Sfeer van intriges en lange messen

De bodes van de Coolsingel ontgaat weinig. Zij horen het weergalmen van dichtslaande deuren. Zij brengen koffie naar het fractieberaad, de collegevergadering en de onderonsjes. Zij zien het partijkader van CP'86 's avonds met bier sjouwen voor hun 'fractieberaad' en horen de VVD-aristocrate Ter Kuile klagen over het tuig dat het stadhuis onveilig maakt.

Dat de PvdA de stadsprovincie om zeep hielp omdat ze bang waren in een regiobestuur hun machtspositie te verliezen, is nog tot daar aan toe, vindt een portier. Maar met die twee Hansen blijft er in 1998 ook weinig van ze over in Rotterdam. Nee, toen met Joop en Pim, dat waren mooie tijden.

Waren Joop en Pim er nog maar, dat hoor je ook vaker in PvdA-kringen. De tijd dat de PvdA'ers Joop Linthorst en Pim Vermeulen samen met CDA'er Smit en burgemeester Peper trefzeker de stad bestuurden. Rotterdam kwam louter positief in het nieuws. Baanbrekende bouwprojecten, een expanderende haven, interessante sociale experimenten, een opbloeiend uitgaansleven en kunstklimaat. Nu is het beeld anders. De haven verliest de slag, nieuwe plannen blijven uit en elke Rotterdammer lijkt wel ergens overlast van te ondervinden. Op de Coolsingel hangt een sfeer van intriges en lange messen.

De verkiezinguitslag van 1994 beloofde interessante tijden. Het Rotterdamse ongenoegen deed ter rechterzijde een extreem-rechts blok ontstaan en ter linkerzijde een groep protestpartijen. Het midden van de raadszaal kroop angstig tegen elkaar aan in een vijf-partijencollege. Dat valt nu uiteen.

Donderdag kibbelde de coalitie over de vraag wie wat had fout gedaan bij het inzakken van de stadsprovincie en hoe het nu verder moest. Het CDA klampte zich vast aan zijn wethouderszetel, de rest schoof de coalitiepartner met veel omhaal van woorden richting oppositiebanken.

In de rechterhoek verkneukelde extreem-rechts zich al over haar komende media-actie. De fusiebesprekingen tussen CP'86 en de CD kregen gestalte in de hoffelijke wijze waarop CP'er Freling en CD'er Teijne, vorige week nog gebroederlijk in het cellenblok van het hoofdbureau van politie, elkaar glaasjes Spa offreerden. Toen Teijne de raad op de valreep provoceerde met een sneer over allochtonen en drugsimport was iedereen te vermoeid om nog echt te reageren.

De linkervleugel zat in oorlogspositie: met de rug tegen de ambtenarenloge leunend, ironisch het gekrakeel in het middenveld aanschouwend. De Stadspartij eiste het aftreden van het college, terwijl Van Heumen van de SP met overslaande stem de aandacht vestigde op stijgende huren en dalende uitkeringen.

In de koffiekamer was het wethouder spotten, want er komen mogelijk drie stoelen in het college vacant. PvdA'er Van Middelkoop oogde in driedelig pak heel wethouderabel. Vergeefse moeite, wisten andere PvdA-backbenchers. PvdA'er Henderson, enkele jaren terug door burgemeester Peper uit het college van B en W verwijderd, was wel in voor een geintje over zijn come-back. Gewoon een borrel met Bram en zand erover, toch? En wat stond PvdA'er Aubert, na chronische ruzie met het college opgestapt als fractieleider, opeens gezellig te keuvelen met wethouder Kombrink? Een top drie van kanshebbers: Kuijper voor de PvdA, Ravestein voor D66, Janssens voor de VVD. Niet alledrie even sterk, maar ach. “Wat is er tegen zwakke wethouders?” grapte een PvdA'er. “Soms groeien die in hun rol.”

Nog twee jaar. Dan zijn er nieuwe verkiezingen.

    • Coen van Zwol