In de swingbeat van R. Kelly in de Ahoy' ontbreekt God goeddeels tussen de liefde en de seks; De hedendaagse soul, maar minder hartstochtelijk

God en Seks vormen voor swingbeatzangers een vanzelfsprekend verbond. Hun redenering is simpel: God is Liefde en bij Liefde hoort Seks. En dus brengen ze in het ene lied een ode aan de lichamelijke liefde, om in het volgende God de Schepper te danken voor hun bestaan.

Ook de Amerikaanse swingbeatzanger R. Kelly heeft God en Seks een belangrijke plaats gegeven op zijn vorig jaar verschenen derde en titelloze cd. The Sermon heet het eerste nummer van deze cd en het klinkt, met een prominent aanwezig orgel en de stemmen van de 'brothers and sisters' die hem aanmoedigen, als een kerkdienst van een zwarte Pinkstergemeente. The Sermon is een antwoord op de kritiek dat R. Kelly in nummers als zijn hit Bump and Grind and wel héél erg veel en wel héél erg expliciet over vrouwen en seks zingt. “Ever since God has blessed me it seems like / Everything is going a little different”, zingt hij. “It's funny how things have changed / Even the Statue of Liberty wants to bump & grind / Can I get a witness? / I don't see nothing wrong with a little truth / (Now wait a minute - go there with me) / You see the Good Book says that the truth is a light / I think it's time to turn on your light so you can see / Can I talk on? / (-) / So before you go trying pass jugdment on me / Pass judgment on yourself.”

Tijdens zijn concert, zaterdag in de Ahoy' in Rotterdam, liet R. Kelly de religieuze kant van zijn muziek, op de eerste regels van het Onze Vader na, achterwege. Voor een uit voornamelijk uit zwarten bestaand publiek, ging het live alleen om seks en liefde.

Het was wonderlijk om te zien en te horen hoe weinig de toch vadsige R. Kelly nodig had om de meisjes te doen gillen. Trok hij de vorige keer in de Ahoy' nog zijn broek uit om trots zijn Calvin Klein-ondergoed te tonen, nu was een enkele schokbeweging van het onderlijf genoeg voor snerpende bijval. En als Kelly eens flink in zijn eigen kruis greep, werd de muziek zelfs overstemd door de meisjesgeluiden. En die muziek was hard, veel te hard, zodat de begeleiding, ondanks de aanwezigheid van drie toetsenisten, twee gitaristen en een drummer, niet meer dan een bonkend 'boenga, boenga, boenga' voortbracht.

R. Kelly is natuurlijk niet de eerste die seks, God en liefde tot zijn thema heeft verheven: soulzangers als de in 1984 doodgeschoten Marvin Gaye deden niet anders. Andere swingbeatzangers zijn wat minder geobesedeerd door seks dan Kelly, maar liefde en alles wat daarbij hoort vormen het belangrijkste thema van de swingbeat. Hierin verschilt swingbeat niet van de soul van de jaren zestig en zeventig.

Er zijn wel meer overeenkomsten tussen de oude soul en de nieuwe swingbeat, dat als genre omstreeks 1988 door zangers als Bobby Brown en vooral producer Teddy Riley werd gedefinieerd. Zo is ook in veel swingbeat heel duidelijk de gospelmuziek te horen; net als soulzangers komen veel swingbeatzangers dan ook rechtstreeks uit het kerkkoor. En net als in de soul, die anders dan de mannenwereld van de rock 'n' roll, een groot aantal vrouwelijke artiesten heeft voortgebracht, is het vrouwelijke aandeel in de swingbeat groot. Met groepen als SWV, Jade, X-Scape en TLC heeft de swingbeat gezorgd voor een opleving van de meisjesgroepen.

Met de vroegere soul deelt swingbeat ook het gebrek aandacht in de blanke pers. Toen James Brown, Marvin Gaye en al die anderen twintig, dertig jaar geleden hun hits hadden maakten, gold hun muziek voor de meeste blanke critici als ordinair, oppervlakkig en commercieel. De kritische waardering voor soul ontstond pas toen de gouden tijd van het genre voorbij was. Waarschijnlijk moet ook de swingbeat een paar decennia wachten voor het als belangrijke muziek wordt erkend.

De overeenkomsten tussen soul en swingbeat strekken zich ook uit tot de levens van de zangers. Waren ongewoon veel soulzangers betrokken bij vreemde ongelukken en schietpartijen met vaak noodlottige gevolgen, ook de swingbeatzangers leiden vaak een turbulent bestaan. Bobby Brown, de man van Whitney Houston, is al verschillende keren gearresteerd wegens geweldplegingen en was betrokken bij een dodelijke schietpartij. En R. Kelly kwam de laatste jaren verschillende keren in het nieuws wegens zijn vermeende, scandaleuze huwelijk met de vijftienjarige zangeres Aaliyah.

Ook de swingbeat-makers zelf zijn zich zeer bewust van de gelijkenis van hun muziek met die van hun voorgangers en in sommige gevallen begint hun muziek steeds meer te lijken op oude soul. Op de laatste cd's van bijvoorbeeld TLC en Mary J. Blige wemelt het van de verwijzingen naar de glorietijd van de soul. Zo is I'm The Only Woman van Mary J. Blige gebaseerd op Curtis Mayfields Gimme Your Love en gebruikt zij in andere nummers muziek van Al Green, Isaac Hayes en Barry White. In Switch van TLC is het intro van Jean Knights Mr Big Stuff verwerkt. En als er niet letterlijk wordt geciteerd, dan lijkt de muziek wel op die van vijfentwintig jaar geleden. Waterfalls, de laatste hit van TLC, kan met de wah-wah-gitaren en de afgeknepen blazers doorgaan voor een nummer uit de tijd van de psychedelische soul.

Maar de meeste swingbeat wordt nog beheerst door elektronische, vaak uit de hiphop overgenomen beats en synthesizers en klinkt onmiskenbaar van deze tijd. Dat geeft de muziek ook vaak iets glads en keurigs. De opwindende rafeligheid van de oude soulnummers, die vaak in één uur werden opgenomen in oude bioscoopzalen, ontbreekt in de swingbeat. En ook de zang van de swingbeatzangers mist vaak de hartstocht en ongeremdheid van de oude soulzangers. Het kan natuurlijk ook niet anders: zo naïef als de soulpioniers kan men aan het einde van de twintigste eeuw niet zijn. Meisjesgroepen die nu nog, zoals Carla Thomas in de jaren zestig 'Little boy, say you love me' zouden zingen, zouden zich belachelijk maken. Swingbeat is soul die zijn onschuld heeft verloren.

Dat werd ook tijdens het concert van R. Kelly duidelijk. Kelly zong mooi, jazeker, en hij wist ongetwijfeld alles van seks en liefde, maar steeds bleef het gevoel bestaan dat het hem niet echt raakte. Hoe vaak R. Kelly ook met Marvin Gaye wordt vergeleken en hoeveel neuk- en trekbewegingen hij ook maakte, steeds blijft het verlangen naar de echte Marvin Gaye bestaan: toe, Kelly, schreeuw het eens een keer écht uit.

    • Bernard Hulsman