Marechaussees mogen van Kamer naar Bosnië

DEN HAAG, 28 FEBR. De Tweede Kamer stemt in met de uitzending van vijftig marechaussees naar Bosnië. Dit bleek vandaag uit overleg tussen Kamer en minister Voorhoeve (defensie).

De Nederlanders vertrekken volgende week naar voormalig-Joegoslavië en zullen de Bosnische politie adviseren en trainen bij de rechtshandhaving. Ze gaan deel uitmaken van de International Police Task Force van de Verenigde Naties (UNIPTF) die met ruim 2.000 civiele en militaire politiemensen uit 35 landen in Bosnië aanwezig zal zijn.

Voorhoeve maakte duidelijk dat de marechaussees niet tot taak hebben oorlogsmisdadigers op te sporen of aan te houden. “Ze hebben immers geen politietaken, het zijn waarnemers”, legde de minister uit. D66-woordvoerder Hoekema vroeg zich af of daardoor bijvoorbeeld de van oorlogsmisdaden beschuldigde Karadic niet aangehouden kan worden als deze het pad van een van de Nederlanders kruist. Volgens Voorhoeve kunnen de marechaussees dan niet meer doen dan de plaatselijke politie adviseren hoe ze de Bosnisch-Servische leider aan moeten houden. Als deze dat nalaten, kan een UNIPTF-agent dit bij de VN aanhanging maken. “Het is een bescheiden bijdrage die we leveren, de VN moet het hier maar mee doen”, zei Voorhoeve, “maar onze bijdrage aan de IFOR-vredesmacht mocht er toch al zijn.” Dit vredesleger, dat bestaat uit 60.000 militairen, moet toezien op de naleving van het vredesakkoord voor Bosnië.

Ook aan het verblijf van de marechaussees in Bosnië kleven volgens Voorhoeve risico's. Hij onderscheidde er vier in volgorde van belangrijkheid: mijnen, sluipschutters, gijzeling en verkeersongelukken. De Kamer was er aanvankelijk niet gerust op dat de marechaussees ongewapend door het voormalige oorlogsgebied rond zouden lopen. “Laat ze in ieder geval een scherfwerend vest meenemen”, vroeg Blaauw (VVD) met het oog op het risico van sluipschutters. Daaraan kwam Voorhoeve tegemoet, maar hij benadrukte dat tegen geen van de vier risico's een persoonlijk wapen werkelijk helpt. De marechaussees staan steeds in contact met het dichtsbijzijnde IFOR-bataljon en kunnen daar in geval van nood op terugvallen.