Relaties in grootmetaal staan volledig op scherp

Het CAO-seizoen 1996 gaat weer van start. De komende maanden zullen vakbonden en werkgevers in de meest uiteenlopende sectoren en bedrijven onderhandelen over collectieve arbeidsvoorwaarden voor het personeel. Bonden eisen loonsverhogingen van om en nabij de drie procent en een 36-urige werkweek, werkgevers willen een langere bedrijfstijd, flexibele roosters en een afbouw van de VUT. Vandaag in deze serie de grootmetaal.

ROTTERDAM, 17 FEBR. De CAO-onderhandelingen in de grootmetaal gaan pas over maanden van start, maar nu al staan de verhoudingen volledig op scherp. Het advies van de werkgeversorganisatie FME-CWM aan haar leden om zieke werknemers te korten op het loon heeft bij de vakbonden furieuze reacties opgeroepen. De bonden beschuldigen de FME-CWM van contractbreuk en spannen volgende week een kort geding aan.

De werkgeversorganisatie in de metaal is de eerste die de privatisering van de Ziektewet aangrijpt om opnieuw een discussie te starten over de kosten van ziekteverzuim. Eind vorig jaar had de FME-CWM al via de media bekend gemaakt dat het automatisme van de volledige loondoorbetaling bij ziekte maar eens op de helling zou moeten. Toen reageerden de bonden nog vrij laconiek op wat zij als “wilde ideeën” beschouwden. Sinds begin deze week is echter duidelijk dat het de werkgeversorganisatie ernst is.

Na een uitgebreide ledenraadpleging is FME-CWM tot de conclusie gekomen dat metaalwerkgever “naar de letter noch naar de geest” van de CAO verplicht zijn om bij ziekte 100 procent loon door te betalen. De juristen van de werkgeversorganisatie beroepen zich daarbij op het feit dat in de metaal-CAO gesproken wordt van een aanvulling op de Ziektewetuitkering: omdat de Ziektewet per 1 maart grotendeels is afgeschaft en er dus geen sprake meer is van Ziektewetuitkeringen vervalt volgens hen automatisch vanaf die datum de plicht tot aanvulling.

Onder de Ziektewet kregen zieke werknemers via de bedrijfsvereniging een uitkering van 70 procent van het loon, onder de nieuwe wet (WULBZ) zijn werkgevers verplicht om zieke werknemers ten minste 70 procent van het loon door te betalen. Volgens de vakbonden blijven afspraken over aanvulling tot 100 procent geldig, zolang er geen overleg is geweest over eventuele aanpassingen. Omdat de grootmetaal-CAO nog doorloopt tot 1 juni beschouwen ze het advies van de FME-CWM om per 1 maart de uitkeringen aan te passen als een oproep tot contractbreuk. De bonden willen dat de rechter zich volgende week in kort geding over deze vraag uitspreekt.

De uitleg van de metaalwerkgeversorganisatie is niet alleen bij de vakbonden slecht gevallen. Staatssecretaris Linschoten (Sociale Zaken), die vorige week pas na veel moeite de Eerste Kamer kon laten instemmen met zijn privatiseringsplannen, reageerde deze week in felle bewoordingen. Hij noemde de opstelling van de FME-CWM “onbegrijpelijk” en “kinderachtig”. Ook de Metaalunie, waarbij vooral werkgevers uit het midden-en kleinbedrijf bij zijn aangesloten, keerde zich publiekelijk af van de plannen in de grootmetaal.

De ruzie rondom de interpretatie van het ziektegeld lijkt de voorbode van een harde strijd rond de nieuwe CAO voor 200.000 metaalwerknemers. De voorstellen van de vakbonden om in de metaalindustrie een 36-urige werkweek in te voeren, zijn door FME-voorzitter J.L. van den Akker publiekelijk hardhandig van tafel geveegd. “Wie streeft naar 36 uur, legt de strop om de nek van onze bedrijfstak”, zei Van den Akker half november tegenover zijn verzamelde leden. “Er komt in de metaal- en elektrotechnische industrie géén collectieve 36-urige werkweek, niet nu, niet volgende week en ook niet volgend jaar.”

Behalve arbeidsduurverkorting willen de vakbonden dat de lonen in de metaal in 1996 met drie procent omhoog gaan. Dankzij het economisch herstel van de bedrijfstak is die loonsverhoging volgens hen goed mogelijk. Ook op dat punt dreigen vakbonden en werkgevers flink te botsen: volgens de FME-CWM is de opleving in de metaal nog veel te fragiel en zijn loonkostenverhogingen dit jaar daarom uit den boze. Dat de bonden bij bedrijven als KBB en V&D al een loonsverhoging van drie procent hebben binnengesleept, maakt op Van den Akker weinig indruk. Deze ondernemingen richten zich op de binnenlandse markt, zo stelt de FME-CWM-voorzitter, terwijl de metaalsector vooral concurreert met buitenlandse aanbieders.

Wat de werkgevers zelf voor ogen staat in de nieuwe CAO (die moet ingaan per 1 juni 1996) is nog niet duidelijk. Naar verwachting zal de FME-CWM pas in april de voorstellen bekend maken. In ieder geval staat vast dat het ziekteverzuim daarin een prominente rol zal spelen.

    • Onze Marcella Breedeveld