De Leeuw graaft in zijn eigen, erg roerige verleden

Concert: Carte Blanche voor Reinbert de Leeuw. Schönberg Ensemble o.l.v. Reinbert de Leeuw. Gehoord: 25/2 Concertgebouw Amsterdam. Radio-uitz.: 28/2 20 uur VPRO Radio 4.

Het vierde concert in de serie Carte Blanche voor Reinbert de Leeuw werd een retrospectief met de eertijds rebelse klanken waarvan De Leeuw een belangrijk pleitbezorger is, omlijst met surrealistische filmbeelden, ballet en toneelspel. De Leeuw leek met dit concert niet in eerste instantie te willen refereren aan de roaring twenties, het positivistische decennium waarin de stukken op het programma werden gecomponeerd, maar veeleer aan de Holland Festivals uit de jaren zeventig, waar hij een veelgeziene gast was.

In zo'n semi-scenisch retrotrospectief kon Satie niet ontbreken. Van hem werd de Entr'acte gespeeld uit de balletmuziek Relâche. Op een projectiescherm voor het orgel kon men Erik Satie en schilder/dichter Francis Picabia in slow motion zien huppen rond het stijfjes dansend kanon uit René Clairs surrealistische film Entr'acte, door Satie van cinematografische gebruiksmuziek voorzien. La création du monde van Darius Milhaud - terughoudend gechoreografeerd met twee balletdansers - kreeg vervolgens een nette, zij het meer wiegende dan swingende vertolking.

Opnieuw ook klonk Paul Hindemiths Hin und zurück, door De Leeuw samen met Relâche opgevoerd tijdens het Holland Festival van 1979. De handeling van deze parodi-erende mini-opera voltrekt zich tweemaal: de eerste keer gewoon, de tweede maal retrograde, om de moord van een jaloerse echtgenoot op diens overspelige vrouw ongedaan te maken. De puntig en nauwgezette uitvoering door het Schönberg Ensemble contrasteerde sterk met de pseudo-komische enscenering van Bambi Uden.

De introductie hier te lande van de muziek van de Amerikaan George Antheil is eveneens voor een belangrijk deel terug te voeren op Reinbert de Leeuw. De uitvoering van Antheils Ballet mécanique, een compositie die door haar complexiteit en door de prominente hantering van de ritmische parameter een mijlpaal betekende in de slagwerkliteratuur, was dé sensatie van het Holland Festival 1976. Door regisseur Hans Hulscher werd van het spraakmakende ballet korte tijd later een televisiebewerking gemaakt. Hij gebruikte echter beelden uit René Clairs Entr'acte in plaats van de caleisdoscopische shots van kerstballen, dansende gardes, van onderen gefilmde balletmeisjes met jarretels, ingekleurde mathematische vlakken en schilderijen van de maker van de bijbehorende film: Ferdinand Léger.

Légers film werd zondag vertoond met begeleiding van de pianola-muziek van de Ballet mécanique, het mechanische instrument waarvoor het ballet oorspronkelijk was bedoeld. Vervolgens kwam De Leeuw er met de leden van de Slagwerkgroep Den Haag en vier pianisten aan te pas om opnieuw een sensationele (en in ritmisch opzicht zelfs accurater weergave dan de plaatopname uit 1976) te geven van Antheils ratelende mallet-nootjes en beukende slagpartijen. De film is een museumstuk, maar de muziek overstijgt verre het gewild modernistische keurslijf van het interbellum en kan zeker mee tot in de volgende eeuw. De soniek van ronkende vliegmachines, schoolbellen en wekkers voorziet Antheils muziek eerder van een folkloristisch element dan die gedateerd te maken.

    • Emile Wennekes