Jonge startende ondernemer minder kansrijk

AMSTERDAM, 21 FEBR. Ondernemers die na hun dertigste starten hebben een grotere kans op overleven dan hun jongere collega's. De overlevingskans wordt ook positief beïnvloed door eerder opgedane ervaring in de desbetreffende bedrijfstak of beroep. Jonge mensen die ondernemer willen worden, kunnen beter eerst ervaring opdoen in loondienst. Dit concludeert M. van Praag in een onderzoek, waarop zij donderdag promoveert aan de Universiteit van Amsterdam.

Zij onderzocht de factoren die van invloed zijn op het starten en welslagen van individuele ondernemers. Doel van het onderzoek is het formuleren van aanbevelingen voor overheidsinstellingen en banken teneinde het aantal potentieel succesvolle ondernemers te vergroten en het aantal potentieel niet succesvolle starters te minimaliseren.

Opleiding speelt een belangrijke rol bij de groei van de onderneming. Naarmate de ondernemer een hogere opleiding heeft, bij voorkeur een bèta-opleiding, zijn de groeikansen groter. Macro-economische omstandigheden blijken niet van wezenlijk belang te zijn voor het welslagen van een individuele onderneming.

Ook de beweegredenen van een ondernemer om te starten zijn van wezenlijk belang voor succes. Zo hebben personen die vanuit gedwongen werkloosheid een onderneming beginnen minder overlevingskansen.

Vrouwen hebben een kleinere kans om ondernemer te worden, evenals mensen met een typische alfa-opleiding. Beide groepen van ondernemers blijken echter niet slechter te presteren dan gemiddeld.

Van Praag concludeert ook dat ondernemers die zijn geselecteerd door een kredietverstrekker op basis van hun vermeende ondernemerstalenten, niet beter zijn als ondernemer dan personen die geen bank hoeven te overtuigen van hun talenten. Kredietverstrekkers hebben volgens haar dus blijkbaar niet de instrumenten in handen om de potentieel meest succesvolle ondernemers te selecteren. Dat brengt maatschappelijke kosten en een verlies aan baten met zich mee, aldus Van Praag. (ANP)