Doorstart-optie komt in beeld ; Hoop vervliegt op overname van Fokker

De hoop op redding van Fokker is nog vrijwel uitsluitend gevestigd op het scenario waarin de vliegtuigbouwer in afgeslankte vorm zelfstandig verder gaat. De kans op een acceptabel bod van het Canadese Bombardier wordt in kringen rondom Fokker als vrijwel verkeken beschouwd.

Samsung is door betrokkenen als mogelijke partner nog niet afgeschreven. De gesprekken met de Koreaanse multinational zijn nog gaande. Alleen wordt sterk betwijfeld of een eventueel bod van de Koreanen op tijd komt.

In het zogenoemde doorstart-scenario zet Fokker op beperkte schaal zijn werkzaamheden voort, met voornamelijk Nederlandse industriële en financiële partners. De bewindvoerders hebben voor het werven van financiers - vooral ook de drie grote banken ABN Amro, ING en Rabo - de hulp ingeroepen van oud-bankier mr.drs. H. Langman.

De onderhandelingen tussen minister Wijers, de Fokker-bewindvoerders en Bombardier verlopen niet erg soepel. Bombardier eist volgens ingewijden een bijdrage van miljarden guldens van de Nederlandse staat. Het bedrag zou in de buurt komen van wat DASA ooit van Den Haag wilde hebben. Minister Wijers was geschrokken van die eis, zo bleek vorig week. Zelfs de woordvoerder van Fokker is “minder optimistisch” over de gesprekken met Bombardier. De Canadezen willen bovendien stoppen met de produktie van de Fokker 50, waardoor bovenop voorziene saneringen nog eens 2000 tot 2500 banen zouden verdwijnen.

Bronnen rondom Fokker houden daarom ernstig rekening met het mislukken van de onderhandelingen met Bombardier. Vanochtend hebben bewindvoerders en de top van Fokker de Kamercommissie van Economische Zaken ingelicht over de stand van zaken. Vanmiddag zou minister Wijers een toelichting geven.

Een stand alone-scenario, waarbij Fokker tijdelijk met steun van overheid en grotendeels Nederlandse financiers overeind wordt gehouden, komt steeds nadrukkelijker in beeld. Minister Wijers en ook Tweede-Kamerleden hebben twijfels over de haalbaarheid van dit plan. Om die reden hebben de Industriebond FNV en de centrale ondernemingsraad van Fokker het scenario eergisteren per brief nog eens nadrukkelijk in de aandacht van de bewindsman en de Tweede Kamer aanbevolen. FNV-voorzitter Stekelenburg heeft er in een brief aan Wijers eveneens op aangedrongen deze constructie voor Fokker “zeer serieus en met een open mind” te bekijken.

Een doorstart van Fokker met Nederlandse partners is volgens ingewijden een haalbare kaart, zelfs al moeten er ook in die optie wellicht nog 2000 van de huidige 7600 Fokker-banen worden geschrapt. De optie wordt overigens gezien als een tijdelijke; Fokker zal na verloop van tijd toch een strategische partner moeten vinden.

Het ondernemingsplan gaat ervan uit dat een nieuw Fokker na het faillissement van de oude onderneming zonder schulden en sterk afgeslankt al dit jaar winst kan maken. Die winst voor 1996 wordt geschat op circa 90 miljoen gulden en zou spoedig kunnen oplopen tot 150 á 200 miljoen gulden per jaar. Het plan is gebaseerd op produktie van veertig tot vijftig vliegtuigen per jaar. De bijdrage die van de Nederlandse overheid wordt verwacht beloopt 514 miljoen gulden in de vorm van garanties voor een op te richten leasemaatschapppij, Asset Management Company (AMCO) genoemd. AMCO moet in totaal over een kapitaal van 1 miljard gulden kunnen beschikken. Ongeveer de helft daarvan moet dus zonder overheidsgarantie door externe financiers worden opgebracht.

Het nieuwe Fokker moet volgens de plannen uit drie onderdelen gaan bestaan: de assemblage van vliegtuigen ('Fokker Integrator' genoemd); een interne toeleverancier ('Fokker Industries'); en de leasemaatschappij AMCO, waarin het bedrijf de eigen lease-kennis inbrengt maar zelf hooguit voor een heel klein percentage deelneemt. Bewindvoerders willen de leasing duidelijk scheiden van de rest van het bedrijf, om risico's waaraan destijds het oude vrachtwagenbedrijf DAF ten onder ging uit te sluiten.

Uit de brief van de Industriebond FNV en de Fokker-OR aan Wijers blijkt dat Fokker voor twee jaar werk in portefeuille heeft. Ze betogen dat een nieuw Fokker op korte termijn geen grote investeringen hoeft te doen in nieuwe vliegtuigen omdat “de markt daar voorlopig niet om vraagt”.

    • Ben Greif