'Gesjoemel tast geloofwaardigheid van tribunaal aan'

ROTTERDAM, 16 FEBR. “Twee jaar geleden dachten we nog dat er twee rechtszalen moesten zijn in Den Haag voor al die processen rond oorlogsmisdaden in voormalig Joegoslavië die er volgens ons aan stonden te komen. Nu staat die ene zaal al maanden het grootste gedeelte van de tijd leeg.”

Prof.mr. Theo van Boven, hoogleraar internationaal recht van de Rijksuniversiteit Limburg en eerste griffier van het VN-tribunaal voor oorlogsmisdaden in voormalig Joegoslavië, zegt niet optimistisch te zijn dat in de toekomst de zaal vaker in gebruik zal zijn, zeker niet na de onverwachte en haastige 'afvoer' naar Den Haag van twee hoge Bosnisch-Servische officieren afgelopen maandag. De overbrenging mist volgens hem een juridische basis.

Van Boven speelde twee jaar geleden een belangrijke rol bij de oprichting van het tribunaal. Hij legde zijn functie neer omdat deze te weinig inhoudelijk was. Hij zegt het tribunaal nog steeds met grote belangstelling te volgen.

Op de arrestatie zelf van de officieren in Bosnië heeft Van Boven geen aanmerkingen, net zo min als de interventie van Goldstone op 7 februari, toen deze de Bosnische autoriteiten verzocht de twee officieren vast te houden. “Het gaat fout wanneer ze plotseling naar Den Haag worden overgebracht en onder gezag van het tribunaal komen te vallen. Daarover had een plaatselijke rechter moeten beslissen. Zo zijn de regels. Toen vorig jaar een Bosnische moslim in Nederland werd verdacht van oorlogsmisdaden, is hij onder jurisdictie van de Nederlandse autoriteiten gebleven, zolang het tribunaal zijn aanhouding verlangde. Pas nadat een Nederlandse rechter vastgesteld zou hebben dat het tribunaal over voldoende bewijzen tegen de man beschikte, zou hij in hechtenis kunnen zijn genomen door het tribunaal. Het staat in de regels van het tribunaal en het het VN-verdrag voor burgerlijke en politieke rechten.”

De Bosnische moslim die in Zutphen in hechtenis zat, is uiteindelijk wegens gebrek aan bewijs in vrijheid gesteld. De gang van zaken en de beslissing waren ondubbelzinnig. “Ik heb de indruk dat de rechters van het tribunaal zich toch enigszins hebben laten gebruiken in deze zaak en vind het vervelend dat te moeten constateren. Ik vraag me af wat Goldstone gedaan heeft. Er was natuurlijk een politiek probleem in Bosnië en misschien heeft hij bijgedragen aan een oplossing daarvan. Ik vermoed dat het voorstel de officieren naar Den Haag te halen een voorstel van de Amerikaan Holbrooke is geweest.”

De Amerikaanse Bosnië-bemiddelaar was er volgens Van Boven om begrijpelijke redenen alles aan gelegen snel een oplossing te vinden voor aanhouding van de twee officieren, die leidde tot het verbreken van de contacten tussen de NAVO-troepen en de Bosnische Serviërs, na een oproep daartoe van de Bosnisch-Servische generaal Mladic, die zelf door het tribunaal aangeklaagd is wegens oorlogsmisdaden. “Maar los van wie dit uiteindelijk allemaal bedacht heeft, is er altijd al het gevaar geweest dat het tribunaal een verlengstuk zou worden van de Amerikaanse belangen en van Amerikaans beleid. Kort na het begin werden zo'n 25 Amerikanen bij het bureau van de aanklager tewerkgesteld. Ze waren stuk voor stuk uitstekend in hun vakgebied, maar hadden wel nadrukkelijk oog voor de Amerikaanse politiek. Volgens mij was ook Goldstone zich wel bewust van dat gevaar. Daarom bevreemdt mij de gang van zaken zo. De aanklager is de motor van het tribunaal en dus zeer belangrijk. Hij mag de rechters niet voor een fait accompli stellen.”

Maar Van Boven erkent dat het tribunaal zonder de nadrukkelijke steun van de VS allang zou zijn gemarginaliseerd. “Dat is een probleem. De steun van Frankrijk en Groot-Brittannië aan het tribunaal is vrijwel nihil. De politieke steun die het tribunaal van de VS krijgt is daarentegen uiterst groot. Voor alles wat Bosnië betreft geldt dat zonder de steun van de Amerikanen weinig tot niets veranderd zou zijn in de situatie daar.”

Over de toekomst van het tribunaal is Van Boven niet optimistisch. Dat slechts één van de in totaal 52 aangeklaagde personen, de Bosnische Serviër Dusko Tadic, in de cellen van het tribunaal wacht op zijn rechtszaak, noemt hij “traumatisch”, mede omdat zijn procesgang maar niet wil vlotten. “Het is opvallend dat het begin van zijn zaak zo lang is uitgesteld, met alle respect natuurlijk voor de verdediging die daarom verzocht heeft omdat er zo weinig medewerking is van de autoriteiten in Bosnië. Maar ik zou er op hebben aangedrongen het proces eerder te laten beginnen. In de zaak Tadic zijn een paar calamiteiten voor het tribunaal denkbaar: hij ontsnapt uit de gevangenis - wat moeilijk is want het cellenblok van het tribunaal in de Scheveningse gevangenis wordt goed bewaakt - of hij moet om procedurele redenen worden vrijgelaten, bijvoorbeeld omdat de verdediging een motie indient dat het proces niet met equal arms (gelijke wapenen) gevoerd kan worden.”

Ook de gang van zaken rond de twee officieren brengt het tribunaal volgens Van Boven in gevaar. “Op korte termijn betekent het winst: de schijnwerpers staan op het tribunaal gericht, het krijgt weer enig aanzien. Maar gesjoemel met regels en conventies tast de geloofwaardigheid aan en geeft voer aan de tegenstanders. Het tribunaal 'opblazen' is overigens moeilijk, maar de VN zouden bijvoorbeeld de financiering kunnen terugdraaien en het zo een zachte dood laten sterven.”

    • Z.C.A. Luyendijk