Tegenvaller voor huiseigenaren; Hogere belasting onroerende zaken

ROTTERDAM, 27 FEBR. Eigenaren en gebruikers van onroerende zaken zoals fabrieken, kantoren en eigen woningen moeten volgend jaar rekening houden met soms fors hogere aanslagen voor de onroerende-zaakbelastingen die door de gemeenten worden opgelegd, en voor de inkomstenbelasting, een belasting die wordt geheven door de rijksoverheid.

Oorzaak daarvan zijn in veel gevallen de hogere taxaties van de onroerende zaken zoals die worden vastgesteld door taxateurs van de gemeenten. Die taxaties worden opgesteld in het kader van de nieuwe wet WOZ, de wet Waardering onroerende zaken. Thans kunnen huiseigenaren zelf nog de getaxeerde waarde van hun woning invullen bij de opgave voor de inkomstenbelasting.

De adjunct-directeur van de Vereniging Eigen Huis, F.A.P.M. van Loon, verwacht dat van alle huiseigenaren, 3 miljoen in getal, circa een kwart, zo'n 750.000 eigenaren, de getaxeerde waarde van hun huis, en daarmee het huurwaardeforfait, fors zullen zien stijgen.

Het directe gevolg is dat zij meer inkomstenbelasting moeten betalen. Op basis van een “voorzichtige raming” verwacht Van Loon dat het bij de inkomstenbelasting gemiddeld gaat om 700 gulden netto per jaar, wat bij 750.000 eigenaren resulteert in een totale lastenverzwaring van circa 525 miljoen gulden. Ook zullen meer huiseigenaren te maken krijgen met de vermogensbelasting, zo verwacht hij.

De wet WOZ, op grond waarvan de gemeentelijke taxateurs de waarde van het onroerend goed vaststellen, is ingegaan op 1 januari 1995. De nieuwe waardering van onroerende zaken wordt van kracht per 1 januari 1997.

Beroep tegen de taxatie kan worden ingesteld binnen een termijn van zes weken na ontvangst van de beschikking.

De gemeentelijke taxateurs zijn overal in den lande bezig met het taxeren van de onroerende zaken. De waarde van eigen woningen die aldus wordt vastgesteld, zal menige huiseigenaar “onaangenaam verrassen”, aldus Van Loon.

Voordat het regime van de wet WOZ in werking trad, waren er drie instanties die ieder een eigen rol hadden bij het taxeren van onroerende zaken. Dat waren de rijksbelastingdienst, de waterschappen en de gemeenten. In de wet WOZ is dit gestroomlijnd.

De gegevens van de gemeentelijke taxateurs over de waarde van woningen worden voortaan direct doorgegeven aan de rijksbelastingdienst.

Eigenaren die geneigd waren bij het invullen van hun belastingbiljet de waarde van hun woning te drukken, kunnen voortaan vrij gemakkelijk in een hogere schijf van de tabel voor het huurwaardeforfait belanden, aldus Van Loon.

Het ministerie van Financiën kan het genoemde bedrag van 525 miljoen niet bevestigen en laat dit voor rekening van de Vereniging Eigen Huis.

    • Koos Metselaar