Treurige verhalen maar onvoldoende verklaard

De kant van het kind, Ned.1, 22.44u.

Je bent 50, tot je 22ste door beide ouders lichamelijk en geestelijk mishandeld en nog wil je, jaren na zijn dood, zeggen: “Dag pa.” En na de dood van je moeder is er de diepe teleurstelling dat zij het nooit heeft kunnen opbrengen je een aardige jongen te noemen. “Hoe kom ik er van af”, zegt Frans (50) in de driedelige documentaire over kindermishandeling waarvan de KRO vanavond het tweede deel uitzendt. Er komen vijf volwassenen in aan het woord die terugblikken op een verwoeste jeugd, op ouders die schromelijk te kort zijn geschoten in hun taak als opvoeder en met wie ze later niet in het reine hebben kunnen komen. Geen van hen heeft het geluk gehad een plaatsvervanger voor de ouders te vinden, althans dat blijkt niet uit de documentaire. Wel is duidelijk dat de biologische ouders nog steeds een belangrijke rol in hun leven spelen.

Zo probeert de 28-jarige Annelies koste wat kost haar vader telefonisch te pakken te krijgen - zonder succes. Zichtbaar trillend van kwaadheid legt ze uiteindelijk de hoorn op de haak. Bij Els thuis was in materieel opzicht alles kits, maar liefde was een schaars goed: “Je had er niet moeten zijn, door jou kom ik nog eens vroegtijdig in het graf terecht”, sprak haar moeder op een dag. De omgang met haar driftig aangelegde vader liet ook veel te wensen over. Vanuit haar auto, ze is taxichauffer, heeft ze hem voor de laatste keer gezien toen hij op een scooter reed. De wens dat hij dood zou zijn, schoot door haar hoofd. Het zou toch nooit meer goed komen. Ze weet inmiddels voor zichzelf dat ze moet ophouden met hopen dat dat ooit gebeurt.

De vader van Bernadette was altijd kwaad. “Waarom? Dat is de grote vraag.” Onder het eten mocht niet gegiecheld worden, vriendjes en vriendinnetjes mochten nooit bij haar thuis komen. “Dat was leuk en leuk mocht niet.” De klerenkast werd ook voor andere doeleinden gebruikt: als gesloten kinderbewaarplaats. “Als kind begrijp je dat niet.” De moeder nam het niet voor haar op. Bij Ronald thuis was het ook geen pretje: een slagersmes naar je hoofd gesmeten krijgen, uitgescholden worden en vernederd. Soms stelt hij zich voor plankgas naar de woning van zijn vader te rijden en “hem in zijn klauwen te grijpen.”

De ondervraagden vertellen stuk voor stuk treurige verhalen maar dat maakt dit nog niet tot een goede documentaire. Er wordt veel te weinig in verklaard, geen van de geïnterviewden wordt bijvoorbeeld gevraagd uit welk nest hun ouders kwamen en of daar misschien ook werd geslagen. “Ik ben in staat emoties te blokkeren”, zegt een vrouw op een bepaald moment. Als goed documentaire-maker prik je daar door heen en vraag je door. Soms begin ik echt te geloven dat alleen de VPRO over goede documentaire-makers beschikt.