Kunst brengt scheidslijnen weer tot leven...

Fokker in en Van den Dobbelsteen uit de lucht. Het Oranje-gevoel van de christen-democraat Wim Mateman laat zich in één zin samenvatten. Het Tweede-Kamerlid werpt zich sinds vorige week weer op als bewaker van het cultuurhistorisch erfgoed. Zijn toorn richt zich dit maal op twee kolossale lichtsculpturen en een fel gekleurd tapijt van de kunstenaar Jan van den Dobbelsteen die de pas gerestaureerde oude vergaderzaal van de Tweede Kamer sieren.

Mateman heeft een reputatie als parlementaire 'kunstpaus'. In 1991 leidde hij het verzet tegen een beeld van de Grieks-Italiaanse kunstenaar Jannis Kounellis. De toenmalige minister Hedy d'Ancona (WVC) had het beeld, een zeven meter hoge gietijzeren sokkel met daarop een stalen korf met brokken steenkool, namens de regering aan de Tweede Kamer cadeau willen doen bij de opening van het nieuwe gebouw. “Lelijk”, oordeelde Mateman over de 'kolenkit' en Nederland beleefde een parlementair novum. Voor het eerst in de geschiedenis werd gestemd over een kunstwerk en met 70 tegen 61 stemmen verwierp de Kamer het.

“Wat heeft men de zaal verpest met deze quasi-modernistische uitvoering. Verschrikkelijk”, oordeelt Mateman nu over de kunst van Van den Dobbelsteen. Met de kleur blauw van de lichtsculpturen heeft hij zich willen afzetten tegen de roomwitte entourage. De kroonluchters hebben de vorm van twaalf vlakken van regelmatige vijfhoeken. De twaalf vlakken bestaan uit blauwe ribben waarin tl-buizen zijn verwerkt waarvan het licht via ronde openingen naar buiten komt. De 'open voetbal' is volgens Mateman “een verkwisting van belastinggeld” en een “historische belediging”.

    • Cees Banning