Rapportenkoorts

De kracht van vandaag is de zwakte van morgen, luidt een waarschuwing van adviesbureau Berenschot in een rapport over de ontwikkeling van de podiumkunsten in Nederland. Dat klinkt als een klok, zo'n zinnetje, en dat en nauwelijks meer dan dat is natuurlijk ook de bedoeling. Omgekeerd had de mededeling evenmin misstaan. Het is een kwestie van savoureren. De zwakte van vandaag is de kracht van morgen. Hmmm, niet slecht. 'Gisteren' kan er trouwens ook nog in en dan maar meteen ook 'eergisteren' en 'overmorgen', om het perpetuum mobile van de tijd aan te geven. Het is even afzien, zo'n zin, maar er is onberispelijke waarheid mee verkondigd. Het rapport is klaar en kan de deur uit.

Er heerst rapportenkoorts in het land. Het nieuwe Kunstenplan is in de maak en dat zullen we weten ook. Bijna ieder toneel- en dansgezelschap heeft het beleidsplan voor 1997-2000 gepubliceerd, een nouveauté als ik me niet vergis. Er is veel aandacht besteed aan lay-out en vormgeving en de inhoud is op een goudschaaltje gewogen. Wat vermelden we wel en wat niet, wat is politiek handig te benadrukken en wat kunnen we beter in de kleine lettertjes of annexen onderbrengen? Die vragen steken door het proza heen, men loopt op eieren. Wat moet al dat drukwerk een tijd en energie gevergd hebben!

Een hele stapel heeft zich de afgelopen tijd schoksgewijs gevormd en die ligt naast me en zo af en toe trek ik er iets tussenuit. Ik blader zo eens wat en dat willekeurige bladeren onthult wat bij nauwkeurige lezing misschien wel verborgen zou zijn gebleven. Welk blad ik ook opsla, de begrippen 'kunsteducatie' en 'interculturele samenleving' springen in het oog. Dat was te voorspellen. De staatsecretaris voor cultuur, Aad Nuis, heeft er in zijn nota Pantser of Ruggegraat geen misverstand over laten bestaan dat daar de pijlen wat hem betreft op gericht dienen te worden. En hij beheert de zak met geld en geld is wat de gezelschappen willen.

Wie de nieuwe kernbegrippen bedacht heeft (niet de Raad voor de Kunst voorzover ik weet), doet er niet eens meer toe, het roer moet om. Stond het vorige Kunstenplan nog in het teken van 'internationalisering' en samenwerking met televisie en film, nu wordt daar niet meer over gesproken. De missie is kennelijk volgebracht. En bovendien: de kracht van vandaag is de zwakte van morgen.

Dat wisten en weten we, maar wat lachlust dan wel verbazing wekt is de rituele dans. Al dat papier en al die woorden, wensen en voornemens zijn nauwelijks van belang. Voorbereiding en afwikkeling van een nieuw Kunstenplan vergt een klein jaar maar voor het circus in beweging komt is allang duidelijk welk subsidieverzoek gehonoreerd moet en gaat worden en welk niet. De vorige keer werd, na alle geredekavel en zenuwslopende inspanning van alle betrokkenen, precies zoals te voorzien was geweest alleen Dansproduktie van Bianca van Dillen opgeheven en Trust kreeg een structurele subsidie.

Op wat meningsverschillen na, hebben de afgelopen vier jaar hun eigen consensus voortgebracht. Stel dat Toneelgroep Trust (waarvan ik, zie ik nu, het beleidsplan niet aantref in mijn stapel) met geen woord zou reppen over educatie of migranten-integratie en alleen maar een begroting zou inleveren met een uiteraard overmijdelijk maar kort gemotiveerd verzoek om meer geld - zou Trust het dan kunnen vergeten? Geen sprake van, uitleg verder overbodig.

Advisering en besluitvorming zouden zich moeten concentreren op twijfelgevallen, nieuwe initiatieven en verzoeken om subsidieverhoging. Alle andere subsidiëring wordt voortgezet (precies zoals nu na de rapportenstroom het geval zal zijn) en wie zijn taak niet naar behoren verricht, wordt halverwege het Kunstenplan eens uitgenodigd voor een grimmig onderhoud. Voorts moest er maar eens een eind komen aan de cultuur van beleidsspeerpunten of hoe ze heten mogen en moeten weer alleen artistieke criteria de doorslag geven. Als Nuis educatie van belang vindt dan deelt hij hier en daar maar wat geld uit, maar hij moet er niet de hele kunstwereld mee lastig vallen.

En waarom zouden Nuis en zijn ambtenaren beter weten hoe het er met de samenleving voorstaat dan de kunstenaars? Daarvoor is geen enkele aanwijzing en voor het tegendeel des te meer. Kunst wordt gemaakt door een voorhoede, zoals ze op het ministerie ook wel beseffen, en zij houdt de tijd en de samenleving spiegels voor. Laat haar dan ook haar gang gaan, zou ik zeggen. Nu springt zij even - het is een weinig verheffende aanblik - als een hondje naar de kluif, maar heeft zij die eenmaal, dan doet ze toch weer wat haar goeddunkt.

    • Pieter Kottman