Huitema geboren voor het kunstijs

Lammert Huitema (34) won zaterdag in Assen de KNSB-cup, een beker die jaarlijks door de KNSB wordt uitgereikt aan de schaatser die op kunstijs de meeste punten bij elkaar heeft gereden. Na zijn eerste zege stond de nationaal kampioen zijn koppositie niet meer af.

ROTTERDAM, 26 FEBR. “Deze prijs heeft door al die wedstrijden die we op natuurijs hebben gereden niet minder waarde. Natuurlijk zijn de wedstrijden op kunstijs ondergesneeuwd en zijn ze onbelangrijker dan de klassiekers. Maar dat er deze winter natuurijs ligt, doet geen afbreuk aan de KNSB-cup.”

Dat de 34-jarige Huitema niet alleen op kunstijs als eerste over de streep kan gaan, bewees hij vorig jaar met een zege in de alternatieve Elfstedentocht in Finland. Deze winter schreef hij de Holland-Venetiëtocht en een etappe in de Driedaagse van Ankeveen op zijn naam. Huitema kijkt terug op “een slopend seizoen”, met een maximaal aantal wedstrijden op natuurijs. “Veel reizen, soms slecht ijs. Na een wedstrijd kom je thuis, kun je even rusten en de volgende dag moet je weer. Want dat natuurijs geeft toch een kick. Alleen al het geluid van de schaatsen op het ijs.”

De marathonschaatser kan zich niet herinneren dat hij in zijn jeugd ooit op een bevroren plas, een sloot of een meertje schaatste. Als het vroor, toog hij naar de plaatselijke ijsbaan om daar zijn rondjes te draaien. Zo veel en zo snel mogelijk. Huitema lijkt geboren voor het kunstijs. Begrijpelijk dat hij er niet rouwig om was dat de Elfstedentocht deze winter geen doorgang vond.

Van zijn tiende tot zijn zestiende jaar legde hij zich toe op het langebaanschaatsen. Een stayer is hij altijd gebleven. Toen hij vorig jaar in maart terugkwam van de alternatieve Elfstedentocht in Finland, vestigde hij op de kunstijsbaan in Groningen baanrecords op de vijf en de tien kilometer. Onlangs reden de kernploegleden Gianni Romme en Bob de Jong de records van Huitema uit de boeken.

Huitema over Huitema: “Ik ben een allrounder. Ik kan van alles een beetje, zowel op kunstijs als natuurijs. Tijdritten rijden, sprinten, voor de ploeg rijden. Tactisch en technisch ben ik goed.” Om er zelfbewust aan toe te voegen dat deze beschrijving “een beetje opschepperig” klinkt.

Op zijn zestiende jaar kreeg Huitema last van zijn knie. Een operatie en het verbod om vijf jaar aan sport te doen waren het gevolg. Als onderdeel van zijn therapie was er één uitzondering. Hij mocht wel fietsen. Op zijn 21ste jaar kreeg hij een licentie om bij de amateurs te wielrennen, een sport die hij 's zomers tijdens criteria als A-amateur nog steeds beoefent en afwisselt met skeeleren. Niet veel later pakte hij met een B-licentie het schaatsen weer op, nu als marathonrijder. In die categorie won hij al direct in het eerste jaar de KNSB-cup. Hij promoveerde naar het A-peloton, waar hij inmiddels tweemaal de beker heeft gewonnen.

Voordat Huitema in Assen aan de start verscheen, wist hij dat de prijs hem niet meer kon ontgaan. Of er moesten wel hele gekke dingen gebeuren. Vallen in de laatste bocht bijvoorbeeld. “Ik had al uitgerekend dat ik binnen zes plaatsen achter Angenent moest eindigen. Stam kon alleen nog maar winnen als ik geen punten zou pakken.” Vooral dankzij de ploegentactiek die de Klerk's-formatie dit seizoen buiten en binnen zoveel successen bezorgde, kon Huitema in een luie stoel naar de finish.

Zijn kracht kwam hem goed van pas bij het NK op het Groningse kunstijs. Een ronde voor het einde viel hij stil en liet hij concurrenten ontsnappen, onder wie ploeggenoot Ruud Borst, de winnaar van afgelopen zaterdag. Huitema nam destijds gas terug omdat hij geen zin had Henk Angenent, die hem het grootste deel van de wedstrijd als een schaduw was gevolgd, naar de eerste plaats te rijden. Angenent volgde het voorbeeld van Huitema, waardoor het NK op kunstijs in een anti-climax dreigde te eindigen. Tot Angenent er alsnog vandoor ging, met Huitema achter zich aan. De Drent sloot dit spelletje Russisch roulette op het ijs ook nog winnend af.

Winnen, is dat nog wel leuk? De 'vliegende leesmappenbezorger' vroeg het zich eerder dit seizoen af, nadat hij vier keer op rij een wedstrijd om de KNSB-cup had gewonnen. “Ik dacht, is dit het nou? Op het laatst steek je je hand omhoog omdat het erbij hoort, niet omdat je blij bent. Toen kwam het natuurijs er tussen. Als je die overwinningen een tijdje moet missen, komt dat lekkere gevoel toch weer terug als je er weer wel één wint.”

    • Ward op den Brouw