Italië gaat 21 april vervroegd naar de stembus

ROME, 17 FEBR. In Italië worden 21 april vervroegde parlementsverkiezingen gehouden nu is gebleken dat er geen basis is voor een nieuw kabinet. Het wordt de derde keer in vier jaar dat de Italianen naar de stembus gaan.

President Oscar Luigi Scalfaro heeft gisteravond het decreet ondertekend ter ontbinding van het parlement. Hij heeft maandenlang geprobeerd vervroegde verkiezingen te voorkomen, omdat ze volgens hem niets zullen oplossen en een zware hypotheek leggen op het Italiaanse voorzitterschap van de Europese Unie. Maar in zes weken van onderhandelingen kon geen akkoord worden bereikt over een nieuw kabinet na het aftreden van het zakenkabinet van premier Lamberto Dini, het 54ste sinds de Tweede Wereldoorlog.

Dini blijft nu aan tot de verkiezingen. Gisteren zijn twee nieuwe ministers beëdigd op plaatsen die eerder waren vrijgekomen. Mario Arcelli, rector van de Luiss universiteit in Rome, komt op Begroting. Vincenzo Caianiello, voormalig president van het Constitutionele Hof, krijgt Justitie onder zich.

Gezien het grote wantrouwen tussen links en rechts wordt een bijzonder felle campagne verwacht. In de opiniepeilingen houden links en rechts elkaar ongeveer in evenwicht. Maar ongeveer een derde van de kiezers weifelt nog en in de afspraken over verkiezingsallianties die de komende weken moeten worden gemaakt, is een aantal onzekere factoren.

Umberto Bossi, de leider van de federalistische Lega Nord die eind 1994 de val van het kabinet-Berlusconi veroorzaakte door uit de rechtse alliantie te stappen, heeft zich tussen de twee blokken gemanoeuvreerd. Zijn partij staat nationaal op ongeveer vijf procent maar heeft haar aanhang geconcentreerd in het noorden. Bossi stelt dat de Lega de balans naar de ene of de andere kant kan laten doorslaan en wil zijn electorale medewerking duur verkopen. Gezien de breuk van 1994 is een nieuw akkoord tussen Bossi en rechts onwaarschijnlijk, maar ook links aarzelt over samenwerking met de onvoorspelbare Bossi.

Een ander vraagteken is Antonio Di Pietro, de voormalige officier van justitie die de motor was van de smeergeldonderzoeken. Hij heeft de afgelopen maanden openlijk kritiek geleverd op Berlusconi, maar zijn politieke plannen zijn nog steeds onduidelijk. Di Pietro heeft steeds gezegd dat hij eerst de uitkomst wil afwachten van justitiële onderzoeken tegen hem op verdenking van machtsmisbruik.

Een derde onzekere factor vormen de juridische problemen van mediamagnaat Silvio Berlusconi, de leider van het rechtse blok. Volgens Gianfranco Fini, de steeds populairder wordende leider van de ex-neofascistische Nationale Alliantie, staat het leiderschap van Berlusconi niet ter discussie. Maar terwijl president Scalfaro gisteren liet weten dat hij het parlement zou ontbinden, speelde in Milaan het proces tegen Berlusconi op verdenking van corruptie.

Openbare aanklager Gherardo Colombo herhaalde in zijn openingsrequisitoir dat Berlusconi gezien zijn stijl van leiding geven op de hoogte moet zijn geweest van het geld dat door vier onderdelen van zijn Fininvestgroep is betaald aan leden van de fiscale recherche. “Wij zijn in staat aan te tonen dat Berlusconi het wist, dat Berlusconi er toestemming voor heeft gegeven”, zei Colombo. Het antwoord van Berlusconi's advocaten: allemaal onbewezen veronderstellingen.