Mexicaanse truckers komen niet verder dan grens van VS

NOGALES, 20 FEBR. De teleurstelling maakt langzaam plaats voor woede. “Dat NAFTA-verdrag is alleen maar goed voor de grote bedrijven. Voor ons, de kleine chauffeurs, doet het niets.” Om de boze vrachtwagenchauffeur heen verzamelt zich een groepje collega's die allen hun duit in het zakje willen doen als het gaat om het beschimpen van het Noordamerikaanse vrijhandelsverdrag tussen Mexico, de Verenigde Staten en Canada.

Hier, op een groot terrein op een steenworp afstand van de Mexicaans-Amerikaanse grens in het tweelingstadje Nogales, verzamelen de Mexicaanse vrachtwagenchauffeurs zich alvorens de grens over te gaan. Op het terrein, eigendom van de vereniging van groentenexporteurs, worden de Mexicaanse trucks technisch onderzocht volgens de Amerikaanse criteria en door Amerikaanse inspecteurs die door de exportvereniging zijn ingehuurd. De teleurstelling van de klagende vrachtwagenchauffeur is begrijpelijk. Zijn vrachtwagencombinatie is net afgekeurd door een Amerikaanse inspecteur, nog geen twee dagen nadat een Mexicaanse inspecteur een goedkeuringsbewijs had afgegeven.

Sinds 18 december vorig jaar worden alle Mexicaanse vrachtwagens die bij Nogales de grens oversteken om met hun produkten maximaal 22 mijl landinwaarts te gaan naar de hier verzamelde Amerikaanse distributiecentra, extra streng gekeurd bij de grensovergang Mariposa ('vlinder'). “Het werkt”, zegt het hoofd van de Amerikaanse douane hier, mevrouw Celia de la Ossa, “sinds 18 december hebben we nog maar een handjevol wagens moeten afkeuren. De eigenaren haasten zich nu om hun voertuigen te laten voldoen aan de eisen van de wet.”

Dat is ook exact het doel van de voor-inspectie op het terrein van de exportvereniging in het Mexicaanse Nogales. Alles wat hier wordt afgekeurd kan alsnog worden gerepareerd. Zo niet, dan wordt de lading met andere, reeds goedgekeurde voertuigen over de grens gebracht. Het is begrijpelijk dat mevrouw De la Ossa en haar douaniers slechts een paar vrachtwagencombinaties hebben geweigerd van de 700 die dagelijks de speciale grensovergang voor vracht van Nogales benutten; bij de voor-inspectie sneuvelen er al vele. De woede van de Mexicaanse vrachtwagenchauffeurs is ook begrijpelijk: al bij een niet-werkend waarschuwingslampje in de cabine wordt de vrachtwagencombinatie afgekeurd. De Amerikaanse maatstaven zijn duidelijk niet de Mexicaanse, de Amerikaanse inspecteurs zijn duidelijk minder gevoelig voor wat geld onder de tafel dan de Mexicaanse.

De situatie rond het Amerikaans-Mexicaanse vrachtvervoer over de weg heeft intussen de proporties aangenomen van een fikse rel tussen de twee partners in NAFTA. Als testcase voor het nu twee jaar in werking zijnde vrijhandelsverdrag laat de truckersruzie duidelijk zien dat Mexico en de Verenigde Staten (en in mindere mate de derde handelspartner, Canada) ongelijke grootheden zijn die per se in hetzelfde maatkostuum willen passen.

Volgens NAFTA moeten de aangesloten landen hun grenzen nu openstellen voor elkaars vrachtwagens. Tot nu toe mogen de Mexicaanse wagens de VS niet in en omgekeerd. Uitzondering vormen de wagens met zowel Amerikaanse als Mexicaanse platen die veelal worden gebruikt door de fabrieken van de zogenoemde maguiladora-industrie in het grensgebied. Maar verreweg de meeste produkten die vanuit Mexico over de weg naar de Amerikaanse markt gaan, komen niet verder dan de grens, waar ze worden overgeladen in trailers met een Amerikaans kenteken.

Deze, voor Europese begrippen bijzondere situatie, heeft overigens geleid tot een aparte klasse vrachtwagenchauffeurs, die burros (muilezels) worden genoemd. Evenals hun criminele naamgenoten - die zich toeleggen op de smokkel van verdovende middelen - doen de 'burros' van het vrachtvervoer niets anders dan Mexicaanse produkten, vooral groenten, in hun goedgekeurde vrachtwagencombinaties te vervoeren van de Mexicaanse grensplaats naar de Amerikaanse distributeur. Die hebben doorgaans een op- of overslagplaats binnen de 22-mijlszone. “Ik doe dingen die andere chauffeurs niet kunnen”, zegt 'burro' Ramón López Castro op het douane-emplacement Mariposa, terwijl hij met een Mexicaans paspoort zwaait. Uiteraard hebben López en zijn collega's geen enkel belang bij de door NAFTA voorgestelde liberalisering van het vrachtvervoer.

Datzelfde geldt voor de machtige en in het verleden wegens banden met de georganiseerde misdaad regelmatig in opspraak gekomen Amerikaanse bond van vrachtwagenchauffeurs, de Teamsters. De bond voelt er niets voor dat Mexicaanse chauffeurs met hun lage lonen en veelal oudere en onverzekerde vrachtwagencombinaties mogen concurreren met de dure, glimmende trailers van de Teamster-leden.

Ron Carey, als Teamster-voorzitter een opvolger van de legendarische, maar nog steeds spoorloos verdwenen Jimmy Hoffa, zei onlangs dat “de grote bedrijven trachten de werkgelegenheid van de individuele chauffeurs kapot te maken”. De Teamsters waren, evenals de overkoepelende vakcentrale AFL-CIO, van het begin af aan fel gekant tegen NAFTA. De bond is nu een campagne begonnen van radioreclames waarbij geageerd wordt tegen de liberalisering van het vrachtverkeer tussen Mexico en de Verenigde Staten. De Teamsters willen dat over dit gedeelte van het NAFTA-verdrag opnieuw wordt onderhandeld.

De Mexicaanse vrachtwagenchauffeurs bij het emplacement Mariposa en op het terrein van de exportvereniging zeggen intussen helemaal niet in de Verenigde Staten te willen rijden. De meesten van hen spreken niet of nauwelijks Engels. Ze zijn ook van mening dat hun Amerikaanse collega's niet naar het zuiden willen komen. “Op de wegen in Mexico kunnen wij het wel uithouden. Maar bij die glanzende Amerikaanse trucks trillen binnen de kortste keren alle schroeven los”, zegt de 60-jarige eigen rijder Juan Camaney. Een collega voegt er aan toe, dat de regelmatige roofovervallen op vrachtwagens in Mexico de Amerikanen ook zullen afschrikken.

Behalve de vrachtwagens is ook een belangrijk deel van de produkten die ze vervoeren, Mexicaanse tomaten, nu de inzet geworden van een ruzie binnen NAFTA. Tomatenkwekers in Florida hebben geprotesteerd tegen wat zij noemen de vloedgolf van goedkopere tomaten die uit Mexico komt. Daarbij worden vooral argumenten van fitosanitaire aard in de strijd geworpen. Maar de door de gedevalueerde peso nog goedkoper geworden tomaten uit Mexico vormen vooral in deze wintermaanden voor de Amerikaanse oostkust een onmisbare aanvulling op de eigen produktie. Jaarlijks exporteert Mexico ter waarde van 550 miljoen dollar aan tomaten naar de VS.

De Mexicaanse voordelen van NAFTA wegen overigens niet op tegen die van de Verenigde Staten. NAFTA heeft, sinds het verdrag op 1 januari 1994 in werking trad, een enorme impuls gegeven aan de Amerikaanse uitvoer naar Mexico. De peso-crisis die op 20 december van dat jaar uitbrak heeft tijdelijk een einde gemaakt aan de golf importen in Mexico. Dat NAFTA nu weer een heet hangijzer is geworden heeft ook veel te maken met het politieke klimaat in de Verenigde Staten, waar in november presidentsverkiezingen worden gehouden. Vooral in Republikeinse kring zijn nu, net als in 1992, de anti-NAFTA-geluiden weer volop te beluisteren.

    • Reinoud Roscam Abbing