'Wat nu gebeurt is erger dan de Holocaust'

TEL AVIV, 26 FEBR. Met nog ingehouden woede rouwt Israel om de zware slagen die de moslim-fundamentalistische beweging Hamas het joodse land gisteren in Jeruzalem en Ashkelon heeft toegebracht. De ingetogenheid, het zingen bij in de vorm van een Davidster uitgezette brandende rouwkaarsen op de plaats waar de bus in Jeruzalem uit elkaar werd gereten, doen denken aan de manier waarop spontaan werd gerouwd na de moord op premier Yitzhak Rabin in Tel Aviv. Is het wanhoop, fatalisme misschien, zoals werd gesuggereerd? Op enkele uitzonderingen na werd gisteren uit respect voor deze nieuwe beleving van de pijn de politiek van de emotie afgegrendeld.

Met een goed gevoel voor de diepe inkeer van velen riep Likud-leider Binyamin Netanyahu zijn volgelingen op geen anti-regeringsdemonstraties op touw te zetten. De traditionele rollen van actie en reactie werden verwisseld. De storm van verontwaardiging stak gisteravond op in het vredeskamp. Weliswaar niet uit de mond van de politici, maar wel in de woorden van Israels grootste schrijver, Amos Oz, aan wiens toewijding aan de Israelisch-Palestijnse vrede niet kan worden getwijfeld. “De Palestijnen houden zich niet aan het akkoord van Oslo”, zei hij gisteravond met trillende stem. “Yasser Arafat moet Hamas buiten de wet stellen. Als de Palestijnen niet met 'Oslo' kunnen leven, is er geen 'Oslo' meer!”

Amos Oz vertolkte gisteravond, toen de eerste doden al waren begraven, met zijn scherpe waarschuwing aan Arafat en het Palestijnse volk de gevoelens van onmacht en woede van heel veel Israeliërs. “Wat er nu gebeurt, is nog erger dan de holocaust”, zei een vrouw op de plaats in Jeruzalem waar de bus explodeerde. “Toen hadden we geen eigen staat om ons te verdedigen. Nu wel, en toch worden we afgeslacht.” Ze was niet de enige die dergelijke gevoelens vertolkte. Yitzhak Shamir, de ex-Likud-premier, borduurde daar vanmorgen in politieke termen op door. Voor het zwijgen van de politici gisteren, zeker van zijn partijgenoten toonde hij geen enkel begrip. “De regering-Peres leidt ons naar de afgrond”, zei hij.

Het enige goede nieuws voor premier Shimon Peres dat boven de tragiek van gisteren in Jeruzalem en Ashkelon uitstijgt, is dat Hamas aan het begin en niet aan het einde van de verkiezingscampagne heeft toegeslagen. Zo'n zware en bloedige klap twee weken voor het Israelische volk op 29 mei naar de stembus gaat, zou zijn verkiezing als premier en de zege van zijn Arbeidspartij ernstig in gevaar brengen. Gisteren werd Peres, omringd door een cordon politieagenten, tijdens een bezoek aan de plaats van de aanslag in Jeruzalem weer voor “verrader en moordenaar” uitgescholden. Na de moord op premier Rabin in november lag op deze woorden een taboe.

De schok van het drama van gisteren is al verwerkt in een vanmorgen gepubliceerde opiniepeiling. Het verschil in de race tussen Peres en Netanyahu om het premierschap is tot twee procent geslonken. Fataal is de uithaal van Hamas voor Peres en de vredespartijen echter nog niet. Maar de traumatische uitwerking van de verschrikkelijke tonelen van gisteren op de kiezers zal zich in de stembus ten gunste van Likud en andere nationalistische partijen ontladen indien zich nog een paar van dergelijke aanslagen voordoen.

Gisteren is het duidelijk geworden dat Hamas de sleutel voor de verdere afwikkeling van het Israelisch-Palestijnse vredesproces in handen heeft. Peres is daarvan dermate diep doordrongen dat hij zijn volk heeft bezworen dat de Palestijnse terreur van fundamentalistischen huize geen effect heeft op zijn vredesstrategie. De strijd tegen Ezzadin-El-Kassem, de militaire arm van Hamas, zal weliswaar meedogenloos zijn, maar even nadrukkelijk zei hij dat het autonomie-akkoord zal worden uitgevoerd. Beëindiging van het vredesproces met de Palestijnen zou volgens Peres een volkomen onaanvaardbare beloning zijn voor Hamas.

De Israelische leider staat erop dat de Palestijnse president Yasser Arafat als een echte vredesbondgenoot de militaire arm van Hamas aanpakt. Met de hernieuwing van de afgrendeling van de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook, die net vrijdag was opgeheven, heeft Israel de Palestijnse bestuursautoriteit gisteren onder zware druk geplaatst “tot actie over te gaan”. Opnieuw zijn tienduizenden Palestijnse arbeiders van hun inkomen in Israel verstoken. Ditmaal is een meerderheid van de ministers in de regering-Peres er om politiek lijfsbehoud voor, ongeacht de gevolgen voor de uiterst zwakke Palestijnse economie, de afgrendeling tot de verkiezingen vol te houden. Dat zou betekenen dat de Palestijnen 360 miljoen dollar aan inkomen verliezen. De daardoor opgewekte woede van Palestijnse arbeiders in Gaza die in Israel werken richt zich onder dergelijke omstandigheden tegen Hamas. Zij houden deze organisatie verantwoordelijk voor hun lege beurs en knorrende maag.

Op het eerste gezicht is dit een gunstig psychologisch klimaat voor Arafat om zijn sterke politiemacht tegen Hamas in te zetten. De aanslagen van gisteren worden in Gaza echter uitgelegd als “eervolle wraak” voor de algemeen aan Israel toegeschreven moord, bijna twee maanden geleden, op de Hamas-meesterbommenmaker Yehyia Ayyash, die op zijn beurt een reeks zelfmoordaanslagen in Israel opzette als wraak voor de moord op 29 Palestijnen in de moskee in Hebron, precies twee jaar geleden, door dr. Baruch Goldstein. Arafat heeft vooral daarom voor en na de Palestijnse verkiezingen al zijn talenten tentoongespreid om met Hamas tot een politiek vergelijk te komen dat een einde maakt aan de terreur tegen Israel. De afgelopen dagen voorspelden Palestijnse bronnen spoedige ondertekening van een dergelijk belangrijk akkoord. Opnieuw is echter gebleken dat de politieke leiding van Hamas geen greep heeft op Ezzadin-El-Kassem. Deze handelt kennelijk op instructies vanuit Soedan en/of Iran, zoals Arafat verscheidene malen heeft gesuggereerd.

Er waren gisteren aanwijzingen dat de Palestijnse leider heeft besloten om het risico van een confrontatie met Hamas te nemen om het vredesproces met Israel te redden. Israelische militaire deskundigen zeggen dat hij aanzienlijk scherper naar deze organisatie kan uithalen dan hij tot dusverre heeft gedaan. Schrikt hij daar als gekozen, legitieme leider van het Palestijnse volk voor terug, dan loopt hij het nog grotere risico voorlopig geen Israelische gesprekspartner te vinden.

Via de terreur door Hamas is Arafat gisteren, meer dan ooit het geval is geweest, een hoofdrolspeler geworden in de Israelische verkiezingscampagne. Van zijn beleid kan het afhangen of het Israelische volk verschoond blijft van het vergieten van Israelisch bloed in de verkiezingscampagne.