Onzekerheid over rente blijft parten spelen

AMSTERDAM, 28 FEBR. Onzekerheid over het monetaire beleid in Nederland, Duitsland en elders in de wereld, blijft de financiële markten parten spelen. Eind vorige week werd de markt enigszins gerustgesteld door het Duitse geldgroeicijfer. De geldhoeveelheid M3 blijkt in januari met 8,4 procent te zijn gestegen ten opzichte van het vierde kwartaal in 1995 (op jaarbasis). Hoewel dit cijfer buiten de door de Deutsche Bundesbank gehanteerde doelstellingszone van 4 tot 7 procent viel, bleef het duidelijk achter bij de verwachtingen die soms wel boven de 10 procent lagen. Eind vorige week daalden de Duitse en Nederlandse geld- en kapitaalmarktrentes dan ook. Gisteren liepen deze tarieven echter weer iets op onder invloed van de gestegen kapitaalmarktrente in de Verenigde Staten. Ofwel, toegenomen optimisme bij de Amerikaanse consument, mede verantwoordelijk voor de gestegen kapitaalmarktrente in de VS, blijft niet geheel zonder gevolgen voor de Nederlandse drie-maands rente.

De Amerikaanse consument is echter, als het om de Nederlandse geldmarktrente gaat, slechts een vlieggewicht in verhouding tot De Nederlandsche Bank.

DNB heeft verscheidene instrumenten tot haar beschikking, waarmee zij de ruimte op de geldmarkt - en daarmee de tarieven - stevig in de greep houdt. Tijdens de afgelopen verslagweek dwong een 1,5 miljard gulden lagere speciale belening, samen met enkele geringe mutaties in de overige posten, de banken tot een toename van hun beroep op de voorschotfaciliteit bij DNB met 1,7 miljard gulden.

Hierdoor liep het beroep maandag op tot boven het gemiddeld toelaatbare beroep in deze contingentsperiode. In de voorgaande dagen bleven de banken echter net onder deze grens, waardoor de besparing op het contingent per saldo met 0,1 procentpunt toenam tot 3,8 procent.

Nadat 42,9 procent van de contingentsperiode is verstreken, is 39,1 procent van het toelaatbare beroep verbruikt. Zoals blijkt uit de weekstaat, zat er afgelopen maandag niet veel geld in de Schatkist. Aan het eind van deze week vinden er echter aanzienlijke betalingen aan het rijk plaats, waaronder de reguliere einde-maands belastingafdrachten alsmede de storting van 5,2 miljard gulden op de kortgeleden heropende 6,25 procents lening per juli 1998. Weliswaar keert het Rijk tevens 1,3 miljard gulden uit aan rente en aflossing en krijgen banken 232 miljoen gulden meer afgelost dan zij storten op NBC's, per saldo resulteert er nog steeds een flinke geldmarktverkrapping. Om het bankwezen hierin tegemoet te komen, heeft DNB de kasreserve, die morgen ingaat en tot 8 maart loopt, teruggebracht tot nihil. Met een nieuwe speciale belening, die eveneens morgen ingaat, kan DNB de geldmarkt verder 'fine tunen'.

Bron: Economisch Bureau ING