Oudfriese grammatica aan de hand van wetboek te boek gesteld

De grammatica van het Oudfries is verder in kaart gebracht. Taalonderzoeker dr. Dirk Boutkan van de Rijksuniversiteit Leiden heeft alle woordvormen in het oudste complete boek in het Fries, de Eerste Rüstringer codex, geanalyseerd en in categorieën geplaatst. Het onderzochte handboek is een wetboek, geschreven rond 1300 in het Friestalige gebied Rüstringen in Noord-Duitsland.

Nederlandse literatuur uit die tijd is geschreven in het Middelnederlands, een Middelgermaanse taal. Het Oudfries van de Rüstringer codex wordt echter nog tot het Oudgermaans gerekend. Deze taal doet op het oog sterk denken aan het Oudengels en het Oudsaksisch uit Noord-Duitsland. Voor taalkundigen, maar ook voor oudgermanisten en rechtshistorici vormen de twintig teksten in de eerste Rüstringer codex belangrijk onderzoeksmateriaal.

De grammatica van de Rüstringer codex geeft een beschrijving van de klank- en vormverschijnselen van de taal van de codex, gebaseerd op het complete materiaal. Alle woordvormen zijn met hun Engelse vertaling opgenomen in een index. Zo ontstaat een overzicht van wat de codex aan studiemateriaal te bieden heeft. In de Rüstringer code vinden we bijvoorbeeld de verbuigingen van de woorden 'vrede' en 'zoon' als volgt: 1e naamval: fretho, sunu. 2e naamval: fretha, suna. 3e naamval: fretha, suna. 4e naamval: fretho, sunu.

Deze codex stamt uit het gebied van de monding van de Weser. De wetten in het middeleeuwse wetboek dragen een bijzonder karakter. Ze zijn zeer gestileerd, soms zelfs uitgesproken literair geformuleerd. Ook bevat de codex een theologische tekst die de voortekenen van de Dag des Oordeels beschrijft. Deze tekst was al eerder uitgegeven, maar een taalkundige beschrijving ontbrak nog.

Het Fries, nu de tweede officiële taal van Nederland, kende in de middeleeuwen een veel grotere verspreiding dan nu het geval is. In de zevende eeuw werd Oudfries gesproken van de Weser in Noord-Duitsland langs de Noordzeekust tot aan Antwerpen. Tegenwoordig kent het Fries in Nederland zo'n 400.000 sprekers, in het Duitse Saterland (Oostfries) zo'n 1500 en in het uiterste noorden van Duitsland (Noordfries) zo'n 10.000 sprekers.

Boutkans boek, a concise grammar of the old frisian Dialect of the First Riustring Manuscript, is uitgegeven bij Odense University Press. De Leidse expert bereidt een etymologisch woordenboek voor op het materiaal van de Eerste Rüstringer Codex. (NWO)