Wachtgelders in de houdgreep

Jarenlang hebben de universiteiten hun wachtgelders ongestoord hun onderzoek laten voortzetten. Sinds ze op de begroting drukken, dienen de wegbezuinigde academici hun weg naar de arbeidsmarkt alsnog te vinden.

Al meer dan twintig jaar publiceert de socioloog Cas Wouters over 'informalisering', de losser wordende omgangsvormen in deze eeuw. Hij schreef boeken en artikelen over rouwen en sterven, over het huwelijk, en over etiquette. De laatste tien jaar met steeds meer succes, zegt hij. Zijn werk wordt geciteerd in Nederlandse en internationale wetenschappelijke tijdschriften, hij wordt uitgenodigd op congressen om over zijn onderzoek te spreken, en is referee van het internationale tijdschrift Theory, Culture and Society. Wouters is “een originele en vindingrijke socioloog”, zegt prof.dr. A. de Swaan. “Hij is een van de meest geciteerde Nederlandse sociologen in het buitenland.” “Op mijn publicatielijst zou menig hoogleraar jaloers zijn”, zegt Wouters zelf. Maar Wouters is geen hoogleraar en ook geen fulltime wetenschappelijk medewerker. Hij heeft slechts een 'minibaan' van één dag per week. Al negen jaar schrijft hij de meeste van zijn publicaties als werkloze.

Daaraan dreigt binnenkort een einde te komen. Wouters moet stoppen met zijn sociologisch onderzoek, hij moet gaan solliciteren op ongeschoold werk. Desnoods gaat hij maar kantoren schoonmaken, vindt USZO, de organisatie die namens de universiteiten de wachtgelden, de werkloosheidsuitkering voor ambtenaren betaalt. Anders wordt zijn inkomen gekort. Het arbeidsbureau in Amsterdam duwt hem een andere kant op. Hij moet zijn 'universitaire expertise freelance commercieel gaan uitbaten', vindt zijn 'persoonlijke coach' die bezig is met zijn 'trajectbegeleiding' naar de arbeidsmarkt. Hij mag in geen geval zijn tijd verdoen met publiceren. En werkt hij niet mee, dan dreigt er korting op zijn uitkering.

“Ik voel me opeens in de houdgreep genomen”, zegt Wouters. Jarenlang was er niets aan de hand. Ook al was hij in 1987 bij een grote bezuinigingsoperatie ontslagen door de Universiteit Utrecht en hield hij een baan van slechts een dag per week over, hij ging vijf dagen per week verder met zijn onderzoek. Jarenlang, zonder dat daar enige sanctie op volgde, of zelfs maar boze brieven van de uitkeringsinstantie. Hij bleef ongestoord publiceren - met de directeur van de vakgroep Sociale Wetenschappen sloot hij zelfs een overeenkomst voor het gebruik van een kamer.

Totdat het arbeidsbureau hem opnam in het 'Project bestandsbeheer wachtgelders' voor langdurig werklozen. Zijn pogingen om een baan te vinden waren waarschijnlijk 'niet efficiënt genoeg', aldus de uitnodigingsbrief. Met een 'individuele coach' of in 'groepsgewijze sessies' moest hij 'zijn traject naar de arbeidsmarkt gaan uitstippelen', misschien wel naar 'heel ander soort werk dan hij altijd had gedaan'. Wouters was verbaasd. Natuurlijk probeerde hij zelf wel een andere baan te vinden. “Maar die zijn er gewoon niet meer in mijn vakgebied. Die worden alleen maar verder wegbezuinigd.” Hoofd Personeel en organisatie van de faculteit Sociale Wetenschappen F. Cortenbach bevestigt dat. “We hebben een financieel tekort, en de budgetten worden steeds kleiner.” Ander werk kan Wouters helemaal niet vinden: “Ik ben 52, en werk al dertig jaar in dit vakgebied. Ik ben toch veel te oud om nog te worden omgeschoold? Geen werkgever wil mij nog hebben.”

Genoeg mogelijkheden

Maar volgens het arbeidsbureau zijn er voor Wouters mogelijkheden genoeg. Als hij zich maar soepel opstelt. Kon hij bijvoorbeeld niet zijn kennis 'commercieel gaan uitbaten' op de 'groeimarkt van de dood'? Concrete voorstellen kwamen er niet. “Ook al zag ik niet zoveel groei op de markt van de dood, ik had wel een paar voorstellen voor commerciële cursussen. Maar toen ik vroeg of daarvoor misschien een startsubsidie was, was het antwoord nee. Wat moet ik dan? Begeleiding zou ik dit niet willen noemen.”

Een verzoek om ontheffing van deelname wees DUO, de uitkeringsinstantie, af. Zijn werkloosheid nam 'zodanige vormen aan dat de methoden om werk te zoeken via contacten en netwerken wellicht aanpassing behoeven'. Enkele maanden later volgde zelfs een strafkorting op zijn uitkering. Wouters 'stelde zich niet ruim en flexibel genoeg' op. En iemand die zo lang werkloos was als hij, waarschuwde DUO, moet ook ongeschoold werk aannemen, bijvoorbeeld schoonmaakwerk. Pas als hij ouder is dan 57,5 jaar, hoeft hij niet meer te solliciteren. “Ik wou dat ze me gewoon met rust lieten”, zegt Wouters. “Ze kunnen me mijn baan wel afnemen, maar mijn werk nooit. Ik ben in al die jaren vergroeid met mijn werk. En zolang ik nog geen andere baan heb gevonden, blijf ik mijn werk doen.”

De wachtgelduitkeringen voor ontslagen onderwijspersoneel zijn al jaren een groot financieel probleem voor het ministerie van Onderwijs. Vorig jaar ontvingen de bijna 40.000 wachtgelders in alle onderwijssectoren tezamen 1,1 miljard gulden. Ondanks maatregelen van Ritzen die sinds 1985 elk jaar de uitgaven voor wachtgeld met 10 procent per jaar ziet stijgen. Zo moeten de universiteiten sinds 1991 zelf deze uitkeringen betalen. Als universiteiten zelf voor de kosten opdraaien, redeneerde de minister, zullen ze zich meer inspannen hun ex-werknemers er toe te zetten een andere baan te zoeken of zich om te scholen.

In maart 1994 werd die druk op wachtgelders nog groter. Toen werd de wachtgeldregeling 'marktconform', met dezelfde regels als de werkloosheidsuitkering voor niet-ambtenaren. De sollicitatieplicht werd strenger, met een 'glijdende schaal van passende arbeid'. Dat betekent dat na twee jaar wachtgeld een academicus kan worden gedwongen ongeschoold werk te accepteren. Doet hij dat niet, dan wordt op zijn uitkering gekort. Bovendien wordt nu een groter deel van de inkomsten uit ander werk op de wachtgelduitkering ingehouden. Voor de werklozen die al vóór 1994 wachtgeld ontvingen, gelden de strengere regels vanaf 1 januari van dit jaar.

Wouters is niet de enige die na lange tijd wachtgeld te hebben ontvangen zonder enige beperking, opeens onder druk wordt gezet. De helft van de 8.000 universitaire wachtgelders heeft al jaren een wachtgelduitkering, schat R. Brons, plaatsvervangend directeur van de Verenigde Samenwerkende Nederlandse Universiteiten (VSNU). Ze zijn ontslagen bij een van de grote bezuinigingsoperaties van de jaren tachtig, en meestal ouder dan 50. “Het is voor hen uitermate moeilijk nog een baan te vinden. En het is ook geen oplossing hen te dwingen lager geschoold werk te gaan doen, dan krijg je een enorme verdringing op de arbeidsmarkt.” Toch is het in het belang van de universiteiten dat deze werklozen zo snel mogelijk werk vinden. Want de universiteiten komen samen elk jaar ongeveer 20 miljoen gulden tekort op het budget dat zij van het ministerie voor wachtgelden krijgen.

Trajectbegeleiding

In overleg met de universiteiten probeert de USZO, de instantie die het wachtgeld uitkeert, daarom samen met het arbeidsbureau wachtgelders aan een baan te helpen. Op een lager niveau, of op een andere 'markt'. Sommige universiteiten huren 'outplacementsbureaus', andere geven samen met het arbeidsbureau in omscholingscursussen en 'trajectbegeleiding', zoals bijvoorbeeld bij het arbeidsbureau in Amsterdam.

Daar zijn de 'projectbegeleiders' redelijk hoopvol over de mogelijkheden voor werkloze academici op 'nieuwe arbeidsmarkten'. Het is niet de makkelijkste groep om te 'bemiddelen', maar dat komt ook doordat zij “te ver verwijderd zijn van de arbeidsmarkt”, zegt M. Bron, sectorhoofd Punt personeelsvoorziening onderwijs van het arbeidsbureau in Amsterdam. Van de 500 deelnemers aan het 'project bestandsbeheer wachtgelders' hebben 244 een baan gevonden, waarvan de meeste in deeltijd, bijvoorbeeld als 'helpdeskmedewerker' of als 'junior programmeur' bij ABN/Amro. “Het ligt voor 75 procent aan de flexibiliteit van de persoon”, zegt Bron. “Iemand die bijvoorbeeld als onderzoeker bij Nieuw Grieks heeft gewerkt, kan misschien bij een reisorganisatie als gids aan de slag. Maar je moet ook bereid zijn om voor een lager salaris ander werk te gaan doen. En een intensieve begeleiding van het arbeidsbureau kan daarbij helpen.” Toch moest Bron over 10 procent van de deelnemers aan USZO melden dat ze weigerden met het project mee te doen.

Dat veel wachtgelders moeite hebben met de verplichte 'trajectbemiddeling' en controle op sollicitaties kan Bron zich wel voorstellen. “Vroeger hebben werklozen het wachtgeld beschouwd als een riante voorziening, waarmee ze als een soort vrijwilliger aan de universiteit konden blijven doorwerken. Maar nergens is ooit vastgelegd dat ze daar recht op hadden. En nu wordt gezegd dat dat niet meer mag, en dat ze toch echt naar werk moeten gaan zoeken, schrikken ze opeens.” Maar vreemd is die verplichting niet, vindt ze. Elke werkloze moet proberen 'zijn werkloosheidssituatie op te heffen'. “En dat is ook wat de uitkerende instantie wil. Die wil echt niet dat hoogleraren gaan schoonmaken, maar wel dat iedereen zijn best doet iets te zoeken. Dat moet een werkloze 50-jarige lasser tenslotte ook.”

USZO zal de controle op solliciteren uitbreiden, “al hebben we niet de illusie dat mensen eerder een baan vinden als wordt gedreigd met korting”, zegt de woordvoerder. Het is belangrijker dat wachtgelders door deelname aan 'trajectbemiddeling' een 'stuk zelfvertrouwen' terug krijgen, doordat ze merken dat ze ook buiten het onderwijs aan de slag kunnen. “Wij hebben daar een breder perspectief op. We begeleiden ook WAO'ers die zijn herkeurd terug naar de arbeidsmarkt.”

Veel meer wachtgelders komen straks in de houdgreep van USZO en de arbeidsbureaus, vreest Y. Scheepers, juriste bij VAWO, de vereniging van academici in het wetenschappelijk onderwijs. De druk die op wachtgelders wordt uitgeoefend noemt ze 'asociaal'. “Jarenlang konden ze gewoon bij de universiteit blijven, daarmee zijn verwachtingen gewekt. Dat is ook altijd door het arbeidsbureau gedoogd. Nu moeten ze opeens van alles.” Een wachtgelder kan zich volgens Scheepers het beste opstellen als een grijze muis. “Zorg dat alles klopt; vul op de formulieren altijd in dat je hebt gesolliciteerd. Werk vooral niet tegen. Als je eenmaal de aandacht hebt getrokken, krijg je last.”

Maar of Wouters nog verder wordt begeleid in zijn 'traject naar de arbeidsmarkt' is onduidelijk. Onlangs kreeg hij een brief van het arbeidsbureau dat het 'project bestandsbeheer wachtgelders' tijdelijk is beëindigd. Zo snel er nieuwe subsidie is, zullen wachtgelders opnieuw persoonlijk worden 'begeleid naar de arbeidsmarkt'.

Dat zal waarschijnlijk in de toekomst strenger worden dan voorheen. In een nieuw contract dat het ministerie van Onderwijs gisteren met de arbeidsbureaus heeft gesloten, is vastgelegd dat ook HBO-raad en universiteiten meebeslissen over de budgetten voor omscholing en bemiddeling. Deze hebben er veel financieel belang bij dat wachtgelders zo snel mogelijk een andere baan vinden, wat voor baan dat dan ook mag zijn.