'Agenten vroegere geheime dienst achter aanslag Tirana'

TIRANA, 27 FEBR. De zware explosie die gisterochtend in de Albanese hoofdstad Tirana een supermarkt in de as legde, is veroorzaakt door een autobom. President Berisha beschuldigde agenten van de vroegere communistische geheime dienst, de Sigurimi, ervan de bom te hebben geplaatst en zei dat de aanslag “politieke motieven” had.

Het Albanese persbureau ATA meldde later gisteren dat twee voormalige Sigurimi-agenten waren gearresteerd in verband met de aanslag.

Bij de explosie kwamen vier mensen om het leven en werden dertig anderen gewond. De bom, die bestond uit vijftig kilo TNT, wierp de auto waarin hij was verborgen tien meter weg en zette de supermarkt in brand. Veel mensen werden gewond door rondvliegend glas.

President Berisha riep na de explosie de belangrijkste leden van de regering bijeen. In die spoedzitting werd besloten omgerekend 50.000 dollar uit te loven voor informatie die tot de aanhouding van de dader of daders leidt. De president bestempelde de aanslag als “een macabere daad, georganiseerd door segmenten van de vroegere geheime politie” en als “een fascistische actie”. Volgens Berisha bestaat er geen twijfel dat politieke motieven ten grondslag liggen aan de aanslag. De oppositionele ex-communistische Socialistische Partij veroordeelde de aanslag als “een terroristische daad zonder precedent” en beloofde de klopjacht van de regering op de daders te steunen. (Reuter, AP, AFP)

Een onzer redacteuren voegt hieraan toe:

De terreuraanslag op de pas geopende supermarkt van Vefa Holding - een van de meest succesvolle bedrijven van Albanië - is de vierde terroristische aanslag sinds de val van het Albanese socialisme. In augustus 1992 werd een aquaduct bij Kruja bij een aanslag licht beschadigd, een jaar later ontplofte een autobom in Tirana en in januari van dit jaar ontplofte een autobom bij de woning van een rechter. In elk van deze gevallen kregen agenten van de vroegere stalinistische geheime dienst Sigurimi de schuld.

De aanslag van gisteren - de ernstigste tot nu toe in Albanië - kan een zakelijke achtergrond hebben: het zou kunnen gaan om een wraakactie van bedreigde of jaloerse concurrenten van het succesvolle Vefa Holding. Maar de aanslag kan ook te maken hebben met de hoog opgelopen politieke spanningen in Albanië, waar eind mei verkiezingen worden gehouden. De regerende Democratische Partij en de ex-communistische oppositionele Socialistische Partij verkeren al maanden op voet van (verbale) oorlog met elkaar. Gisteren is door regeringsgezinde media direct gesuggereerd dat de daders afkomstig zijn uit de rangen van de Socialistische Partij.

Daarbij werd verwezen naar een nogal dreigend uitgevallen kop boven een artikel dat in november werd gepubliceerd in het blad Populli Po. Verwijzend naar de autobom die in Skopje een maand eerder de Macedonische president Kiro Gligorov bijna het leven had gekost kopte het blad: “De autobom van Skopje kan in Tirana worden herhaald.” Populli Po is formeel onafhankelijk, maar steunt doorgaans de socialisten. De regerende Democratische Partij heeft herhaaldelijk gezegd dat het blad wordt geleid door voormalige agenten van de Sigurimi.

De Albanese televisie legde gisteren een direct verband tussen de aanslag en de socialistische oppositie door het bewuste exemplaar van Populli Po in beeld te brengen bij de bewering van Berisha dat de aanslag van gisteren politieke motieven had.