Vrij!

MISCHA DE VREEDE: Tijdgeest

173 blz., Atlas 1995, ƒ 29,90

“Mijn moeder begon steeds meer in vrouwenhuizen rond te hangen en kreeg een relatie met een lesbische dichteres. Een heel gedeprimeerd type; het leek net de familie Doorzon zoals zij daar gedeprimeerd lag te wezen bij ons op de bank. Mijn vader ging toen ook proberen zijn homoseksuele identiteit te ontdekken. Want via zijn dromen was hij erachter gekomen dat hij altijd latent homoseksueel was geweest, dus heeft hij op een contactadvertentie geschreven van een of andere Amsterdamse homo en daar is hij toen naar toe gegaan. Lunchpakket mee en wij wuiven uit het raam: Nou sterkte pa! Maak er wat van!”

Aldus Cees van Enthoven, een van de negen personen die in Tijdgeest uitvoerig aan het woord komen over hun kindertijd in de jaren zestig en zeventig. Vrijwel zonder uitzondering hadden ze ouders die zich enthousiast lieten meeslepen door de vele trends in die periode, en de hoeveelheid tijdgeest die in het boek aan de orde komt is dan ook overstelpend. Een kleine greep: partnerruil, astrologie, zuurdesembrood en linksgedraaide yoghurt, het knopen van macramé en het schilderen van mandala's, Bhagwan en het synchroniciteitsprincipe van Jung, en uiteraard het beproefde kwintet van naaktlopen, feesten, drank, drugs en overspel.

Hoe verliep de opvoeding van kinderen in zulke kringen? Dat is de grote vraag waarop het boek een antwoord probeert te geven. Werden ze liefdeloos behandeld of zelfs ernstig verwaarloosd, zoals je tegenwoordig nogal eens hoort en zoals ook het enigszins moralistische voorwoord van Ite Rümke impliceert? Op grond van de interviews moet ik zeggen: nee, dat viel over het algemeen best mee. Afgezien van een grillige en waarschijnlijk geestelijk gestoorde moeder, is er eigenlijk maar één pure slechterik in de verhalen te vinden, en dat is nou net de enige die niets van de tijdgeest uit die jaren moest hebben: een uiterst bekrompen en kleinburgerlijke (om eens een kenmerkende term uit die tijd te gebruiken) stiefvader. Maar de meeste ouders en vriendinnen van vader en vrienden van moeder waren de kwaadsten nog niet.

Natuurlijk, ze waren op een overdreven en vaak chaotische manier 'bezig met zichzelf' en eisten van hun kinderen een identieke instelling van 'openheid' en al je emoties 'bespreekbaar maken en op tafel gooien'. Maar daar stond voor diezelfde kinderen een vrijheid en zelfstandigheid tegenover waar iemand die is opgegroeid in de starre jaren vijftig alleen maar jaloers op kan zijn.

Hoe de kinderen reageerden op dat specifieke milieu was - zoals bij elk ander type opvoeding - vooral een kwestie van karakter. De een kon het beter dan de ander, zo blijkt uit de verhalen in Tijdgeest, en tegenover het wat sombere relaas van twee dochters van kunstenaars, staan de tevreden woorden van Pragati en Viraj die in hun jeugd van de ene dag op de andere afreisden naar de Bhagwan in Poona. En dan is er de zelfs juichende toon van Pierrette Kluivers uit Eibergen: “Feesten, wilde feesten en naakt rondlopen om het huis! Dat kon gewoon niet in die tijd, daar werd ook over gesproken in het dorp. Maar mijn ouders waren hartstikke vrij, nog steeds hoor! Ik heb dat altijd fantastisch gevonden.” Mischa de Vreede heeft alles mooi en zorgvuldig weergegeven in lange monologen waarbij ze zichzelf zo veel mogelijk op de achtergrond houdt.