Steun voor andere opzet WAO-plan

DEN HAAG, 21 FEBR. De kans dat de WAO-plannen van het kabinet ongeschonden de eindstreep halen, wordt steeds kleiner. Het Tweede-Kamerlid Van Nieuwenhoven (PvdA) riep haar coalitiepartner VVD gisteren op samen met haar partij en D66 varianten voor het wetsvoorstel te ontwikkelen.

Staatssecretaris Linschoten (Sociale Zaken) zei bereid te zijn het voorstel aan te passen als het advies van de Raad van State of het debat in de Tweede Kamer daarvoor aanleiding geeft.

PvdA en D66 zijn weinig enthousiast over het voornemen van het kabinet om de WAO, de werknemersverzekering tegen arbeidsongeschikheid, gedeeltelijk te privatiseren. Veel minder omstreden in het plan is de zogenoemde premiedifferentiatie, waardoor de WAO-premies, anders dan nu, per bedrijfstak of per bedrijf zullen gaan verschillen. Het kabinet beschouwt dit als het belangrijkste onderdeel van zijn WAO-plannen.

De VVD'er Van Hoof zei gisteren tijdens een kort debat in de Tweede Kamer over de WAO dat hij de komende ontwikkelingen, zoals het binnenkort te verschijnen advies van de Raad van State, wil afwachten. “Maar één ding staat vast”, zei Van Hoof over de plannen, “dit onderdeel van het regeerakkoord is een zeer belangrijk onderdeel.” De VVD heeft steeds laten doorschemeren dat als deze afspraken uit het regeerakkoord op losse schroeven komen te staan, zij zich niet langer gebonden voelt aan het uitgangspunt dat de hoogte en de duur van de sociale uitkeringen niet worden aangetast.

Het Kamerlid Schimmel van D66 zei zich nog steeds gebonden te voelen aan het regeerakkoord. Maar de twijfel die haar fractie over de WAO-plannen al had, is alleen maar groter geworden door de kritiek vanuit de uitvoeringsorganen. Zo bestaat de vrees dat bedrijven alleen hun 'gezonde' werknemers particulier zullen verzekeren en de risicogevallen onder de bestaande, collectief gefinancierde WAO zullen laten vallen. Daarom steunt zij een alternatief plan waarbij bedrijven slechts een beperkte periode, één of twee jaar, zelf opdraaien voor de uitkering van een arbeidsongeschikt geworden werknemer.