Noodzaak 'Rome' tekent het gebrek aan vredeswil

Amerikaanse Bosnië-bemiddelaar Richard Holbrooke lijkt, luttele dagen voor zijn afzwaaien, dit weekeinde in Rome opnieuw het bijna-onmogelijke te hebben gepresteerd: hij heeft de ruziënde partijen in ex-Joegoslavië er opnieuw toe gebracht de stellingen waarin ze zich de afgelopen weken hadden ingegraven, te verlaten en concessies te doen waartoe ze nog maar enkele dagen geleden tot geen prijs bereid waren.

Hoe het overleg achter gesloten deuren in Rome is verlopen, is door niemand na afloop meegedeeld. Maar men kan gerust aannemen, dat Holbrooke en de andere vertegenwoordigers van de internationale gemeenschap de partijen - de presidenten Izetbegovic van Bosnië, Milosevic van Servië en Tudjman van Kroatië en de vertegenwoordigers van de Bosnische Serviërs en Kroaten - het mes op de keel hebben gezet, dreigend met ernstige consequenties en lokkend met concessies.

Zo heeft Izetbegovic drie zware concessies moeten doen. Hii is er in Rome toe gebracht het denkbeeld van een vervroegde overdracht van de Servische wijken van Sarajevo aan de Bosnische regering te laten varen: die overdracht komt pas, zoals voorzien in het verdrag van Dayton, op 20 maart, en niet al één maand eerder. Verder heeft hij moeten beloven dat de muhajedeen - de buitenlandse islamitische fundamentalisten die met zijn troepen hebben meegevochten - daadwerkelijk het land worden uitgezet. En hij mag niet langer lukraak Bosnische Serviërs oppakken om hen als vermeende oorlogsmisdadigers vast te zetten. Van oorlogsmisdaden verdachte personen mogen voortaan slechts worden opgepakt op grond van een tevoren overlegde lijst waarop hun namen moeten voorkomen en op grond van tevoren uitgevaardigde arrestatiebevelen. In ruil komen er nieuwe, soepeler regels voor de aanhouding van verdachte oorlogsmisdadigers.

De Servische leider Milosevic en de Bosnische Serviërs, voor wie hij onderhandelt, hebben eveneens diep moeten buigen. De Bosnische Serviërs geven met onmiddellijke ingang hun boycot van alle contacten met de NAVO, de vredesmacht IFOR, wederopbouw-coördinator Bildt en de gezamenlijke militaire commissie, een overlegorgaan met de moslims, op. Die boycot, afgekondigd na de arrestatie van twee hoge Servische officieren en hun uitlevering aan het VN-tribunaal in Den Haag, was de meest serieuze bedreiging van het vredesproces: zonder contact geen vrede.

In ruil voor die tegemoetkoming worden de internationale sancties tegen de Bosnische Serviërs opgeheven - een zeer belangrijke concessie.

De Kroaten tenslotte hebben in Rome ingestemd met de hereniging van de verdeelde stad Mostar op grond van het verdelingsplan van EU-bestuurder Hans Koschnick: met ingang van morgen om 12.00 uur moeten de burgers van Mostar volledige bewegingsvrijheid krijgen, moeten de moslim-, de Bosnisch-Kroatische en de EU-politie - versterkt met honderd moslim-politiemannen uit andere delen van Bosnië en honderd politiemannen uit Kroatië - gezamenlijk gaan patrouilleren, en moeten vluchtelingen naar hun woningen kunnen terugkeren.

Om de naleving van die afspraken af te dwingen was niet alleen president Tudjman van Kroatië naar Rome ontboden, maar ook de burgemeester van 'Kroatisch Mostar', Mijo Brajkevic. Brajkevic heeft zich steeds het hardnekkigst verzet tegen de vereniging van de stad, de opheffing van het moslim-getto en vrijheid van beweging voor de 57.000 ingesloten moslims. Hij was ook de man die vorige week de demonstratie op touw zette waarbij EU-administrateur Koschnick langdurig werd beledigd en bedreigd door woedende Kroaten, die dreigen hem te lynchen.

In ruil voor die vergaande Kroatische concessie past Koschnick zijn verdelingsplan voor Mostar ietwat aan. Dat plan voorziet in de vorming van drie moslim- en drie Kroatische districten en één neutraal district. In dat gemeenschappelijke gebied liggen het vliegveld en het station. De Kroaten wilden van zo'n neutraal district niets weten. Dat ligt ten eerste geheel op door hen gecontroleerd gebied ligt - zodat sprake is van 'terreinverlies' - en ten tweede wordt het bewoond door een moslim-meerderheid, zodat de Kroaten bij een democratisering van de stad moeten vrezen voor het verlies van het district.

In hoeverre de grens van nu wordt aangepast, is nog niet duidelijk, maar wel dat de Kroaten, door in te stemmen met het verdelingsplan, het herstel van de vrijheid van beweging en de gezamenlijke politiepatrouilles, eveneens zeer diep hebben gebogen. Hoe diep mag blijken uit het feit dat discussies over het probleem-Mostar de afloop van het Romeinse overleg ruim drie uur deden uitlopen.

De afspraken van Rome zijn indrukwekkend. Maar er zijn al eerder indrukwekkende afspraken gemaakt, die vervolgens werden geschonden. Dat er twee maanden na de plechtige ondertekening van het Dayton-vredesakkoord in Parijs een conferentie in Rome nodig was om de partijen op hun beloften vast te spijkeren, zegt al veel over hun gebrek aan goede wil.

Ze hebben de strijdbijl begraven, maar zetten de oorlog onverminderd voort binnen de ruimte die hun tussen de witregels van het vredesakkoord wordt gelaten. De Bosnische oorlog is er aldus een van stille sabotage geworden - door elke van de drie partijen. Als de internationale gemeenschap hen niet op de vingers blijft kijken, ligt een nieuwe oorlog om de hoek.

Morgen al komt de eerste test voor 'Rome': dan moeten de Bosnische Kroaten hun sabotage van het verenigingsplan van Mostar opgeven. Twee jaar lang hebben ze, alle beloften ten spijt, de 57.000 moslim-inwoners in hun getto opgesloten gehouden en per dag hooguit tweehonderd mensen - vrouwen, kinderen en bejaarden - de bestandsgrens over gelaten. Zaterdag nog - dus terwijl in Rome werd gepraat - stuurden ze in strijd met de afspraken honderdvijftig moslim-jongeren, die in Kroatisch Mostar een begrafenis wilden bijwonen, aan de bestandsgrens terug. Van de twee jaar geleden afgesproken gezamenlijke politiepatrouilles moet de tweede nog plaatsvinden - de eerste bleef de enige nadat de deelnemende moslimagent werd geïntimideerd.

    • Peter Michielsen