Ondergang Archeon was al voor de aanleg voorzien

Vijf jaar geleden verkocht Alphen aan den Rijn bijna 62 hectare grond aan ABN Amro voor 1,5 miljoen gulden. In 1994 ging hier het themapark Archeon open. Nu is de prijs van de grond gestegen en wil de geldschieter op een deel ervan woningen bouwen. Het park is nooit goed uit de verf gekomen. Hoe een holbewoner zijn fiets tegen een Romeins badhuis parkeert.

ROTTERDAM, 24 FEBR. Op 31 januari 1991 zette burgemeester M. Paats van Alphen aan den Rijn in een Haags notariskantoor zijn handtekening onder een overeenkomst van veertig pagina's. Aan dezelfde tafel tegenover de notaris zaten nog vier heren: W. La Gro en E. Chaudron, respectievelijk voorzitter en penningmeester van de nieuwe Stichting Archeon, J.J.de Back, directeur van Archeon Beheer BV en dr. E. Prins, directeur van projectontwikkelingsmaatschappij Amro, thans ABN Amro in Amsterdam.

De gemeente Alphen verkocht op die dag een lap grond van bijna 62 hectare aan Amro voor de prijs van 1,5 miljoen gulden. Nog geen rijksdaalder per vierkante meter, voor weiland dat toen al vier keer zoveel waard was. Nu, vijf jaar later, kunnen de hectares aan de rand van Alphen worden aangemerkt als bouwgrond en is de prijs per vierkante meter gestegen tot ongeveer 450 gulden. In de overeenkomst verplichtte projectontwikkelaar Amro zich om de tegen een spotprijs verworven grond via een leasecontract in gebruik te geven aan Archeon.

Op die bewuste dag in januari werd, gelet op de meest recente ontwikkelingen bij het themapark, eigenlijk een nauwkeurig toekomstscenario vastgelegd. In de overeenkomst werden namelijk twee zaken tegelijk geregeld: Alphen aan den Rijn zou worden verrijkt met een themapark van allure. Mocht dat, tegen ieders verwachtingen in, geen succes worden, dan kreeg projectontwikkelaar ABN Amro het recht om de grond langs het nu felbegeerde Groene Hart - onder een aantal voorwaarden - te gebruiken voor de bouw van ongesubsidieerde (dure) woningen.

Wat Archeon moest worden staat in de overeenkomst te lezen: “Een archeologisch themapark (ATP) dat bezoekers op directe wijze informatie verschaft over opgravingen, oudheidkundige vondsten en geschiedenis van de menselijke cultuur opdat met behulp van reconstructies op ware grootte (in de openlucht) inzicht wordt gegeven in de relaties tussen prehistorische/antieke beschavingen en hun natuurlijke omgeving.”

Het park zou wellicht een internationale uitstraling krijgen. In prognoses werd voorgerekend dat 700.000 tot één miljoen bezoekers per jaar konden worden verwacht en daar zou de Alphense middenstand veel profijt van hebben. Zo verdiende de gulle reductie van 4,5 miljoen gulden op de grondprijs zichzelf terug.

In april 1994 werd het themapark feestelijk geopend. De eerste reacties waren overwegend teleurstellend. Het publiek voelde zich bekocht, menigeen stoorde zich aan de opvallend commerciële opzet. Alles leek te zijn gericht op het verkopen van zoveel mogelijk onbeduidende spulletjes. Bovendien deed het park wat armoedig aan en werd men bij het aanschouwen van de (pre)historische taferelen danig afgeleid door allerlei elementen uit de 20ste eeuw, die zich in de directe omgeving van Archeon bevinden, zoals het eigen hoofdgebouw, flats en snelwegen. In dat openingsjaar werden niet meer dan 300.000 bezoekers geteld, die ieder 23 gulden betaalden voor de toegang. Een onafhankelijk onderzoeker adviseerde eind vorig jaar dat het park snel aantrekkelijker moest worden gemaakt. Alleen dan zou Archeon jaarlijks 400.000 mensen kunnen trekken.

De financier van het themapark, tevens eigenaar van de grond, projectontwikkelaar ABN Amro greep snel in. Najaar 1995, pas anderhalf jaar na de opening deelde deze partij aan het gemeentebestuur van Alphen aan den Rijn mee dat er inderdaad wat ging veranderen. De verliezen waren inmiddels hoog: meer dan 70 miljoen gulden. De projectontwikkelaar vroeg toestemming om Archeon op korte termijn met een derde (22 hectare) te verkleinen en die grond te bestemmen voor de bouw van huizen in de vrije sector. Tegelijk zou een reddingsoperatie worden uitgevoerd om het verkleinde themapark aantrekkelijker te maken voor het publiek. Het gemeentebestuur liet in een 'strenge' reactie weten daar alleen onder strikte voorwaarden mee akkoord te willen gaan. Zo moest de projectontwikkelaar bijvoorbeeld de verplichting aangaan om Archeon tenminste nog vijf jaar open te houden, alle toekomstige verliezen voor zijn rekening te nemen en de netto-opbrengst van de bouwgrond weer te investeren in het park.

De gemeente kwam met deze “aanvullende” voorwaarden omdat ABN Amro wat al te losjes wil omgaan met de overeenkomst van 1991. ABN Amro wil huizen bouwen, maar moet volgens de bepalingen in de overeenkomst nog even geduld hebben. Op pagina 22 onder letter G verklaren de partijen dat “de grond geheel of gedeeltelijk moet kunnen worden aangewend voor woningbouw” als de exploitatie tegenvalt. Dat is op drie manieren verder uitgewerkt. Dan blijkt dat partijen voor de oprichting al rekening hielden met een “kleine herbestemming”, een “aanvullende herbestemming” en “een grote herbestemming”. ABN Amro slaat de eerste mogelijkheid over en kiest voor de aanvullende herbestemming, waarbij maximaal 26 hectare beschikbaar zou komen. De gemeente op haar beurt heeft in de overeenkomst vastgelegd ook mee te zullen werken aan de herbestemming van de grond. De betrokken wethouders wijzen er op dat wel nauwkeurig is beschreven wanneer de tijd gekomen is om te kiezen voor woningbouw. Het themapark zal tenminste vijf jaar de kans moeten krijgen: het openingsjaar en het daarop volgende jaar plus drie volle exploitatiejaren. Eind volgend week geeft het college van B en W uitsluitsel over de nieuwste voorstellen van ABN Amro. Daaruit zal blijken hoe serieus het allemaal bedoeld was, maar dat het park een stuk kleiner zal worden, lijkt onvermijdelijk.

    • Harm van den Berg