit verhaal beschrijft een man die niet kan leven zonder een bewonderend publiek. Leighton hongerde zo naar de waardering van zijn tijdgenoten dat hij zich hierdoor in zijn scheppingsdrang liet leiden. Hij gaf zijn klanten wat ze wensten: mythische voorstellingen, bijbelse taferelen, vol van symbolen en technisch perfect.

Zeker nadat Leighton in 1878 was gekozen tot president van de Royal Academy gedroeg hij zich meer als autoriteit dan als kunstenaar. In zijn oriëntaalse kunstmausoleum bij Holland Park ontving hij de toenmalige groten de aarde, kunstpausen en monarchen. Ook breidde hij de invloed van de Academy sterk uit, moedigde jonge kunstenaars aan en gaf een aanzet tot de opleving van de beeldhouwkunst in Groot-Brittannië.

Maar naarmate zijn macht verder uitdijde, verfletste zijn kunstreputatie. Volgens zijn biograaf Edgcumbe Staley was het afkraken van Leighton al aan het eind van zijn leven tot mode geworden. Zijn doeken werden als te kil en geconstrueerd beschouwd. Tijdgenoot Watts verzuchtte dat Leightons schilderijen zoveel aan kracht zouden hebben gewonnen als hij het toeval maar een kans gegeven had.

Na zijn dood raakte Leighton al snel in de vergetelheid. Nog in 1963 ging zijn beroemdste schilderij, Flaming June. van de hand voor vijftig pond. De lijst was vijftien pond duurder. Sindsdien is de Flaming June honderdduizenden keren vereeuwigd op platenhoezen, mokken, ansichtkaarten en posters. De Victoriaanse kunst heeft een herwaardering ondergaan. Maar honderd jaar na zijn overlijden blijft een overzichtstentoonstelling van Leighton omstreden: Britse critici wedijveren in het belachelijk maken van zijn werk.

Ze hebben geen oog voor de zinderende sensualiteit van zijn vrouwenfiguren. Ze zien niet hoe geraffineerd de stof om hun lijven bolt, bloust en spant. De adembenemende schoonheid die nog eens extra ontroert door een sfeer van onontkoombaar onheil - ze lachen erom.

Leighton heeft maar wat graag meegezwommen met de stroom van zijn tijd. Maar ook in zijn meest conformistische schilderijen toont hij een verrassende tegendraadsheid. Kijk naar May Sartoris, het schilderij van een vreugdeloze matrone van vijftien, gevangen in bastion van fluweel, bont en kant. Uit haar hooggesloten kraag gulpt onstuitbaar een fonkelrode sjaal als een ziedende bergstroom: het Victoriaanse tijdperk in al zijn gespletenheid verbeeld.

Of neem zijn huiselijke taferelen: Mother and Child en Music Lesson. Gespeend van pose en pretentie, geraffineerd van kleur en compositie en van een intense intimiteit. Ook zijn landschappen verrassen door hun vrije penseelstreek en de gedurfdheid van de kleuren, misschien doordat hij bij het maken hiervan nu eens niet hoefde te denken aan de verwachtingen van zijn eigentijdse publiek. Ze waren voor eigen gebruik bestemd.