Kunstraad gelooft niet in Museum van het Verzet

AMSTERDAM, 1 MAART. De Amsterdamse Kunstraad adviseert de gemeente Amsterdam niet in te gaan op het verzoek van het Verzetsmuseum in de hoofdstad om een subsidie van 2,4 miljoen gulden. Een zelfstandig voortbestaan van het museum zou weinig perspectief bieden en het zou beter zijn wanneer het Verzetsmuseum samenwerking zoekt met andere musea. Het advies van de Amsterdamse Kunstraad aan het college van B en W over het subsidieverzoek van het Verzetsmuseum verscheen vanochtend. Burgemeester Patijn had om het advies gevraagd.

Het Verzetsmuseum wil naar een grotere behuizing. Het is nu gevestigd in een voormalige synagoge in de Amsterdamse Rivierenbuurt. Het bestuur heeft zijn oog laten vallen op het Planciusgebouw tegenover Artis. Voor de verhuizing heeft het ministerie van VWS al 2,4 miljoen in het vooruitzicht gesteld. Van de gemeente wil het museum eenzelfde bedrag.

Volgens de Kunstraad zal de exploitatie van het museum op de beoogde locatie veel duurder uitvallen dan door het museum zelf is becijferd. “Na de verhuizing naar het Planciusgebouw zal sprake zijn van jaarlijks terugkerende grote tekorten”, aldus de raad. Vorig jaar kreeg het museum van de gemeente 168.000 gulden subsidie. De Kunstraad stelt dat de gemeente ook in de toekomst geld moet blijven vrijmaken voor het Verzetsmuseum ten behoeve van samenwerking met een ander museum.

Het museum, dat vorig jaar tien jaar bestond, is een initiatief Amsterdamse verzetskringen. Jaarlijks komen er ongeveer 20.000 bezoekers.