Steven Jones op zoek naar muzikanten die niet improviseren; Toekomstig superster brengt razendsnel cd's uit

Eén van de Engelse groepen die optreden op de London Calling-avond in Paradiso is Baby Bird. Zanger Steven Jones maakte in zijn eentje de eerste vijf Baby Bird-cd's, die binnen een tijdsbestek van acht maanden worden uitgebracht.

Baby Bird: 17/2, Paradiso in Amsterdam.

Zit ik tegenover een toekomstige superster? Steven Jones, zanger van de Engelse groep Baby Bird, gaat er zelf wel vanuit: “Als ons album niet in de top tien komt, gaan we ons wel zorgen maken.” Zijn vertrouwen is gebaseerd op de publiciteit en recensies die Baby Bird tot nu toe gekregen heeft.

Baby Bird baarde in eerste instantie opzien met een opmerkelijk idee: om in acht maanden tijd vijf cd's uit te brengen. Dat plan lijkt aardig te lukken. De eerste cd, I Was Born A Man, verscheen in augustus vorig jaar, in oktober en december volgden Bad Shave en Fatherhood, en eind februari en eind maart zullen de laatste twee verschijnen. De cd's zijn gevuld met liedjes die Jones thuis in zijn eentje opgenomen heeft, de afgelopen jaren. De oplage is beperkt: duizend stuks van elke cd, al zullen er om aan de vraag tegemoet te komen waarschijnlijk nog vijfhonderd van elk worden bijgeperst.

De Engelse muziekbladen reageerden meteen enthousiast op de eerste Baby Bird-cd's. “I Was Born A Man is de enige plaat die ik dit jaar gehoord heb met gedenkwaardige teksten en muziek die onmogelijk te vergeten is”, schreef Melody Maker bijvoorbeeld. “Ik was heel verbaasd dat het als een echt debuut werd besproken”, zegt Steven Jones. “Want eigenlijk zijn het alleen maar demo's, thuis opgenomen met een vier-sporenrecorder. Dat staat ook duidelijk op de hoes. De eerste èchte Baby Bird-plaat is wat mij betreft het album dat we als groep gaan opnemen.”

Thuis maakte Jones liedjes door te beginnen met een simpel ritme of een melodietje, en daar telkens meer instrumenten en zangpartijen aan toe te voegen, tot de nummers af waren. Om zijn muziek op het podium te kunnen vertolken - zelf kan hij bijvoorbeeld niet tegelijk zingen en gitaar spelen - zocht hij vorig jaar muzikanten en ontstond de groep Baby Bird. Met Jones als duidelijke leider. “Ik heb geluk gehad dat ik muzikanten vond die niet improviseren. Niet dat ik een dictator ben, als er een liedje is dat geen baslijn heeft mag de bassist zelf iets verzinnen bijvoorbeeld, maar ik wil wel graag dat ze het ongeveer zo spelen als mijn opnamen klinken.”

Het eerste door de groep opgenomen album zal bestaan uit een selectie van de vijftig nummers die op de drie tot nu toe verschenen cd's staan. Het zijn liedjes die vaak dromerig klinken, met lieflijke melodietjes, door Jones mooi gezongen, zij het dat er onder de oppervlakte een grimmig gevoel voor humor schuilgaat. 'Disturbed love songs'

noemt Jones zijn nummers zelf op de hoes. Een voorbeeld daarvan is Steam Train, waarin de vergelijkingen die in liefdesliedjes worden gemaakt, in het absurde worden getrokken: 'I love you like a steam train, love you like a fresh rain, love you like a fleshy brain, love you like a Great Dane, love you like Michael Caine, love you like a tea stain'.

Het intrigerende Bad Shave begint met de regels 'It's time to come down from your spires / Jesus come down, you're a liar / I'll cover the church in fish wire / We'll know you're here like hell-fire'. “Ik vroeg me af of je Jezus zou herkennen als hij terug op aarde kwam”, legt Jones uit. “Zou je zijn kracht voelen, of zou je denken dat het een zwerver was? De tekst gaat over kinderen die inbreken in de kerk en een val zetten voor Jezus, zodat ze hem kunnen vangen.”

Jones vergelijkt zijn teksten graag met de films van David Lynch, van wie hij een groot fan is.

“Als je die ziet, weet je soms niet of je moet lachen of verontrust moet zijn, of het nu komisch of tragisch is. Het is een zwart gevoel voor humor, waar ik erg van hou.”

Achter die humor zit soms wel een serieuze gedachte verscholen.

'I'm too handsome to be homeless, too handsome to be homeless, that's me', luidt het refrein van Too Handsome To Be Homeless. Jones: “Dat gaat over Michael Portillo, een knape Conservatieve politicus van middelbare leeftijd die huisvesting in zijn portefeuille heeft. Er staan veel huizen leeg, waar daklozen in zouden kunnen wonen. Ik wil de luisteraars mijn mening niet opdringen, daarom heb ik er een grappig liedje van gemaakt.”

Jones, die jarenlang werkte bij een klein theatergezelschap, is nog een beetje beduusd van alle aandacht, al is het duidelijk dat hij er vanuit gaat dat dit nog maar het begin is. “Het is nog een beetje wennen. Het gekke is dat je de kans nauwelijks krijgt om er van te genieten, zo snel gaat het allemaal. De ene na de andere lovende recensie, interviews, succesvolle optredens... We zijn er al wat blasé van aan het worden.”

De eerste vijf cd's mogen dan in eigen beheer en in kleine oplagen worden uitgebracht, voor de toekomst richt Jones zich op de grote popmarkt. “Ik wil zo veel mogelijk mensen bereiken met mijn liedjes”, zegt hij. “Zo veel mogelijk platen verkopen. Geld verdienen. Ik zou gek zijn als ik dat niet wilde. Ik heb tien jaar lang dingen gedaan waar ik niets mee verdiende, een uitkering gehad, het wordt wel eens tijd dat ik een auto en een huis kan kopen. En ik zie niet waarom het niet zou lukken. De nummers zijn het waard, ze zijn heel pakkend, hebben goede hooks... We gaan straks eerst twee singles uitbrengen, daar kunnen we risico's mee nemen en afwachten hoe ze het doen. Maar als het album niet in de top tien komt, gaan we ons wel zorgen maken., Jones ziet wel de nadelen van het succes waar hij op uit is. “Ik hou niet van het idee herkend te worden op straat. Als we hits krijgen, zal dat onze levens volkomen veranderen.

Ik zie Jarvis Cocker, de zanger van Pulp, wel eens een kroeg binnenstappen. In een mum van tijd staan er twintig mensen om hem heen.

Daar heb ik geen zin in. Maar ik wil wel zo groot worden als mogelijk is.''