Vliegmaatschappijen in de wolken; Kritische beladingsgraad in procenten (1994)

Grafiek: American Airlines hoeft van alle luchtvaartmaatschappijen relatief het minste te vervoeren om winst te maken. American Airlines hoefde namelijk haar beschikbare vloot in 1994 voor slechts 48,5 procent te beladen met personen en vracht om uit de hoofdzakelijk vaste kosten te komen. Ook de andere grote Amerikaanse maatschappijen (Northwest, Delta Air Lines en United Airlines) hebben in de vorm van lage kritische beladingsgraden een voordelige kostenstructuur. Dit is het gevolg van schaalvoordelen en kostenbesparingen die onder invloed van de hevige concurrentie op Amerikaanse markt zijn doorgevoerd.

In vergelijking met de grote Amerikaanse maatschappijen moeten de KLM (beladingsraad 67,6 procent), Lufthansa (70,6 procent) en AIR France (76,3 procent), een veel groter deel van hun capaciteit 'bezetten' om uit de kosten te geraken. Vijf jaar geleden lag dit kengetal bij de KLM nog op ruim 75 procent. Deze spectaculaire reductie is het resultaat van een stringente kostenbewaking, gecombineerd met een aanzienlijke produktiviteitsverbetering. De KLM, geconfronteerd met tarieven die sterk onder druk staan, beoogt door voortzetting van deze strategie haar kritische beladingsgraad verder terug te dringen. Door daarnaast strategische allianties met andere luchtvaartmaatschappijen aan te gaan wil de KLM op de langere termijn haar winstgevendheid verbeteren. De maatschappij werkt nu samen met Northwest en hoopt binnenkort in Europa een partner te vinden.