Weer commotie bij antroposofen over uitspraken Steiner

HILVERSUM, 20 FEBR. Vice-voorzitter C. Wiegert van de Antroposofische Vereniging is het eens met enkele omstreden uitspraken over rassen van Rudolf Steiner, grondlegger van de antroposofie. In het radioprogramma Het voordeel van de Twijfel van de Humanistische Omroepstichting schaarde hij zich gisteren achter Steiners uitspraken over negers en indianen.

Steiner vergeleek de ontwikkelingsfase van het “zwarte ras” met die van een klein kind. “Zonder discriminerend te willen zijn: je ziet dat bijvoorbeeld op het gebied van de vitaliteit, dat is in het zwarte ras een geweldige meerwaarde”, aldus Wiegert. “Kijk maar naar Ajax. Ik heb niks tegen Ajax hoor, maar je ziet toch dat daar vitaliteitsoverschotten zijn die jij en ik niet bij de hand hebben.”

Verder noemt Wiegert, docent aan een Vrije School in Den Haag, Steiners idee dat de uitroeiing van de indianen een 'kosmische noodzaak' was, “geen beladen uitspraak”. “Toen de Europeanen zich met de negers gingen bemoeien, is dat volk niet te gronde gegaan. Integendeel. Dat volk werd almaar groter en assimileerde de westerse beschaving. Als je daartegenover ziet wat er bij Wounded Knee is gebeurd met de indianen, dan is dat een onvoorstelbare tragedie. Daar zie je dat echt iets uitgeblust werd.”

Ruim een jaar gelden ontstond commotie binnen de Vrije Scholen, die werken volgens de uitgangspunten van Steiner, over het schrift van een leerling van de Vrije Berkelschool in Zutphen. In het schrift stond de uitspraak van een docent dat negers dikke lippen hebben. “Geen relevante informatie”, aldus beleidsmedewerker H. van Renesse van de Bond van Vrije Scholen in Driebergen.

Het afgelopen jaar hebben enkele Vrije Scholen in Nederland zich van de uitspraken van Steiner gedistantieerd, waaronder de school in Zutphen en de Vrije Schoolgemeenschap Geert Groote in Amsterdam. Leraar Nederlands M. Seelen daar, die onderzoek deed naar de uitspraken van Steiner, betreurt de uitlatingen van Wiegert voor de radio. Hij verklaart de opmerkingen uit een “gebrek aan antipathie” voor het werk van Steiner. “Juist antroposofen zouden het werk van Steiner kritisch moeten lezen.”

Directeur J. de Boer van de begeleidingsdienst voor de Vrije Scholen meent dat enkele uitspraken van Steiner niet anders dan als racistisch kunnen worden gekenmerkt. Of ze voortkomen uit een rassentheorie moet volgens De Boer worden betwijfeld, eerder is sprake van “eurocentrisch denken”. Steiner deed zijn meest omstreden uitspraken in 1922 in enkele voordrachten voor arbeiders bij de bouw van het Goetheanum, het antroposofisch centrum in het Zwitserse Dornach nabij Bazel. Volgens verslagen van de voordrachten heeft Steiner verder gezegd dat huidskleur bepalend kan zijn voor de innerlijke ontwikkeling van personen en dat zwangere vrouwen die negerromans lezen, de kans lopen mulatten te baren. “Merkwaardige missers van Steiner”, zegt Van Renesse van de Bond van Vrije Scholen.

Er zijn volgens gegevens van de bond in Nederland negentig Vrije Scholen: 76 voor basisonderwijs, zestien voor voortgezet onderwijs en drie voor speciaal onderwijs.