Petsen en zingen op feestje voor peuters

Concert: Recital door Het Gevolg, vanaf 4 jaar. Regie: Arlette van Overvelt. Zang: Katrine Druyts. Piano: Kris Daelemans. Spel: Piet Mussche. Gehoord: 18/2, Brakke Grond Amsterdam. Nog te horen: 25/2 Eindhoven, 25/4 Den Bosch. Inl 00 32 3 2352117.

Waarschijnlijk zullen recitalgevers waar ook ter wereld kleuters het liefst ver buiten gehoorsafstand houden. Bij Recital van de Vlaamse jeugdtheatergroep Het Gevolg is het eerder zo dat je als volwassene een beetje uit de toon valt tussen een publiek, dat het kruipstadium ternauwernood ontgroeid lijkt. Er dreigt nog even helemaal niet opgetreden te worden omdat de musici zoek zijn. Een zenuwachtige inspicient in overall neemt de honneurs waar en ontdekt een hummend duo in de enorme, naast de vleugel opgestelde kist. Gehuld in wit rokkostuum en zonder een woord te zeggen rijgt het tweetal drie kwartier lang wonderlijke geluiden, muzikale grapjes, bekende kinderdeuntjes en fragmenten van klassieke liederen aaneen tot een vrolijke ketting. De draad is die van de associatie.

De a van de stemvork blijkt precies zo uit de piano en de zangeres te komen en groeit uit tot 'Moriaantje zo zwart als roet'. Met een grote bus wordt het ritme mee geschud. Zangzaad zit daarin en laat er nu in die grote kist ook een kanarie met kooi verstopt zijn! Ondanks zijn verse bakje voer vertikt hij het om te zingen, zodat hem voor straf een stukje van Rossini's kattenduet wordt toegemauwd. Duetten blijk je trouwens op verschillende manieren te kunnen uitvoeren: pianosnaren met pianotoetsen, speeldoos met piano, zangeres met pianist die fluit als een straatjongen. En op een niet te regisseren moment van doodse stilte zal de onwillige vogel toch nog invallen met zoet gekwetter.

Het accent in dit theatraal muziekfeestje ligt op ritme en beweging, voor kleine kinderen het eerst herkenbare aan muziek. De driekwartsmaat kun je met je lijf moeiteloos zichtbaar maken, ritme wordt niet alleen duidelijk met castagnetten, maar ook door op je wangen te petsen, te hijgen en te puffen of de vleugel te beroffelen. De klassiek geschoolde zangeres presenteert zich in de eerste plaats als geluidsproducent, die dan terloops ook eens een flardje aria 'meepikt'.

Na het applaus verdwijnen de artiesten met boeket en al weer in de kist. 'Je vogeltje', roept een toeschouwer zorgelijk, waarop het grut mag helpen opruimen en tot slot nog voor een laatste verrassing rond de vleugel wordt genood. Met zijn allen moeten ze een dieresoort onder de klep roepen. Op hun keihard gebrulde 'paard' geeft de vleugel een mysterieuze klont met trillingen terug. “Allemaal kleine veulentjes”, stelt de man in de overall vast, met precies de toon van verbazing die ook verder deze intieme voorstelling bepaalt. Professionele musici die zich nog verwonderen over het ontstaan van de muziek: een betere kennismaking kun je je als klein mens nauwelijks wensen.