Cubanen eren slachtoffers op roerige zee

A/B VALIANT, 4 MAART. Midden op de zee die de levens van zovele van hun land- en lotgenoten heeft geëist, buigen Cubaanse ballingen het hoofd in gebed, terwijl hun plezierjachten op metershoge golven een onstuimig ballet uitvoeren in elkaars directe nabijheid. Bloemen en kransen drijven langzaam weg. Op de achtergrond maken de onderzeebootjager Mississippi van de Amerikaanse marine en twee kotters van de kustwacht pas op de plaats. Dan naderen donderwolken uit de richting van Cuba en een snelle terugtocht naar de kust van Florida wordt noodzakelijk.

Slecht weer was zaterdag het grootste obstakel voor de ceremoniële herdenking van de vier Cubaanse ballingen die een week eerder omkwamen toen hun twee kleine vliegtuigen werden neergeschoten door MiG's van de Cubaanse luchtmacht in of nabij het luchtruim van Cuba. De herdenking had plaats op zee, in de lucht, maar ook op land in een met 60.000 mensen gevuld Orange Bowl-stadion in Miami. Het incident met de twee toestelletjes van de ballingenorganisatie Hermanos al Rescate (Reddende Broeders) heeft geleid tot een verslechtering in de relaties tussen Cuba en de Verenigde Staten, die vorige week strafmaatregelen namen onder meer in de vorm een aanscherping van het al meer dan drie decennia oude handelsembargo.

De ceremoniële herdenking van zaterdag was omgeven door strenge veiligheidsmaatregelen uit vrees voor dat nieuwe incidenten die tot een escalatie zouden kunnen leiden. President Clinton had een nationale noodtoestand uitgeroepen die hem de mogelijkheid gaf indien nodig krachtdadig in te grijpen. Washington had Cuba gewaarschuwd het flottielje van boten met ballingen met rust te laten, terwijl Hermanos al Rescate en andere ballingengroeperingen te verstaan was gegeven op geen enkele manier een Cubaans ingrijpen te provoceren. Elf vaartuigen van de kustwacht begeleidden het flottielje, dat zaterdagochtend vroeg vertrok uit Key West op het zuidelijkste puntje van Florida en slechts negentig mijl van de Cubaanse hoofdstad Havana. De Amerikaanse marine hield schepen paraat.

Het oorspronkelijke plan van de ballingen was om te varen naar de plek waar de twee vliegtuigen van Hermanos zijn neergeschoten. Volgens de ballingenorganisatie gebeurde dit boven internationale wateren, 21 mijl uit de Cubaanse kust; Cuba zegt de vliegtuigjes neergeschoten te hebben in het eigen luchtruim. Een ruwe zee met golven die soms een hoogte van drie meter bereikten, gooide echter roet in het eten. Gaandeweg moesten vooral de kleine vaartuigen het opgeven en met passagiers die groen zagen van zeeziekte terugkeren naar Key West. Van de 29 schepen in het oorspronkelijke flottielje namen er uiteindelijk slechts veertien deel aan de ceremonie, die drie uur werd vervroegd en plaatshad op een afstand van 36 mijl uit de Cubaanse kust.

Vanaf boten met namen als Rum Bum en Reel Easy, die doorgaans worden gebruik voor diepzeevissen, werden bloemen en kransen in de Straat van Florida geworpen. Eén van de kransen was in de vorm en kleuren van de Cubaanse vlag. De meeste schepen voerden Cubaanse en Amerikaanse vlaggen halfmast, naast een geel-rode vlag die hen voor de Kustwacht identificeerde als deelnemer aan het flottielje. Vliegtuigen van Hermanos en andere, soortgelijke groeperingen zouden later op de middag over de plek zijn gevlogen waar op 24 februari de twee toestellen werden neergehaald.

Aan boord van de kustwachtkotter Valiant prees commandant Ivan Luke de beslissing van de flottieljeleiding om niet verder door te varen. Aan dat besluit was overigens een hevige discussie tussen de kapiteins van de ballingenboten vooraf gegaan, te oordelen naar het radioverkeer dat aan boord van de Valiant kon worden gevolgd. Vooral 'Democratie 1' en 'Democratie 2', zoals de roepnamen van de flottieljeleiding luidden, leken ook in maritieme zaken niet te kunnen ontkomen aan de voor Cubaanse ballingen zo typerende richtingenstrijd.

De bijeenkomst in het honkbalstadion Orange Bowl in Miami diezelfde dag maakte veel goed van wat op zee en in de lucht niet helemaal uit de verf was gekomen. Ruim zestigduizend aanwezigen - bijna tien procent van de Cubaans-Amerikaanse gemeenschap in Zuid-Florida - hoorden gepassioneerde toespraken van onder anderen de Amerikaanse ambassadeur bij de Verenigde Naties, Madeleine Albright, en van de vader van één van de omgekomen leden van Hermanos, Armando Alejandre sr. De vier vliegers hebben in de ogen van de Cubaanse ballingen de status verworven van martelaar in de strijd tegen Fidel Castro. De Cubaanse leider zegt in een deze week in het weekblad Time gepubliceerd vraaggesprek, dat hij zelf de verantwoordelijkheid draagt voor het neerschieten van de twee toestellen.

Zaterdag was vooral een dag van symboliek voor de Cubaans-Amerikaanse gemeenschap. 'Een tijd van eenheid via land, zee, lucht', zo vatte The Miami Herald gisteren op de voorpagina de gebeurtenissen samen. Voor velen in deze gemeenschap heeft de Straat van Florida een bijzondere betekenis. Duizenden hebben de afgelopen 37 jaar sinds de Cubaanse revolutie de gevaarlijke oversteek naar de vrijheid gewaagd in soms wrakke bootjes of op vlotten gemaakt van de binnenbanden van tractoren. Sommigen verloren daarbij familieleden of vrienden in de golven.

Aan boord van kustwachtkotter Valiant vertelde de 37-jarige schrijver-journalist Armando de Armas hoe hij tot twee maal toe bijna het leven had verloren in de Straat van Florida. De eerste keer was toen hij in april 1994 met een groep andere Cubanen in een regen van kogels van de Cubaanse marine zijn land over zee ontvluchtte. Via de Mexicaanse kust belandde het gezelschap uiteindelijk in Miami. Vorig jaar nam De Armas deel aan een eerder flottielje van Cubaanse ballingen die eveneens in zwaar weer terechtkwam. De Armas' boot zonk en hij werd als laatste uit zee gehaald. De ceremonie van zaterdag bezorgde hem naar eigen zeggen “kippevel”. Vooral toen het Cubaanse volkslied werd aangeheven. Morir por la Patria es vivir. Voor het vaderland sterven is leven, zongen de ballingen.