Sinn Fein kan meedoen; Britten en Ieren eens over aanpak van vredesproces

LONDEN, 28 FEBR. De regeringen van Groot-Brittannië en Ierland hebben gisteren overeenstemming bereikt over een pakket maatregelen om het Noordierse vredesproces nieuw leven in te blazen.

Verkiezingen in Noord-Ierland moeten de weg banen voor centraal overleg over een politieke regeling voor de provincie. Met dat overleg kan nog vóór de zomer een begin worden gemaakt.

Ook Sinn Fein, de politieke vleugel van het verboden Ierse republikeinse leger, kan aan dat overleg meedoen. Maar dan moet de IRA het verbroken staakt-het-vuren wel eerst in ere herstellen. Sinn Fein-president Gerry Adams waarschuwde gisteren voor de “bijzonder ernstige gevolgen” als de Britse regering niet “duidelijk en ondubbelzinnig een begindatum voor centraal overleg zonder voowaarden vooraf zou vaststellen”. Zijn rechterhand Martin McGuinness had maandag na overleg met Britse ambtenaren al verklaard dat Sinn Fein falikant tegen verkiezingen blijft.

Kort na middernacht maakten de Britse premier John Major en zijn Ierse vollega John Bruton bekend dat ze elkaar in de loop van de middag voor een Anglo-Ierse topbespreking over Noord-Ierland zouden ontmoeten. Aan dat besluit zijn dagen van koortsachtig overleg tussen Londen en Dublin voorafgegaan. Groot-Brittannië en Ierland verschilden van mening over de manier waarop het vredesproces voortgezet moest worden, nadat het Ierse republikeinse leger drie weken geleden met een bomaanslag in Londen een eind had gemaakt aan bijna anderhalf jaar staakt-het-vuren. Maar ze voelden zich ook gedwongen één front te vormen om het vredesproces niet verder te laten desintegreren. Vandaag was voorlopig de laatste kans voor een Anglo-Ierse topontmoeting omdat beide premiers buitenlandse verplichtingen hebben. Gevreesd werd dat uitstel zou leiden tot een escalatie van geweld die de wederopbouw van het vredesproces onmogelijk had gemaakt.

Aan het begin van de middag werd ervan uitgegaan dat de twee regeringsleiders in een gezamenlijke verklaring het plan voor verkiezingen in Noord-Ierland zouden steunen. 'Intensieve multilaterale discussies' tussen alle Noordierse partijen in Noord-Ierland moeten bepalen welke aanpak daarbij gevolgd wordt. De Ulster Unionist Party (UUP), de grootste protestante partij van Noord-Ierland, wil verkiezingen in achttien kiesdistricten, volgens het systeem dat ook bij Britse parlementsverkiezingen wordt gebruikt. Maar de rechtse Democratic Unionist Party (DUP) en de linkse Social Democratic and Labour Party (SDLP) hebben een onwaarschijnlijk monsterverbond gesloten. Zij vinden dat Noord-Ierland bij de verkiezingen als één kiesdistrict gezien moet worden, zoals dat ook bij Europese verkiezingen gebeurt.

Regering en Ulster Unionisten hebben elkaar gisteren over en weer verweten dat ze koehandel drijven met het Noordierse vredesproces. Tijdens een cruciaal debat in het Lagerhuis maandagavond zou UUP-leider David Trimble aan de geplaagde regering de steun van zijn fractie hebben aangeboden, op voorwaarde dat ze het UUP-model voor de verkiezingen in Noord-Ierland zou omarmen. Trimble heeft dat gisteren verontwaardigd ontkend. Hij zegt dat de regering met die insinuaties wil verhullen dat ze het zelf op een akkoordje met de DUP gegooid heeft. De regering zou het DUP-model voor verkiezingen steunen. Als tegenprestatie zouden de drie DUP-parlementariërs zich maandag van stemming hebben onthouden, waardoor de regering een smadelijke nederlaag uiteindelijk toch nog met één stem verschil kon ontlopen. Premier Major bestreed die visie.

    • Dick Wittenberg