Ondernemingsraad Bata naar gerechtshof wegens reorganisatie

ROTTERDAM, 27 FEBR. De ondernemingsraad van schoenwinkelketen Bata Nederland spant bij de Ondernemingskamer van het gerechtshof in Amsterdam een procedure aan tegen de directie. De ondernemingsraad is boos omdat de directie van tevoren geen advies gevraagd heeft over de verkoop van twaalf winkelpanden.

De verkoop van de panden maakte onderdeel uit van een grootscheeps reorganisatieplan voor de Bata-ketens in Nederland en België. Twee weken geleden maakte Bata Nederland bekend dat 58 van de 75 winkels in Nederland wegens tegenvallende verkopen gesloten moeten worden. Daarbij zijn ongeveer 200 werknemers betrokken. Volgens Bata zal voor deze werknemers in eerste instantie binnen het bedrijf naar ander werk worden gezocht. De kans is groot dat het merendeel ontslagen wordt. In België zijn alle 49 winkels verkocht aan Euroshoe in Diest. Bata Nederland is eigendom van het in Canada gevestigde Bata-concern, de grootste producent en verkoper van schoenen ter wereld.

Op grond van de Wet op de Ondernemingsraden (WOR) moet de ondernemingsraad bij reorganisaties vooraf om advies gevraagd worden. Volgens de OR van Bata Nederland heeft de directie verzuimd dit te doen.

Tijdens een overleg van afgelopen vrijdag tussen ondernemingsraad en directie bleek dat de verkoop van twaalf winkels in Nederland al half januari zijn beslag heeft gekregen. De vakbonden hadden zich twee weken geleden al hevig opgewonden over het feit dat de Bata-directie de reorganisatie via een persbericht bekendmaakte, zonder dat het personeel over de plannen was ingelicht.

De ondernemingsraad probeert nu de directie via de Ondernemingskamer te dwingen om de transactie terug te draaien.

Omdat dergelijke procedures meestal veel tijd in beslag nemen, wil de ondernemingsraad eerst via een kort geding trachten zijn gelijk te halen. Hangende de procedures zal de ondernemingsraad geen advies uitbrengen over de voorgenomen herstructurering. Volgens de ondernemingsraad betekent dit dat er tot die tijd geen werknemers op straat kunnen worden gezet.