Roel Pieper gaat de koers van Tandem verleggen

De boomlange Roel Pieper was een veelbelovend basketballer toen hij in dienst trad bij het Duitse bedrijf Software. Dat was het begin van een carrière die hem aan de top bracht van de Amerikaanse computerfabrikant Tandem. Pieper gaat de koers bij supertanker Tandem verleggen. “Je moet in deze industrie nooit denken dat je iets nieuws kunt bedenken.”

Roel Pieper zie je niet over het hoofd - hij is 1.99 meter lang. “Bij de keuring voor militaire dienst ging ik extra rechtop staan, want wie te lang was werd destijds nog afgekeurd”, zegt hij in de lobby van het Plaza Hotel in New York. Pieper is in New York voor ontmoetingen met analisten en redacteuren van Bloomberg Business News en Business Week. Sinds een maand is Roel Pieper de topman van Tandem Computers, een producent van grote computers in Cupertino (Californië).

De 39-jarige Pieper heeft al een veelbelovende loopbaan achter zich. Nog voor hij summa cum laude afstudeerde in wiskunde en informatica aan de TH in Delft had hij al een baan bij Software AG, een Duits bedrijf in software. Pieper, die als een van de eersten in Nederland afstudeerde in informatica, deed al advieswerk voor bedrijven, waaronder Unilever. Ook Software AG kwam langs en Pieper stelde een radicale reorganisatie voor. “Ik had een vernietigend oordeel over het bedrijf en werd meteen aangenomen.”

Pieper speelde in die tijd ook intensief basketbal, onder meer bij Juventus in Schiedam, en haalde uiteindelijk het nationale Nederlandse jeugdteam. In Duitsland kwam hij semi-professioneel uit voor een team in de tweede Bundesliga. Op z'n achttiende, ook in Duitsland, had Pieper buiten zijn schuld een enstig motorongeluk. “Alles was gebroken, behalve mijn rug en mijn nek”, vertelt hij. “Ik ging helemaal in het gips en was zeven maanden uit de running.” Hij is ervan overtuigd dat het ongeluk van grote invloed is geweest op de weg die hij is ingeslagen: “Tijdens het ziekbed had ik alle tijd om na te denken.”

Pieper bleef tien jaar bij Software AG. Hij leerde begrijpen hoe een bedrijf werkt en kreeg een goede kijk op de dynamiek tussen verschillende afdelingen, zoals produktie en verkoop en daarboven het management. Pieper vindt het jammer dat de 'general manager' aan het verdwijnen is. Ook bij zijn huidige bedrijf Tandem merkt hij het. “Een goede general manager is nog steeds moeilijk te vinden, vooral hier in de Verenigde Staten”, zegt Pieper. “Iedereen heeft zich gespecialiseerd en weet alles van een heel klein stukje.”

Pieper klom langzaam op binnen het Duitse Software. In 1987 leek het na de oktobercrash op de aandelenmarkt, toen de dollar laag stond, een goed moment om de Amerikaanse distributeur van Software-produkten over te nemen. Pieper werd door zijn bedrijf naar New York gestuurd om ze maar eens even te gaan vertellen hoe het voortaan moest. Pieper kwam, zag en... liet zich overtuigen. “We moeten weg van de mainframes, zei ik na een jaar New York tegen mijn collega's in Duitsland. PC's en Unix hebben de toekomst.”

Tijdens zijn verblijf in de Verenigde Staten had Pieper goede contacten gekregen bij AT&T, de telefoonmaatschappij die ook in computers was gegaan. Zo kreeg hij een baan aangeboden bij Unix System Laboratories (USL), een divisie van AT&T die een open besturingssysteem voor computers had ontwikkeld. Unix heet ingewikkeld te zijn, maar het heeft het voordeel dat het verenigbaar is met alle bestaande microprocessors. De Unix-activiteiten binnen AT&T waren verspreid en Pieper kreeg opdracht om ze bij elkaar te brengen en een nieuw bedrijf te creëren. “Ik wilde ook proberen om bedrijven te overtuigen dat Unix een aanvaardbaar commercieel aantrekkelijk platform kan zijn”, zegt hij. Maar voordat Pieper orde op zaken kon stellen, verkocht AT&T de USL-divisie aan softwarebedrijf Novell.

“Ik wist dat ik niet mee zou gaan naar Novell, want mijn werk was in feite gedaan”, zegt Pieper. “Ik had echter met Ray Noorda van Novell wel plannen gemaakt voor de toekomst van Unix. Wij wilden het samenvoegen met Netware, het besturingssysteem van Novell.” Netware is evenals Unix, Windows van Microsoft en OS/2 van IBM een besturingssysteem. Door de samenvoeging van Netware en Unix had Novell een vuist kunnen maken tegen Microsoft maar, zegt Pieper, 'bij Novell waren ze zeer eigenwijs'. Noorda vertrok en van de plannen kwam uiteindelijk niets terecht. Novells Netware is vandaag geen noemenswaardige concurrent van Windows en Novell stagneert.

“De modewoorden van dat jaar waren netwerktechnologie en information superhighway”, zegt Pieper, die in 1993 opeens weer op straat stond. Min of meer toevallig kwam hij in aanraking met Tandem Computers en hij werd gevraagd om Ungermann-Bass Networks, een dochteronderneming van Tandem, te gaan leiden. UB is gespecialiseerd in netwerken en dus ook Internet. Pieper zorgde voor een succesvolle reorganisatie en een nieuwe serie produkten.

Moederbedrijf Tandem was intussen door harde concurrentie in moeilijkheden geraakt. Tandem maakt zogeheten fault-tolerant computers, hetgeen betekent dat ze nooit uitvallen. Het bedrijf kan er op bogen dat zijn computers de ruggegraat vormen van aandelenbeurzen, luchtvaartreserveringssystemen en geldautomaten. Als met één klap alle Tandem-computers uit de wereld zouden verdwijnen, zou gans het raderwerk stil komen te staan. Tandem, dat in 1974 ontstond, was aanvankelijk heer en meester op zijn eigen gebied. Het was echter te exclusief en tevens te duur zodat het klanten verloor. De klanten wilden systemen die verenigbaar waren met Unix en gingen daarom winkelen bij Hewlett-Packard, Sun Microsystems en IBM. In 1993 was er een herstructurering en de server Himalaya het jaar daarop deed het bedrijf weer goed. Vorig jaar bleek echter dat het management niet was opgewassen tegen de complexiteit van de markt.

Na verlies in 1992 en 1993 boekte Tandem in 1993 een netto winst van 170 miljoen bij een omzet van 2,1 miljard dollar. In het boekjaar 1995 was de winst weer teruggelopen tot 107 miljoen bij een omzet van 2,2 miljard dollar. Het eerste kwartaal van het gebroken boekjaar 1996, dat op 31 december eindigde, liet zelfs een dalende omzet zien.

Tandem-topman James Treybig kreeg steeds meer kritiek te verduren en zijn kapitaalverschaffer en bestuurslid Thomas Perkins verklaarde in 1994: “We zijn niet met Jimmy getrouwd.” Treybig probeerde het nog, maar tevergeefs. “Het vertrek van Jim was moeilijk”, zegt Pieper. “Hij was het bedrijf begonnen en had nog steeds de leiding. Gelukkig hadden we een goede verstandhouding, want we spelen samen racketball. Ik heb lang en veel met hem gepraat en uiteindelijk trok hij de juiste conclusie.”

Pieper neemt Tandem nu over en heeft duidelijke plannen. Zijn benoeming ontlokte John Jones, een analist van Salomon Brothers, het zure commentaar dat Pieper te veel een insider was. Pieper is er laconiek onder. “Ik heb inmiddels de naam een hi-tech turn around-artiest te zijn”, zegt hij lachend. “Tandem heeft dat nu nodig, tien keer meer dan ooit tevoren.”

Pieper ziet zijn taak als een koersverlegging van een supertanker die 22 jaar in dezelfde richting heeft gevaren. Pieper zei tegen zijn werknemers: “De klok tikt te langzaam bij Tandem.”

Pieper: “Tandem heeft zijn eigen zandbak, het marktsegment van de fault tolerant computers en daar zouden we in kunnen blijven. Maar dat is consolidatie en geen groeistrategie. I'm betting the company.” Hij tekent een piramide die de computermarkt voorstelt. Bovenin prijkt Tandem met een bescheiden plaats in de top van de markt. Daaronder zitten workstations die op Unix lopen en waar IBM, Hewlett-Packard en Sun actief zijn. Pieper wijst aan hoe Tandem naar het segment onder de top moet uitbreiden. Niet in Unix, maar in Windows NT, het besturingssysteem van Microsoft dat gericht is op de bedrijfsmarkt.

Windows NT begint volgens Pieper nu op te komen als het platform voor bedrijven. “Je moet in deze industrie nooit denken dat je iets nieuws kunt bedenken, want het is bijna altijd al eerder gedaan”, zegt Pieper. “Wat Hewlett-Packard met Unix heeft gedaan, gaan wij doen met Windows NT.” Pieper ziet nog heel wat werk voor de boeg want de uitvoering is nog een flinke klus. Maar hij is optimistisch over een samenwerking met Microsoft: “Ik heb aan mijn Unix-tijd een goede relatie overgehouden met Bill Gates en Steve Ballmer.”

Hoewel Pieper al lang weg is uit Nederland volgt hij de ontwikkelingen nog wel. Hij heeft twee jaar geleden een delegatie beleidsambtenaren van Binnenlandse Zaken toegesproken over het gebruik van het Internet. Staatssecretaris Kohnstamm (Binnenlandse Zaken) is daarna op persoonlijke titel nog een keer langs geweest. Pieper vindt dat de Nederlandse overheid een stimulerende rol moet spelen, vooral bij het gebruik van Internet dat 'enorme mogelijkheden' biedt. “Nederland moet uitkijken dat het niet achter gaat lopen”, vindt hij. “Er zijn altijd Europese landen die nog verder achter zijn, maar daar moet je niet naar kijken. Nederland is bij uitstek een transportland, ter land, ter zee en in de lucht. Informatietransport past daar ook in.” Pieper weet dat er ook Nederlandse bedrijven zijn die voorop lopen bij informatietechnologie, maar 'dat zijn nog te veel clubjes'.

Terwijl er boven New York City een sneeuwbui hangt, steekt Pieper even later Fifth Avenue over, op weg naar zijn volgende afspraak. “Ik kan het me bijna niet voorstellen, maar over een paar dagen ben ik thuis alweer aan het zeilen.” Pieper woont in Californië in een voor die streek bijzonder oud huis uit het begin van deze eeuw met zijn tweede vrouw Ricka en vijf zonen van wie twee uit het eerste huwelijk.

Pieper werkt in Silicon Valley, nog altijd de high-techhoofdstad van de wereld. “Het klimaat is er nog steeds goed voor mensen met ideeën, maar er wordt ook hard gewerkt”, zegt Pieper. “Je kunt miljonair worden maar de meeste mensen vergeten vaak dat slechts een op de dertig bedrijven het haalt.” Toch is er volgens Pieper in Amerika voor een goed idee altijd kapitaal te vinden. Daarna is er een 'doorstart' en vervolgens fuseert een bedrijf of het gaat zelfstandig naar de beurs. Pieper: “Dat is wat je vaak ziet. Wat ik nooit heb begrepen is waarom dat in Nederland veel minder gebeurt. Er zijn toch ook genoeg mensen met ideëen en er is voldoende kapitaal en ondernemingsgeest. Mensen moeten meer hun nek durven uitsteken.”