Aftredende Bokros is het 'wantrouwen' zat

BOEDAPEST, 19 FEBR. De Hongaarse minister van financiën, Lajos Bokros, een sleutelfiguur in het kabinet van premier Gyula Horn, treedt af. Dat heeft Horn gisteren bekendgemaakt. Horn zei dat hij de ontslagaanvraag van Bokros heeft geaccepteerd. Hij gaf daar verder geen commentaar bij, maar zei wel dat het verzoek van Bokros “geheel onverwacht” kwam. Bokros blijft tot 29 februari aan.

Bokros gaf zelf als reden op af te treden omdat “het kabinet me niet vertrouwt” en veel collega-ministers zijn bezuinigingsbeleid niet steunen. Bokros werd een jaar geleden minister. Hij is de architect van een zeer impopulair bezuinigingsplan, bedoeld om de begroting in evenwicht te brengen. Bokros wordt regelmatig heftig gehekeld om de sociale gevolgen van dat plan en heeft ook herhaaldelijk gedreigd af te treden, maar daar steeds van afgezien na steunbetuigingen van premier Horn. De premier toonde zich gisteren verbaasd over de stap van Bokros, maar was ditmaal niet van plan om zich tegen zijn vertrek te verzeten “Elke keer als hij onder vuur lag heb ik hem verzekerd dat hij mijn steun had. Nu heb ik besloten dat we aan het hoofd van het ministerie niet langer onzekerheid kunnen tolereren. We kunnen niet aan de gang blijven met dreigementen met aftreden. Ik heb geen alternatief en ik heb zijn ontslagaanvraag geaccepteerd.”

Hoe onverwachts het ontslag van Bokros kwam bleek - zo memoreerde Horn gisteren - uit het feit dat hij eerder gisteren op een kabinetszitting verscheen zonder iets te zeggen over zijn voornemen op te stappen. Aan het eind van de zitting overhandigde hij Horn zijn ontslagaanvraag. (AP)

Een onzer redacteuren voegt hieraan toe:

Het bezuinigingspakket van 12 maart vorig jaar - het zogenoemde 'Pakket Bokros' - voorzag in loonkortingen, kortingen op de kinderbijslag, het salaris bij moederschapsverlof, de door de overheid betaalde collegegelden en de uitkeringen voor schoolverlaters, ontslagen in de staatssector en prijsstijgingen voor stroom, gas, openbaar vervoer en diverse levensmiddelen. Daarnaast voorzag het programma in een devaluatie van de forint met het doel de invoer te beperken en de uitvoer te stimuleren.

Het programma, bedoeld om verlichting te brengen in het desastreuze begrotingstekort, is hoogst omstreden, ook binnen de regeringscoalitie, zeker nadat duidelijk werd dat de uitwerking te wensen overliet. Vier ministers, onder wie die van arbeid en die van gezondheid, zijn het afgelopen jaar afgetreden uit protest tegen de sociale gevolgen van de bezuinigingsmaatregelen. Vorige week bleek uit een onderzoek van de Wereldbank dat het aantal Hongaren dat officieel arm is, de afgelopen zes jaar is vervijfvoudigd. Bijna tien procent van de bevolking leeft onder de armoedegrens, die is gesteld op anderhalf keer het minimum-pensioen.