De oppositieleidster en premier bedreigen de democratie van Bangladesh; Zusternijd

De verkiezingen in Bangladesh deze week zijn mislukt. De oppositie weigerde mee te doen, de bevolking bleef thuis. De twee leidende politici worden geheel in beslag genomen door oude rekeningen en nieuwe rancunes. Het overvolle en straatarme land is ten prooi aan Khaleda Zia versus Sheik Hasina. Damesruzies en familievetes in Bangladesh.

Zes jaar geleden noemden ze elkaar bijna liefkozend 'zuster', toen ze met succes zij aan zij streden voor het herstel van de democratie in Bangladesh. Deze week, aan de vooravond van de parlementsverkiezingen, omschreef oppositieleider Sheikh Hasina Wajed haar gewezen 'zuster', de tegenwoordige premier Khaleda Zia met een van haat vertrokken gezicht als een 'gekozen dictator'. Haar giftige gevoelens zijn geheel wederzijds.

Zelden zal een ruzie tussen twee vrouwen zo vernietigend voor een land hebben uitgepakt als die tussen deze twee telgen van roemrijke families uit de nog jonge geschiedenis van Bangladesh. Hoe meer Bengaals vuur ze naar elkaar spuwen, hoe meer de prille democratie wankelt en hoe meer het land verwordt tot “een geval voor de internationale prullenbak”, zoals Henry Kissinger het land ten tijde van zijn ontstaan in 1971 eens minachtend aanduidde.

De verkiezingen van donderdag, die door de boycot van de oppositiepartijen en hun nauw verholen dreiging met geweld tot een farce waren geworden, hebben het land in een gevaarlijk politiek vacuüm gestort. Bangladesh zweeft nu in het schemergebied tussen democratie en dictatuur. De geloofwaardigheid van een uit één partij bestaand parlement dat gekozen is door hooguit 15 procent van de bevolking, is uiteraard nihil.

“Deze impasse kan zo niet voortduren”, voorspelt professor B.K. Jahangir, hoogleraar politicologie aan de universiteit in Dhaka. Ons gesprek heeft plaats bij hem thuis, want de universiteit die met alle wapens op de campus van militante studenten meer weg heeft van een arsenaal is al wekenlang gesloten. “Op een gegeven moment barst de bom”, aldus Jahangir. “Het leger zal ingrijpen of misschien zal er zelfs een volksopstand volgen, die een nieuw begin inluidt. De prijs die we voor de onverzoenlijkheid van de politici betalen is hoe dan ook hoog.”

Vooralsnog blijven de beide rivalen weigeren water bij de wijn te doen en zijn er geen tekenen van een ingrijpen door het leger. Laat staan een volksopstand. De meeste gewone burgers houden vast aan de partij die ze altijd al hebben gesteund. Zonder daar doorgaans veel beter van te worden. In de grotere steden is de Awami-Liga van Sheikh Hasina het sterkst, op het platteland geniet de Nationale Partij van Bangladesh (BNP) van Khaleda Zia meer steun.

Eeuwige mislukkeling

“Ik ben deze keer niet gaan stemmen, omdat ik bang was dat het tot ongeregeldheden zou komen”, zegt de zwetende halfblote Gaya Shuddin, die in de brandende zon bakstenen versjouwt op het stoffige terrein van een primitief baksteenfabriekje buiten het plaatsje Kapachia, 50 kilometer ten noorden van Dhaka. “Maar de vorige keer heb ik op de partij van Khaleda Zia gestemd. Zij is een goede leider.” Op de vraag waarom de premier goed is, mompelt hij iets onverstaanbaars en hij hervat zijn stenensjouwerij, nagestaard door een legertje bestofte kinderen van een jaar of tien dat hetzelfde werk doet.

Een jonge onderwijzer in Sripur, een vriendelijk door rijstveldjes omgeven dorpje in hetzelfde kiesdistrict, weet dat wel precies. “Dank zij Khaleda Zia is er een nieuw schoolgebouw gekomen en krijgen de kinderen nu gratis te eten als ze naar school komen. Bovendien zijn ook de wegen verbeterd.” Of dat werkelijk aan de regering of wellicht meer aan hulporganisaties is te danken doet voor hem niet ter zake. “Ik steun Khaleda Zia voor honderd procent.”

In een stinkende sloppenwijk in Dhaka aan een open riool, vertellen enkele schamel geklede bewoners voor een van riet en palmbladeren gevlochten hutje daarentegen dat ze uiteraard niet zijn gaan stemmen. “Khaleda Zia is slecht, Sheikh Hasina is goed”, roepen ze in koor. De reden van hun voorkeur blijft duister. Een bakkersknecht in een winkel even buiten het slop is eveneens voor Sheikh Hasina en haar 'programma'. Wat voor programma? Dat weet hij niet. “Ik ben gewoon al m'n hele leven voor Sheikh Hasina geweest”, lacht hij.

Intellectuelen in Bangladesh beseffen echter dat de strijd tussen de twee Begums, zoals beter gesitueerde dames in het Subcontinent vaak met respect worden genoemd, desastreus is voor het land. En dat juist op een moment dat het straatarme Bangladesh met zijn talrijke natuurrampen zich aan het imago van eeuwige mislukkeling leek te ontworstelen.

De geliberaliseerde economie was de afgelopen jaren immers boven verwachting met 5 tot 6 procent gegroeid en de bevolkingstoename in het met 125 miljoen inwoners toch al overvolle land was teruggebracht tot minder dan 2 procent per jaar. Eindelijk leek er een kans om het modale inkomen van 240 dollar per jaar wat op te krikken en de meer dan vijftig miljoen allerarmsten, die leven beneden de absolute armoedegrens van 1800 calorieën per dag (minder dan twee maaltijden), iets beters te bieden. Optimisten droomden zelfs al van aansluiting bij de Tijgers, de economische grootmachten in het Verre Oosten.

Maar buitenlandse investeerders beginnen na twee jaar van schier eindeloze stakingen en het gebrek aan politieke stabiliteit te aarzelen. Tot overmaat van ramp is de oogst eind vorig jaar mislukt, waardoor Bangladesh een deel van zijn schaarse buitenlandse valuta aan voedselimporten moet besteden. De economie zal dit jaar waarschijnlijk niet met 6 maar met 4 procent groeien. Kogelgaten

Het conflict tussen de twee Bengaalsen gaat veel dieper dan zakelijke meningsverschillen en is nauw verweven met de turbulente recente geschiedenis van het land. Oud-minister van justitie Kamal Hossain, tevens een voormalig prominent lid van Awami-Liga van Sheikh Hasina: “Bij de verklaring van hun onverzoenlijke houding betreed je het terrein van de psychiatrie. De traumatische gebeurtenissen binnen hun families spelen de beide dames stellig parten.”

De geschiedenis hangt Bangladesh in het algemeen als een molensteen om de nek. “Het is ongelooflijk zoals dit land in het verleden leeft”, zegt een Duitser die Bangladesh regelmatig bezoekt. “Ze herinneren zich altijd precies wie toen aan welke kant stond en wat die persoon in 1974 voor onvergeeflijks riep en daarna in 1982 deed, enzovoort.”

De thans 48-jarige Sheikh Hasina is de dochter van Sheikh Mujibur Rahman, de stichter en eerste leider van Bangladesh. Na vier jaar van chaotisch bewind, uitmondend in de afschaffing van het meerpartijenstel, werd hij in augustus 1975 samen met het grootste deel van zijn familie door opstandige militairen in zijn eigen huis vermoord. Sheikh Hasina, die tijdens het bladbad toevallig bij haar zuster in Duitsland op bezoek was, ontsnapte aan de dood.

De moord gaf haar leven een beslissende wending. Evenals Benazir Bhutto in Pakistan en Chandrika Kumaratunga in Sri Lanka (die zowel haar vader als later haar echtgenoot vermoord zag worden) werd ze diep geraakt door de moord op haar vader. Nog vele jaren later liet de emotionele Sheikh Hasina bezoekers aan haar ouderlijk huis de kogelgaten in de bibliotheek zien waar de moordenaars hadden toegeslagen.

Ze besloot de fakkel over te nemen en werd spoedig de nieuwe leider van de door haar vader opgerichte Awami-Liga. Familieconnecties wegen in Zuid-Azië nu eenmaal zwaarder dan andere kwalificaties. En al is het in dit werelddeel een grote handicap om als vrouw in de politiek te gaan, een vrouwelijk familielid is altijd nog beter dan geen familielid. Hoewel Sheikh Hasina zich door de jaren heen meer koppig dan creatief heeft getoond als leider, haar positie heeft nooit serieus ter discussie gestaan.

Tot ergernis van Sheikh Hasina zijn de geuniformeerde moordenaars van haar vader en de rest van het gezin nooit bestraft. Gedurende de lange jaren van militaire overheersing die volgden was dat ook nauwelijks te verwachten, maar na het herstel van de democratie leek de tijd daarvoor rijp. Niemand minder dan de vers gekozen premier, haar vroegere 'zuster' Khaleda Zia, hield echter een nieuw onderzoek tegen. Dit versterkte de verdenking bij Sheikh Hasina dat de echtgenoot van de premier, wijlen generaal Ziaur Rahman, een rol had gespeeld bij de moordpartij.

Khaleda Zia zelf kwam begin jaren tachtig door een niet minder dramatische gebeurtenis pardoes in de politiek terecht. Op 30 mei 1981 werd haar man, die toen president was, in de zuidelijke havenstad Chittagong door gefrustreerde militairen doodgeschoten. Volgens boze tongen zouden de moordenaars in contact hebben gestaan met de Awami-Liga van Sheikh Hasina.

Ziaur Rahman had een stormachtige loopbaan achter de rug. Na in het leger te hebben gediend ten tijde van de Pakistaanse overheersing van Oost-Pakistan, zoals Bangladesh toen heette, werd hij een van de leiders van het militaire verzet tegen de Pakistanen. Halverwege de jaren zeventig na de coup tegen Sheikh Hasina's vader, ontpopte hij zich als de nieuwe sterke man. Een sterke man die lippendienst bleef bewijzen aan de democratie en zich bovendien de reputatie verwierf van een kundig bestuurder.

Tot de dood van haar man was Begum Khaleda Zia altijd in zijn schaduw gebleven. Ze was in 1960 al op vijftienjarige leeftijd in het huwelijk getreden. Ze had slechts een beperkte schoolopleiding genoten en maakte zich naar verluidt over weinig anders druk dan de huishouding.

Aangezien er echter geen andere directe familieleden beschikbaar waren om de kroon over te nemen (haar beide zoons waren nog veel te jong), nam de huisvrouw Khaleda Zia zelf naar goed Zuidaziatische traditie het leiderschap van de door haar man opgerichte BNP over, al moest ze zich samen met Sheikh Hasina met een rol in de oppositie tevreden stellen.

De nieuwe militaire dictator Hossain Mohammed Ershad bleef ruim acht jaar lang aan de macht. Vooral in de slotfase voerden de beide dames, steeds massaler gesteund door de bevolking, eensgezind campagne voor de afschaffing van de dictatuur. Soms werden beiden gearresteerd. Eind 1990 gooide Ershad, die thans wegens illegaal wapenbezit in de gevangenis verblijft, de handdoek in de ring en was de weg vrij voor een eerlijke verkiezingsrace tussen de Begums. Tot veler verbazing kwam de allerminst charismatische Khaleda Zia bij de verkiezingen van 1991 als winnares uit de bus. De BNP had het vooral op het platteland, waar ruim driekwart van de bevolking woont, goed gedaan. Daarmee kon hun ruzie, die het hele land zou verlammen, beginnen.

De ellende begon pas echt in maart 1994, toen de partij van Khaleda Zia verrassend een tussentijdse verkiezing won in een district, dat tot dan stevig in handen was geweest van Sheikh Hasina's Awami-Liga. Sheikh Hasina, die toch al gefrustreerd was door haar nipte nederlaag van 1991, schreeuwde moord en brand en beschuldigde de regering van fraude. Helemaal onmogelijk was dat niet, want de voorzitter van de kiescommissie had nog daags tevoren verklaard niet in te kunnen staan voor een eerlijk verloop van de bewuste verkiezing. Toen Khaleda Zia de kritiek van Sheikh Hasina negeerde, eiste deze het onmiddellijke aftreden van de regering wegens corruptie en incompetentie. In plaats daarvan zou er een neutraal overgangsbewind moeten komen dat zou toezien op eerlijke nieuwe algemene verkiezingen. De overige oppositiepartijen, voorop de Jatiya-partij van oud-dictator Ershad en de fundamentalistische Jamaat-i-Islami, hadden hier ook wel oren naar. Uit protest besloot de Awami-Liga niet meer in het parlement te verschijnen, waar de dialoog met Khaleda Zia toch al beperkt was omdat die zich zelden verwaardigde om voor de volksvertegenwoordigers te verschijnen.

Om haar eisen kracht bij te zetten, riep Sheikh Hasina met steeds grotere regelmaat hartals uit, algehele stakingen die het land grotendeels verlamden en het land per keer zeker 30 miljoen dollar kostten. Toen Khaleda Zia geen krimp gaf, ging ze eind december 1994 een stap verder en gaf, gevolgd door de andere leden van de oppositiepartijen haar zetel in het parlement op. Met die dramatische stap gaf ze de toch al naar adem snakkende Belgaalse democratie min of meer de doodsteek. Zelfs binnen haar eigen partij was dit besluit omstreden en enkelen spraken van een 'historische blunder'. “Met een recalcitrante premier op een parlementaire manier omgaan, verdient de voorkeur in een land dat 15 van zijn 25 jaar onder militair gezag heeft gestaan”, aldus een oudgediende van de Awami-Liga. “We scheppen een heel slecht precedent voor onze democratie.” Anderen wezen erop dat de arme mensen, op wier steun de Awami-Liga rekent, heel wat minder geïnteresseerd zijn in de val van Khaleda Zia dan in een verbetering van hun leven. En met voortdurende hartals zullen ze die niet gauw bereiken.

Noch Khaleda Zia, noch Sheikh Hasina lijkt het zelfvertrouwen te hebben om concessies aan de ander te doen. Ze lijken het etiket van 'invallers' voor hun overleden vader respectievelijk echtgenoot nimmer volledig te hebben afgeschud. Khaleda Zia is eenvoudig het verlengstuk van haar echtgenoot'', merkte enige tijd geleden de controversiële Bengaalse schrijfster Taslima Nasrin op. Dat was een heel wat minder omstreden uitlating van de schrijfster dan die over de islam, die haar op bedreigingen met de dood kwamen te staan. Het is ook symptomatisch dat Khaleda Zia onlangs haar ambtswoning verwisseld heeft voor de woning in het veilige militaire kwartier, waar ze vroeger met haar man verbleef.

Wellicht juist mede door dat gebrek aan zelfvertrouwen, sluiten beide vrouwen zich steeds meer af voor afwijkende meningen en hellen ze over naar autoritair optreden. “Ik heb me tegen die trend verzet”, zegt Kamal Hossain, die in 1993 de Awami-Liga verliet en een eigen kleine, naar zijn zeggen meer democratische partij opzette. “Zowel de BNP als de Awami-Liga hebben als democratische partijen gefaald. Ze hebben de democratie daardoor ondermijnd.”

Maar passen, als het erop aankomt, Bangladesh en democratie wel bij elkaar? Volgens professor Jahangir is het probleem dat de regeringen door de jaren heen militair of burgerlijk de instellingen van de staat helemaal naar hun hand hebben gezet en niet neutraal hebben gehouden. “Daardoor is er hier geen “rule of law.” Kamal Hossain: “Het verwijt dat wij geen democratie aan zouden kunnen doet pijn. Sommige mensen hebben er zelfs hun leven voor gegeven. De bevolking van Bangladesh heeft steeds opnieuw bevestigd dat ze helemaal achter de democratie staat.”

    • Floris van Straaten