Rabo: weinig groei in kredietverlening aan kleinbedrijf

UTRECHT, 29 FEBR. De vraag naar nieuwe kredieten in de agrarische sector en het midden- en kleinbedrijf is vorig jaar nauwelijks gegroeid. Dit blijkt uit de jaarcijfers over 1995 die de Rabobank gisteren heeft gepresenteerd.

Rabo haalde een netto winst van 1,427 miljard gulden, 11 procent hoger dan in 1994. Het balanstotaal nam toe met 9,1 procent tot 293,5 miljard gulden.

In plaats van te investeren hielden veel Nederlandse bedrijven, met name in de detailhandel, volgens Rabo-topman H. Wijffels hun middelen liever aan op rekening-courant en deposito's. Deze post op de Rabo-balans nam met 13 procent toe tot 71 miljard gulden. Kredieten aan de agrarische sector bleven nagenoeg gelijk op 41,1 miljard gulden, en de kredietverlening aan het overige bedrijfsleven nam met ruim zes procent toe tot 69,2 miljard gulden.

Kredieten aan particulieren stegen daarentegen fors, met bijna 13 procent, tot 79,5 miljard gulden. Veel van die groei kwam voor rekening van de hypotheek

PAG.22EMU-CRITERIA

sector, waar Rabo marktleider is in Nederland. Volgens Wijffels geeft dit een duidelijk beeld van de Nederlandse economie: bedrijven twijfelen over investeringen en de consumenten steken hun geld liever in het eigen huis dan in consumptieve uitgaven. Rabo verwacht voor dit jaar een lagere economische groei, van zo'n twee procent.

De groei van de totale kredietverlening met 8 procent tot 193 miljard gulden vertaalde zich bij de Rabo nauwelijks in hogere rente-inkomsten, die per saldo met 2,4 procent stegen tot 6,389 miljard gulden. De rentemarge nam af van 2,39 procent tot 2,27 procent, als gevolg van de lagere rentestand en toenemende concurrentie in de bancaire sector.

De inkomsten uit provisies daalden licht van 1,1 miljard gulden tot 1,07 miljard gulden. Topman Wijffels verklaarde die lichte daling uit de afschaffing of verlaging van tarieven voor het betalingsverkeer, waartoe de Rabo vorig jaar overging.

De groei van de baten van Rabo, met 4,5 procent tot 8,609 miljard gulden, werd grotendeels gered door het resultaat uit financiële transacties, de activiteiten van de bank op de financiële markten. Dat resultaat vervijfvoudigde tot 272 miljoen gulden, na het teleurstellende jaar 1994.

De lasten van Rabo namen toe met 5,3 procent tot 6,533 miljard gulden, met name door een forse stijging van de personeelkosten met 6,5 procent. Dit is volgens Wijffels vooral te wijten aan een daling van het tempo van personeelreductie, en hogere lonen door het stijgende opleidingsniveau van het personeel. De toevoeging aan de post waardeveranderingen van financiële vaste activa, de voormalige stroppenpot, bleef gelijk op 840 miljoen gulden. Dat de netto winst met 11 procent harder steeg dan het bedrijfsresultaat, dat met 7 procent toenam tot 2,076 miljard gulden, dankt Rabo aan een afname van de belastingdruk. Die afname werd mede gerealiseerd door het fiscale voordeel uit versnelde afschrijvingen door de techno-lease-constructie, waarmee Rabo de patenten en octrooien van Fokker in 1994 overnam.