Vijftien ton TNT

Marie Desplechin: Trop sensibles. Uitg. de l'Olivier, 201 blz, Prijs ƒ 41,55.

De bundel Trop Sensibles is het prozadebuut van de Franse schrijfster Marie Desplechin (36), die tot nu toe alleen kinderboeken publiceerde. Acht verhalen bevat de bundel, over alledaagse situaties van gewone mensen. Het leven is iets dat ze overkomt. Het is banaal, treurig maar ook absurd en daardoor valt er gelukkig genoeg te lachen.

De verhalen lijken op een willekeurig moment te beginnen, steeds is het leven van de personages al in volle gang. Doordat ze op een onnadrukkelijke, haast terloopse manier zijn geschreven lijkt het of de gebeurtenissen net zo goed niet verteld hadden kunnen worden. Maar die terloopsheid is bedrieglijk. In schijnbaar toevallige, onverwachte momenten weet Desplechin de waarheid te vatten. Zoals het licht motten gevangen houdt, zo houdt zij haar personages gevangen, en maakt hun innerlijk zichtbaar. Zo krijgen haar verhalen betekenis en noodzaak.

In het tweede verhaal Op zee laat een vrouw zich, ondanks haar bedenkingen, overhalen om een ochtendje te gaan zeilen met haar minnaar en diens vader. De lucht is strakblauw, de zee kalm, het gezelschap aangenaam. Zo kabbelt het verhaal voort, totdat het weer omslaat. De vrouw wordt zeeziek en de stemming daalt.

In de gespannen sfeer tekenen de verhoudingen tussen de personages zich plotseling haarscherp af. De relatie tussen vader en zoon blijkt ernstig verstoord. Beiden zijn opgesloten in hun woede: 'Als ze van elkaar willen blijven houden, moeten een vader en zoon elkaar op afstand liefhebben, en behoedzaam. Want het is afstand wat ze nodig hebben, allebei, om elkaar te ontmoeten en te begrijpen. Als het no man's land dat hen scheidt inklinkt en afbrokkelt ontstaat er wrijving en raken ze geïrriteerd. (-) Het enige dat overblijft is twee keer vijftien ton TNT in afwachting van de klap.' De ontknoping komt, net als in de andere verhalen in deze bundel, met een omslag op het laatste moment. De boot legt aan, de passagiers krijgen weer vaste grond onder de voeten en laten met de deining ook de problemen achter zich. Aan wal wordt de tafel voor de lunch gedekt, passerende wandelaars groeten het gezelschap discreet. Er is geen vuiltje meer aan de lucht.

Met haar vermogen om het absurde bloot te leggen in alledaagse situaties, haar droge manier van vertellen en de afwezigheid van moraal plaatst Marie Desplechin zich in de traditie van Amerikaanse verhalenvertellers als Raymond Carver en Dorothy Parker. Ook Desplechin haalt haar personages uit een burgerlijk, typisch middenklasse milieu. De toon in Parkers verhalen is wat lichter, Carver is somberder maar de humor is bij alle drie hetzelfde: zwart, pikzwart.