Niet een ieder is gesneden uit goed choreografenhout

Voorstelling: 3X Dans van DansWerkplaats Amsterdam. Yggdrasil. Choreografie: Deborah Liebers; muziek: Ruben Papian. Ex/imago. Choreografie: Anouk van Dijk; muziek: Tony Overwater. E.D.G.E. Choreografie: Diana Elshout, Frank Händeler; muziek: Lucid Terror. Gezien: 14/2 Felix Meritis Amsterdam. Aldaar: t/m 17/2. Verder: 23-24/2 Rotterdam, tournee t/m 30/3.

Een danswerkplaats is een onmisbare schakel tussen de opleiding en het werkveld, met een grotendeels facilitaire en meer beperkte artistieke functie. Het is de trainingsplek voor afgestudeerden, een ontmoetingsplaats voor dansers en choreografen, een laboratorium voor choreografische experimenten en een doorstromingsapparaat voor jong talent. Hier wordt het kaf van het koren gescheiden.

DansWerkplaats Amsterdam (DWA) wil echter meer. Als het kunstenplan 1997-2000 gunstig uitvalt, kan er in de komende jaren worden gewerkt aan de opzet van een produktiehuis voor gevorderde choreografen als Ron Bunzl, Andrea Leine & Harijono Roebana en Anouk van Dijk. Onder de naam 'Joint Action' zou er doelmatiger kunnen worden geopereerd bij het realiseren en distribueren van hun voorstellingen.

Vooralsnog brengt DWA produkties uit in eigen studio en is er op dit moment in het kleine theatercircuit de werkplaatsproduktie 3X Dans te zien met werk van enkele choreografen. Een van hen is Deborah Liebers (37) die in 1985 de aandacht trok met Sapristi, dat werd bekroond op het eerste Jeugddansfestival Zeeland. Onderdeel van de prijs was een choreografie-opdracht bij het voormalige Scapino Ballet. Heksenkeet (1986) toonde dat Liebers niet uit het goede choreografenhout is gesneden.

Het verbaasde mij dan ook dat haar naam in 1994 weer opdook bij DWA. En nu wordt zij opnieuw naar voren geschoven als veelbelovende, jonge choreografe.

Haar dansstuk Yggdrasil/This is not here (het keltische woord Yggdrasil betekent levensboom) heeft negen delen en moet de reflectie voorstellen van verschillende bewustzijnsniveaus voor, tijdens en na dit leven. Vier danseressen doen hun best om aan die ongrijpbare dimensie inhoud te geven in een keurig gestructureerde, maar weinig inspirerende choreografie van schoolse aan elkaar geregen oefeningen.

Ook het op 'contact-improvisation' gebaseerde dansmateriaal van Liebers is niet indrukwekkend. Naast tollende en golvende bewegingen vallen vooral de oosters aandoende handgebaren op. Het best geslaagde onderdeel van Yggdrasil is het lichtontwerp van Alexandre Malta, dat hallucinerende reflecties op de vloer tovert via een spiegelende achtergrond van decorontwerper Raoul Chailloux.

Van de danseres/choreografe Anouk van Dijk is er Ex/Imago, dat onlangs in première ging in het Utrechtse theater Kikker. Het is een subtiel duet tussen Van Dijk en de jazz-bassist Tony Overwater. Beiden improviseren binnen een vastgestelde structuur. Via twee hoog opgestelde autospiegels kan de musicus deverrichtingen van de danseres volgen. Maar ook buiten het onopvallende oogcontact voelt de toeschouwer hoe goed die twee op elkaar zijn afgestemd. Het instrument is de ademende geest van de musicus. Zijn spel straalt meditatieve rust uit, vermengd met opflakkerende impulsen. Van Dijk betreedt aarzelend het ruitvormige lichtvlak dat zijzelf met Steven Mirck ontwierp. Uit elke molecuul van haar lichaam spreekt beheersing. Met haar trillende oogleden, verfijnde gebaren en gedetailleerde bewegingen schrijft zij pure poëzie in gebroken lijnen.

Diane Elshout maakte in samenwerking met Frank Händeler E.D.G.E. (Even doubts get even) een kort en krachtig choreografisch statement dat in januari twee keer werd onderscheiden op het Internationale Choreografen Concours Groningen. Het waanzinnig vitale duet gaat over onderdrukking en onderwerping, waarbij de partners elkaar afwisselend belagen en ondersteunen op de ironisch teksten over sado-masochisme van Lucid Terror.

    • Caroline Willems