Peper loopt door gifwolk zijn appelbeignets mis; Stratenmaker in Hoogvliet wist van niets. Met een biertje heeft hij de chloorsmaak weggespoeld.

ROTTERDAM, 29 FEBR. Restaurant De Sluiskop in Pernis ligt in een afgelegen kleine woonwijk omgeven door industriegebieden en havens aan de zuidoever van de Nieuwe Maas. Het was er gistermiddag bijna uitgestorven. De chefkok zit in de keuken met zijn armen over elkaar. “Burgemeester Peper had vijfhonderd appelbeignets besteld voor vanmiddag, maar we kunnen nu natuurlijk de deur niet uit. We hebben maar afgebeld”, zegt hij. Buiten trekt een dreigende rookwolk over de dijkweg. Er hangt een scherpe chloorlucht.

Slechts een enkele bewoner slaat de waarschuwingen van de crisisstaf in het stadhuis in de wind. Via radio Rijnmond worden bewoners opgeroepen binnen te blijven, ramen en deuren te sluiten en de berichten van de autoriteiten via de radio te volgen. Burgemeester Peper herhaalt een aantal malen dat de volksgezondheid niet in gevaar is. De telefoon van de Gemeentelijke Gezondsheids Dienst (GGD) staat roodgloeiend. Mensen bellen over opgezette, geïrriteerde ogen, kelen en over ademhalingsmoeilijkheden. De GGD zegt dat deppen met schoon water veelal volstaat, en laat weten dat de oranje stof onschadelijk is. Op de radio waarschuwt de PTT dat de lijnen overbelast raken. De Woningbedrijven raden bedrijven en bewoners aan de centrale ventilatie uit te zetten of af te plakken. Kamerlid R. Poppe van de Socialistische Partij zegt dat het onverantwoord is om chemische bedrijven te handhaven op industriegebieden die vlakbij woonwijken liggen.

Aan de bar van De Sluiskop klagen bewoners erover dat ze niet zijn gewaarschuwd. Een stratemaker was 's ochtends in Hoogvliet aan het werk, maar heeft nooit de indruk gekregen dat het om een ramp ging: “Wij hebben geen sirenes gehoord. Van de politie heb ik ook niets gehoord. Wij hebben eerst nog even de straat dichtgemaakt”, vertelt hij. Plotseling viel de chloorlucht hem op. “Mijn ogen voelden alsof ik lang met mijn ogen open onder water heb gezwommen in het zwembad. En in mijn keel voelde het vreemd. Dat heb ik met een biertje maar even weggespoeld”, zegt hij.

Een nieuw sirenesysteem werd in september in gebruik genomen en feestelijk door minister Dijkstal gepresenteerd. Voortaan zou per stadsdeel een sirene loeien als dat nodig is, en niet overal in Rotterdam. “Het systeem verkeert nog in de proeffase, er wordt nog mee getest. Het verloopt nog niet helemaal naar wens”, verklaart de brandweercommandant later in het stadhuis.

In het restaurant vindt een grote bebaarde man “al die ophef over zo'n gifwolk” overdreven: “Ach, wij weten dat we hier op een tijdbom leven.” Buiten kijkt een jongen op een fiets naar een cameraploeg. Binnen blijven doet hij niet, “want ik merk er niks van”. Hij is vroeg thuisgekomen van school. “De leraar zei dat er een gifwolk aan kwam en dat we binnen moesten blijven. Maar even laten mochten we toch naar huis”, vertelt de jongen.

De bus rijdt aan het begin van de middag nog, later op de dag onregelmatig. In totaal vielen er drie busdiensten uit. De regionale busmaatschappij RET rijdt met een paar bussen de haltes langs om wachtende passagiers te informeren. Bewoners, werknemers en vrachtwagens die Pernis en Heijplaat in willen, worden vanaf het begin van de middag op de toegangswegen tegengehouden. “Zelfs wij mogen niet het gebied in. Veels te gevaarlijk”, zegt een politieman bij de afslag Heijplaat. Achter hem ontvluchten enkele bewoners Heijplaat met de auto.

Intussen probeert de brandweer aan de noordoever van de Maas in de Keilehaven de brand te blussen. Voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog is het rampenplan van de haven in werking getreden, en nog nooit hebben de hulpdiensten bij een calamiteit in deze omvang samengewerkt. Bluswagens, ladderwagens, hoogwerkers, waterkanonnen, politiewagens en politiemotoren rijden af en aan. Korpsen uit Vlaardingen, Maassluis, Capelle en zelfs Den Haag werken mee. Een helikopter verkent vanuit de lucht de brandhaarden. Op de Keilestraat staat een geïmproviseerd veldhospitaal voor gewonde brandweerlieden. Het personeel van de GGD heeft de gehele middag niets te doen, op wat klachten over de luchtwegen na.

Ruim honderd brandweerlieden zijn bezig, terwijl vijftig anderen hen aflossen. Veertig politiemensen zijn op de Keileweg aanwezig. De brandweer kan tot het begin van de avond de loods niet in, omdat goederen de deuren blokkeren. “We hebben vreselijk geluk met de wind. Als die noord of oost had gestaan, was de hele stad en om te beginnen Spangen in de problemen gekomen. Dan was ook de paniek onder de bevolking veel groter geweest”, zegt een brandweerman. Bussen brengen steeds nieuwe ploegen brandweermannen. Een politieman laveert met een krat vol broodjes tussen de televisieploegen door over het terrein. “Leuk hè?”, zegt hij tegen een brandweerman, die langs komt rennen. De brandweermannen zijn met gasmaskers uitgerust, want de rookwolken bevatten giftige stoffen.

Welke stoffen er bij de brand vrijkwamen blijft lange tijd onbekend en de brandweer wil geen enkel risico lopen. Onder de zeventien mensen die met ademhalingsmoeilijkheden zijn opgenomen in de ziekenhuizen in de stad zijn drie brandweermannen. Vijf opvarenden van schepen in de Keilehaven zijn eveneens door ambulances afgevoerd met problemen met de luchtwegen. Het scheepvaartverkeer op de Nieuwe Maas is tot vier uur 's middags gestremd van het stadscentrum tot aan Maassluis. De Havendienst zet vier blusboten in. Op de zuidoever van de Nieuwe Maas houden de hulpdiensten bij pompstations ambulances achter de hand, voor als bewoners opgenomen moeten worden. De aanvoerwegen van de zuidelijke havens zijn de hele dag gestremd.