Vooroordelen

IEDEREEN KENT hem of haar wel, de oudere collega die de spil is van de afdeling. Als dergelijke figuren niet bestonden, zouden ze moeten worden uitgevonden. De werkelijkheid van het hedendaagse personeelsbeleid is wel even anders. Mensen van boven de vijftig komen vrijwel niet meer aan de bak, boven de veertig is het al heel lastig en zelfs dertigers stoten soms al de neus. Leeftijdsdiscriminatie leeft. Een telefonisch meldpunt dat ter gelegenheid van schrikkeldag was ingericht, werd overstelpt met boze bellers. Een aantal prominenten, die waren ingeschakeld om de telefoon te beantwoorden, schrok er duidelijk van.

Minister Melkert (Sociale Zaken) heeft een wet aangekondigd tegen leeftijdsdiscriminatie in personeelsadvertenties. Dat is in zoverre nuttig dat het nog eens onderstreept dat men mensen tekort doet door hen louter op een kalenderleeftijd te beoordelen. De bewijslast ligt met andere woorden bij degene die de leeftijdsgrens hanteert. Het is trouwens de vraag hoe lang Nederland zich een van de laagste percentages werkende mensen boven de 55 jaar in Europa kan blijven veroorloven. AL TE VEEL verwachtingen moet men van de juridische aanpak niet hebben, zo leert de ervaring van mensen die er bij de rechter tevergeefs bezwaar tegen hebben gemaakt om op hun 65ste verplicht te worden afgedankt - van hoogleraar tot schoonmaakster. In dit laatste geval overwoog de Hoge Raad vorig jaar deze tijd nog dat de pensioengerechtigde leeftijd weliswaar ter discussie staat doch “dat niet kan worden gezegd dat zij niet meer in overeenstemming is met de rechtsopvatting van brede lagen van de bevolking”.

Deze uitspraak herinnert er aan dat zo'n pensioengerechtigde leeftijdsgrens als valbijl niet op zichzelf staat, maar deel uitmaakt van een netwerk. De bezem moet evenzeer door allerlei andere leeftijdsgebonden bepalingen op het gebied van bank, verzekering en arbeidsvoorwaarden. De landelijke melddag leerde dat het om méér gaat dan alleen personeelsadvertenties. Een van de telefoonbeantwoorders was staatssecretaris Terpstra (Welzijn), die als Kamerlid al waarschuwde: “Werkelijk nodig is een fundamentele verandering van de samenleving waarbij niet langer van burgers wordt gevraagd zich aan te passen aan vooroordelen die vastgekleefd zijn aan een min of meer willekeurige kalenderleeftijd.” En vooroordelen zijn het, zei Terpstra nu ook als lid van het kabinet.