Frankrijk krijgt kleiner, modern beroepsleger

PARIJS, 23 FEBR. Frankrijk krijgt vóór 2002 een beroepsleger. Het zal een derde kleiner zijn dan de huidige krijgsmacht, maar optimaal inzetbaar voor buitenlandse missies en het zal beschikken over de modernste wapens.

Tot die moderne wapens horen kernwapens voor de marine en de luchtmacht. De nucleaire lanceerbasis op het Plateau d'Albion, de uraniumverrijkingsfabriek in Pierrelatte en de omstreden proefopstelling in de Stille Zuidzee worden gesloten.

President Jacques Chirac, die deze grootscheepse reorganisatie van de Franse defensie-inspanning gisteravond bekendmaakte, bood zijn landgenoten een nationale discussie aan over de vraag of er een vorm van al of niet verplichte sociale dienst moet komen. Regering en parlement zullen daar uiteindelijk over beslissen. Een referendum over het afschaffen van de militaire dienstplicht wees hij als ongrondwettig van de hand.

Frankrijk zal een beroepsleger van 350.000 man overhouden. De huidige sterkte bedraagt 500.000 man, van wie 200.000 dienstplichtig. Daarnaast heeft de Franse defensie 100.000 burger-ambtenaren. Chirac wil in de loop van zijn nog ruim zes jaar durende ambtstermijn het aantal regimenten terugbrengen van 124 naar 83 of 85, maar staat er persoonlijk garant voor dat niemand wordt ontslagen.

De keuze voor een beroepsleger van om en nabij de 350.000 man is ingegeven door het inzicht dat Frankrijk in de toekomst flexibel moet kunnen ingrijpen, meestal in Europees of NAVO-verband. Chirac riep in herinnering dat Frankrijk ternauwernood 10.000 man kon leveren voor de Golfoorlog in 1990. Hij wil over 50.000 of 60.000 man kunnen beschikken voor flexibele buitenlandse missies.

Hoewel Frankrijk een aanzienlijk aantal eenheden uit alle delen van de wereld zal terugtrekken, ook uit Duitsland, zal de Franse bijdrage aan het Frans-Duits-Belgisch-Spaanse Eurokorps onveranderd blijven. Chirac herhaalde dat het Franse kernwapen desgewenst ook een rol ter bescherming van de Europese partners kon spelen, als element in een Europese defensiemacht. Overleg daarover met Duitsland, Groot-Brittannië en Spanje noemde hij mogelijk en voor de hand liggend.

Terwijl Nederland en België in verband met de nucleaire paraplu niet werden genoemd, kregen deze twee landen in Chiracs bijna een uur durende vraaggesprek wel een voorbeeldfunctie waar het ging om de overgang naar een beroepsleger.