Een revue-komiek, maar zonder revue

Voorstelling: Pendelen, door Reinder van der Naalt. Gezien: 13/2 in de Kleine Komedie, Amsterdam.

Aldaar t/m 17/2; tournee t/m 11/5.

Waar het deze keer in vredesnaam over zou moeten gaan, vraagt Reindert van der Naalt zich af aan het begin van zijn tweede avondvullende voorstelling. Die vraag is begrijpelijk: de actualiteit laat hij buiten beschouwing (op één woordspelinkje over het KNVB-sportnet na), de grote maatschappelijke thema's behandelt hij evenmin, de autobiografische humor laat hij weg en de politiek blijft eveneens onbesproken.

Het is zelfs de vraag of hij cabaretier mag heten. Een komiek is hij eigenlijk; spitser, sneller en veel fijnmaziger - noem het cabaretesker - dan iemand als André van Duin, maar al bijna net zo bedreven in het stapelen van grap op grap tot de weerloze hilariteit erop volgt.

Van der Naalt debuteerde twee jaar geleden met het verrassend grappige Volg de pijlen en zet die lijn onverminderd voort in Pendelen.

Hij draagt nu ook zo'nkwiek vlinderdasje dat vroeger altijd tot het werktenue van de conférencier behoorde, en op zijn gezicht staat af en toe de komische verbazing van John Lanting te lezen. Zijn programma is opgebouwd uit encyclopedische wetenswaardigheden op populair-wetenschappelijk gebied, waarmee hij aan het fantaseren slaat. Zo maakt hij aanschouwelijk hoe de evolutie in zijn werk is gegaan, hij speelt een slapstick-versie van een tv-operatie, demonstreert de warboel aan afstandsbedieningen die een mens tegenwoordig in huis heeft, doet heel goed na hoe een fast forward doorgespoelde geluidsband klinkt en valt zichzelf bij herhaling in de rede voor zotte terzijdes. Bovendien toont hij zich een bedreven typetjesmaker in een heuse dokterswachtkamersketch - des te meer reden om hem een revue-komiek zonder revue te noemen.

Vrolijke onzin is het allemaal, danig flauw soms ook, maar zo snel geschakeld en zo ontwapenend pretentieloos dat ik er een buitengewoon vermakelijke avond aan had.

    • Henk van Gelder