Arts Prins trekt cassatieverzoek in

DEN HAAG, 19 FEBR. De Alkmaarse gynaecoloog H. Prins heeft zijn cassatieverzoek bij de Hoge Raad ingetrokken. Dit heeft Prins' raadsman, E. Sutorius, gezegd. Minister Sorgdrager (Justitie) wil Prins geen onkostenvergoeding voor het proefproces toezeggen.

De zaak, die draait om de levensbeëindiging van een ernstig gehandicapte baby, zou deze week door de Hoge Raad worden behandeld. Eerder werd Prins door de rechtbank in Alkmaar en het gerechtshof in Amsterdam ontslagen van alle rechtsvervolging.

De minister liet vorige week al weten dat zij het onjuist vindt dat de overheid rechtsbijstand op deze manier bekostigt. Als Prins door de Hoge Raad in het gelijk zou worden gesteld waren de proceskosten niet voor zijn rekening geweest. Justitie gebruikte de zaak-Prins als proefproces om van de Hoge Raad richtlijnen te krijgen over het doden van ernstig zieke wilsonbekwamen.

Sutorius kondigde vanochtend aan namens Prins schadevergoeding te eisen voor onder meer reiskosten, waarnemingskosten, rechtsbijstand en het verzuim van zijn werk als gynaecoloog in het Waterland Ziekenhuis in Purmerend.

Sorgdrager wil de zaak mogelijk alsnog voor de Hoge Raad brengen via een verzoek om 'cassatie in het belang der wet'. Zij heeft de Amsterdamse advocaat-generaal Korvinus maanden geleden al gevraagd dat verzoek in te dienen bij de Hoge Raad. Of die er ook daadwerkelijk komt is twijfelachtig. De beslissing daarover is aan de procureur-generaal bij de Hoge Raad, niet aan de minister. Cassatie in het belang der wet wordt meestal alleen ingesteld als er tegenstrijdige uitspraken van rechtbanken liggen, en niet om via individuele zaken algemene regels te stellen, aldus de griffier van de Hoge Raad.