Kamer verbaasd over uitkomsten CITO-onderzoek

DEN HAAG, 19 FEBR. In de Tweede Kamer is met verbazing gereageerd op de uitkomsten van een CITO-onderzoek waaruit blijkt dat een kwart van de Mavo-leerlingen vorig schooljaar in de eerste twee klassen hetzelfde niveau haalde als de gemiddelde VWO'er.

VVD, PvdA, CDA en D66 vinden dat het onderzoek meer vragen oproept dan beantwoordt. Liefst deze week nog willen ze van staatssecretaris Netelenbos (Onderwijs) weten hoe zij deze overlap in prestatieniveau tussen leerlingen van verschillende schooltypen verklaart.

Maar Netelenbos zal pas in mei op de zaak ingaan, aldus haar woordvoerder. Dan beschikt ze over een advies van een vorig jaar door haar ingestelde commissie die nader onderzoekt welke problemen scholen hebben met de toetsen van de basisvorming, het in 1993 ingevoerde lesprogramma in de eerste klassen van het voortgezet onderwijs. Sindsdien krijgen alle leerlingen les in dezelfde vijftien vakken. Het tempo mag verschillen per school, maar na twee of drie jaar moeten alle leerlingen dezelfde toetsen maken.

Op basis van deze toetsen, die vorig schooljaar voor het eerst werden afgenomen, constateerde het CITO vorige week dat de schoolprestaties van leerlingen in de verschillende schooltypen aan het eind van de basisvorming elkaar overlappen. Een kwart van de Mavo-leerlingen scoorde vorig schooljaar ten minste zo goed als de gemiddelde VWO'er. Ook bleek dat één op de tien leerlingen in het voorbereidend beroepsonderwijs de helft van de VWO-leerlingen in absolute schoolprestaties voorbijstreeft.

VVD en CDA sluiten niet uit dat de basisvorming het onderwijsniveau “zorgwekkend” heeft verlaagd waardoor goede Havo- en VWO-leerlingen niet meer “tot presteren worden uitgedaagd”. Beide fracties vragen zich bovendien af of de onderzoekers er wel rekening mee hebben gehouden dat sommige leraren hun leerlingen niet de hele toets hebben laten maken. Tweede-Kamerlid C. Cornielje (VVD): “Misschien hebben juist die Mavo-leerlingen maar een gedeelte van de toets gemaakt. Als dat in de vergelijking niet is meegenomen, heb je appels met peren vergeleken en is het onderzoek niets waard.”

De PvdA ziet in het CITO-onderzoek bewijs voor de stelling dat scholen leerlingen “te gemakzuchtig doorverwijzen” naar verschillende schooltypen. Tweede-Kamerlid Liemburg, “Mijn eerste reactie is: er wordt nog te veel verwezen op basis van sociale afkomst en niet op kunnen. Misschien moeten we alle leerlingen de eerste drie jaar in eenzelfde schooltype opvangen. Als je kinderen uitdaagt te presteren, komt er meer uit.”

Zover wil D66 nog niet gaan. Wat Tweede-Kamerlid U. Lambrechts vooral bezighoudt is de vraag of de toetsen die de leerlingen moesten maken niet te veel waren toegesneden op Mavo-leerlingen. “Ik wil precies weten wat die toets wel test en wat niet.”