'Groei chips minder spectaculair'; Halfgeleiderdivisie zorgt voor helft Philips-resultaat

EINDHOVEN, 16 FEBR. Toegegeven, alleen wie blind en doof was had vorig jaar geen winst gemaakt met de verkoop van chips. De leveranciers konden de vraag niet aan, klanten stonden in de rij en waren bereid diep in de buidel te tasten voor de onmisbare stukjes micro-elektronica.

“Zonder halfgeleiders kan de wereld niet draaien”, constateerde ook Philips-president Jan Timmer gisteren bij de toelichting op de resultaten in 1995. Die wetenschap leverde zijn produktsector Componenten en Halfgeleiders een omzet op van 10,7 miljard gulden en een resultaat van 2,2 miljard, stijgingen ten opzichte van 1994 met respectievelijk 21 en 40 procent. Daarmee beslaat deze sector nog geen 17 procent van de Philips-omzet, maar hij is goed voor ruim de helft van het concernresultaat. De chipdivisie is met een omzet van 4 miljard dollar (zo'n 6,4 miljard gulden) de grootste component van de produktsector, aldus marktonderzoeker Dataquest.

Doug Dunn (51), groepsraadlid en voorzitter van Philips' chipdivisie, erkent het volmondig: “In 1995 was geld verliezen in chips bijna onmogelijk.” Waarmee niet gezegd is dat winstgevend chips produceren normaal en gemakkelijk is. “We hebben met heel veel mensen heel hard moeten werken. Het was de laatste jaren niet eenvoudig om uit te breiden, nieuwe produkten te ontwikkelen en tegelijk je marges intact te houden.”

Dunn investeerde het afgelopen jaar 1,4 miljard gulden. Dat is ruim half zoveel als in 1994 (900 miljoen) en drieënhalf keer zoveel als hij in 1993 investeerde. Daarvoor had hij alleen de instemming van het bestuur nodig; kasgeld had de divisie zelf ruimschoots voorhanden. Hoe hoog ook de groeicijfers, critici wijzen erop dat Philips de ontwikkeling van de wereldmarkt in het afgelopen jaar niet kon bijbenen. Dunn nuanceert dat graag: op markten waarvoor Philips chips produceert overtrof het bedrijf wel degelijk de gemiddelde stijging.

De toename van de wereldmarkt met een 40 procent, gemeten in dollars, kwam vooral door grote vraag naar geheugenchips, de bulkprodukten waarin met name Zuidkoreaanse en Japanse fabrikanten excelleren. Op de 'Philips-markt', waar het gaat om chips voor specifieke toepassingen (mobiele telefonie, multimedia, geavanceerde teletekst, cd-spelers, 100 Herz-tv's), lag de stijging op gemiddeld 35 procent. “Met een groei van 38 procent, in dollars, hebben wij ons marktaandeel dus kunnen vergroten”, beklemtoont Dunn. “En dat was ons doel.”

Natuurlijk profiteerde Philips “net als de anderen” van het vraagoverschot. “Maar je krijgt het niet cadeau. Dat wij zó winstgevend waren, komt doordat we veel waarde aan onze chips toevoegen. We weten ontzettend veel van verschillende toepassingen. Daardoor ben je in staat met de meest uiteenlopende klanten samen te werken.”

Van die klanten is Philips zelf, met een omzetaandeel dat de afgelopen jaren terugliep en nu stabiliseert op 16 procent, Dunns grootste. Wat hem betreft blijft dat percentage op 15 tot 20. Groter hoeft niet. Dunn gaat er van uit dat de markt voor chips nog jaren stevig blijft groeien. Een spectaculaire stijging als in 1995 blijft echter een eenmalige zaak, meent hij. Teruggang van de voor Philips zo belangrijke divisie naar een bescheidener 20, 25 procent groei, inmiddels duidelijk zichtbaar volgens Dunn, is “geen verrassing en geen probleem.” Dat vraag en aanbod, mede door miljardeninvesteringen van alle grote fabrikanten, dichter bij elkaar komen leidt wel tot druk op de marge. “Dat gebeurt nu al. Het kost ons een procent of twee, drie.”

Om de druk van krappe marges te voelen hoeft Doug Dunn niet te wachten tot de chipmarkt instort. Deze week werd zijn aanstelling bekendgemaakt als voorzitter van de divisie Sound & Vision, kern van Philips' grootste produktsector: consumentenelektronica. Aan de fabricage van audiovisuele apparatuur verdient het concern nauwelijks meer dan droog brood; de markt stagneert, de concurrentie verscherpt, de marges krimpen. Vorig jaar boekte Philips in consumentenelektronica 36 procent van zijn concernomzet en 3 procent van het concernresultaat.

Dunn beschouwt zijn nieuwe functie aan de top van Philips' grootste divisie vooral als een eervolle carrièrestap. “Ik zie het niet als beloning of straf. Ik krijg een belangrijke en interessante taak.”

Hoewel hij onderkent dat de karakteristieken van de markten voor consumentenelektronica en chips sterk verschillen, hoeft dat geen probleem te zijn, meent hij. “Ik kan met mijn achtergrond in technologie, in componenten, wellicht een aantal nieuwe ideeën inbrengen. Ik zie allerlei nieuwe technologieën en nieuwe produkten. Consumenten experimenteren steeds meer met interactieve media en gaan Internet op - wat dat betreft is dit een ideale tijd.”