Gedreven Buchanan is niet kansloos tegen vage Dole

MANCHESTER, 21 FEBR. Pat Buchanan heeft het zijn tegenstanders in de Republikeinse partij gisteren een stuk moeilijker gemaakt om nog te beweren dat hij geen kans maakt op de nominatie voor de presidentsverkiezingen. Zijn overwinning bij de voorverkiezing in New Hampshire, hoe klein ook, laat zien dat hij niet kansloos is tegen Bob Dole, wiens campagne veel beter georganiseerd en rijker is en die bovendien op de steun kan rekenen van vrijwel het hele partijapparaat.

Buchanan heeft een gedreven campagne gevoerd. Met weinig geld, een geïmproviseerde organisatie en zonder steun van prominente partijleden bleek hij een groep kiezers te kunnen aanspreken die breder is dan velen hadden voorspeld. Niet alleen conservatieve christenen schaarden zich blijkens opiniepeilingen achter Buchanan, ook mensen uit de lagere inkomensgroepen en de middenklasse die ongerust zijn over hun economische vooruitzichten of de plaats van de Verenigde Staten in de wereld.

Al in Iowa, waar vorige week caucuses zijn gehouden (partijbijeenkomsten waarop de aanwezigen hun voorkeur voor een kandidaat kunnen uitspreken), deed Buchanan van zich spreken. Zijn rivalen voorspelden dat hij daar weinig steun zou vinden, omdat in een staat die zo afhankelijk is van de export van landbouwproducten protectionisme door vrijwel iedereen wordt afgewezen. Maar hij eindigde daar op de tweede plaats, vlak achter Dole, dankzij de steun van een groot deel van de conservatieve christenen.

In New Hampshire is die laatste groep aanzienlijk minder talrijk, en dus werd voorspeld dat Buchanan de eerste echte voorverkiezing in het land niet kon winnen. De economische verbetering die de afgelopen jaren in deze staat is opgetreden (de werkloosheid is er niet hoger dan drie procent) zou het electoraat minder gevoelig maken voor Buchanans economisch populisme. Ook dat bleek een misrekening.

In tegenstelling tot Buchanan leek Dole de afgelopen weken in Iowa en New Hampshire wel een slaapwandelaar. De machtige leider van de Republikeinen in de Senaat, die twee keer eerder een gooi naar het Witte Huis deed, was nauwelijks in staat uit te leggen waarom hij president wil worden. Hij beroept zich op ervaring en bewezen talent om in Washington zaken voor elkaar te krijgen. Maar de grotendeels vage algemeenheden waarin hij spreekt inspireren zo weinig kiezers, dat hij niet - zoals was voorzien - de vanzelfsprekende kandidaat van zijn partij is. Voor zover het in Iowa nog niet duidelijk was heeft New Hampshire de zwakte van Doles kandidatuur onmiskenbaar aan het licht gebracht.

Het aantal gedelegeerden naar de partijconventie dat in deze staat verdiend kon worden is weliswaar niet groot, maar het politieke momentum dat een zege oplevert wel. Sinds 1964 heeft geen Republikein de nominatie van zijn partij gekregen zonder een overwinning in New Hampshire. Vorige week zei Dole zelf nog dat wie New Hampshire wint de nominatie krijgt - een uitspraak waar hij de afgelopen dagen al wat aan afdeed. Bij de Democraten liet Bill Clinton vier jaar geleden overigens zien dat een tweede plaats in New Hampshire toch kan leiden tot het presidentschap.

Ook in 1992 verraste Buchanan in New Hampshire door 37 procent van de stemmen te behalen tegen de zittende president Bush, die 58 procent kreeg. Sindsdien heeft het Amerikaanse electoraat herhaaldelijk aangegeven weinig vertrouwen te hebben in de traditionele manier van politiek bedrijven in Washington en in de daarmee verbonden politici. Het geringe enthousiasme voor Dole, met zijn carrière van meer dan dertig jaar in het Congres, is in dat licht niet zo verbazingwekkend.

Buchanan beweert dat hij de enige is die de kiezers weer in de partij terug kan brengen die bij de presidentsverkiezingen van 1992 niet op George Bush, maar op Ross Perot hebben gestemd. In zijn toespraken onderstreept de vroegere commentator steeds dat zijn campagne ook openstaat voor mensen die het op bepaalde punten niet met hem eens zijn. Gesprekken met kiezers geven aan dat hij inderdaad aanhangers heeft die voor het recht op abortus zijn of voor het vrijhandelsakkoord NAFTA. Buchanan is - net als Perot en net als Forbes - een buitenstaander, een politicus die zegt geen politicus te zijn. Dat spreekt nog steeds aan, zeker als het gaat om een bedreven redenaar en televisiepersoonlijkheid.

Toch is het moeilijk in te zien hoe Buchanan met zijn harde standpunten over abortus en homoseksualiteit, zijn aanvallen op het grote bedrijfsleven en de vrije markt, er ooit in kan slagen de hele partij achter zich te verenigen. Hij roept wel graag Ronald Reagan als zijn voorbeeld aan, maar deze geloofde in de vrije markt, was geen isolationist en zelfs een pleitbezorger van immigratie.

De uitslag in New Hampshire drukt de Republikeinse partij met de neus op een pijnlijk feit. Van de twee belangrijkste kandidaten is de een, Dole, niet in staat een overtuigende overwinning te behalen in een deelstaat waar alles in zijn voordeel zou moeten werken, terwijl de ander, Buchanan, met zijn opvattingen de partij dreigt te verdelen. Maar zolang Dole en Alexander elkaar de gematigde Republikeinen betwisten, en ook nog kandidaten als Forbes en Lugar in die vijver vissen, zal Buchanan als onbetwiste Mr. Conservative moeilijk naar de zijlijn gedrongen kunnen worden.

Ondanks zijn zielloze campagne lijkt Dole niet van plan om op te geven. Tegenslagen heeft hij in zijn leven veel gehad, van zijn bijna fatale oorlogsverwonding tot zijn twee vergeefse campagnes voor de Republikeinse nominatie. Hij weet dat zowel Buchanan als Alexander over veel minder geld en organisatie beschikt dan hij. En de talloze Republikeinse prominenten die hun lot aan zijn campagne hebben verbonden zullen hem niet aanmoedigen op te geven. Hoe eerder Alexander en de andere kandidaten afvallen, hoe beter het voor hem is. Maar als Dole niet snel zijn campagne tot leven brengt zal hij op zijn best in november een eenvoudige prooi voor Clinton zijn. Alexander zal zich de komende weken concentreren op een paar staten waar hij misschien een overwinning kan boeken, om zo zijn campagne vaart te geven en nieuwe financiers aan te kunnen trekken.

Buchanans campagne heeft nu waarschijnlijk voldoende momentum gekregen om de race tot de conventie in augustus te kunnen volhouden. Al die tijd zal de strijd om de toekomstige richting van de partij in alle hevigheid worden gevoerd. Het leiderschap van de partij, met voorop voorzitter Newt Gingrich van het Huis van Afgevaardigden, zal dat met afschuw aanzien. Maar het valt te betwijfelen of hij en zijn geestverwanten in de partijtop veel kunnen doen om het touwtrekken over de partijkoers te voorkomen. Het systeem van voorverkiezingen laat nu juist de kiezers aan het woord. En zoals gisteren is gebleken trekken die zich weinig aan van de aanbevelingen van hun voormannen. Als de kiezers in de voorverkiezingen Buchanan meer dan de helft van alle 1990 gedelegeerden geven, dan kan de partijleiding hem moeilijk de nominatie onthouden.

Het seizoen van de voorverkiezingen duurt nog tot eind juni. De afgelopen maanden hebben laten zien dat in korte tijd kandidaten en mogelijke kandidaten razendsnel kunnen opkomen en weer terugzakken. Hetzelfde geldt voor de onderwerpen. In een paar weken verschoof de aandacht van de kandidaten en hun campagnes van de evenwichtige begroting en een kleiner overheidsapparaat naar hervorming van het belastingsysteem (Forbes' uniforme tarief) en nu naar de Amerikaanse handelspolitiek, de onzekerheden van de arbeidsmarkt en de grote bedrijfswinsten. In zo'n grillig klimaat is weinig uit te sluiten.

    • Juurd Eijsvoogel